nieuws

Doorbraken krijg je met simpele oplossingen

bouwbreed

Het wordt hoog tijd dat Nederland het stoutste jongetje in de Europese aanbestedingsklas wordt. Het is jammer vast te moeten stellen dat Nederland echter steeds braver wordt, ondanks dat opdrachtgevers de �pakkans voor overtreding� als klein beschouwen en opdrachtnemers het niet naleven van de regels nauwelijks aanvechten. In dezelfde week dat het ministerie van Defensie […]

Het wordt hoog tijd dat Nederland het stoutste jongetje in de Europese aanbestedingsklas wordt. Het is jammer vast te moeten stellen dat Nederland echter steeds braver wordt, ondanks dat opdrachtgevers de �pakkans voor overtreding� als klein beschouwen en opdrachtnemers het niet naleven van de regels nauwelijks aanvechten.

In dezelfde week dat het ministerie van Defensie het wijs vond het vliegtuigonderhoud aan Italianen te gunnen terwijl het kabinet juist in zijn innovatie-agenda had gekozen voor een speerpuntbenadering op vliegtuigonderhoud, mocht ik aanschuiven bij een discussie over innoveren in de infrastructuur. Al snel moesten we vaststellen dat ze niet alleen in de war zijn op het ministerie van Defensie. Veel publieke opdrachtgevers zijn alleen geïnteresseerd in de laagste prijs, staan geen alternatieven toe en mopperen tegelijkertijd dat bouwondernemers niet willen innoveren.

Bouwondernemers stellen op hun beurt weinig mogelijkheden te zien om in een prijsmarkt ingrijpend te innoveren. De conclusie dat infra-ondernemers zich moeten concentreren op prijsconcurrentie en dat innoveren zich vooral richt op de efficiency van interne processen en het op prijs inkopen van onderaanneming en materiaal, dringt zich daarmee op.

Het perspectief voor infra-ondernemers is dan scherp inschrijven, sterk sturen op meerwerk en een fixatie op lage kosten. Daar is niets mis mee, maar val zo�n sector vervolgens niet lastig met een innovatie-agenda. Maar ja, dat willen we natuurlijk ook weer niet. Het dominante denken spreekt immers van publiek-private samenwerking, nieuwe contractvormen, prestatiecontracten en eindproductgaranties.

Doorbraken krijg je alleen met simpele oplossingen. Als we in Nederland slimmer wegen, bruggen en kanalen willen produceren en een hogere kwaliteit-prijs willen, dan veronderstelt dat selectiemechanismen die dat uitlokken. Hans Wijers noemde dat tijdens zijn ministerschap uitdagend opdrachtgeverschap. In de infra betekent dat dat je selecteert op een combinatie van factoren: prijs, duurzaamheid, maatschappelijke kosten en baten (milieu, hinder, overlast), realisatiesnelheid, productkwaliteit (inclusief garanties) en natuurlijk past performance (waar we ook gemakshalve �integriteit� onderbrengen). Bovendien zorg je er voor dat er een stuwmeer is aan kleine projecten, waar nieuwe producten en technieken kunnen worden uitgeprobeerd. Hier krijgen slimme aanbieders een kans hun producten of technieken verder te ontwikkelen en hun concurrentievoordeel te vergroten. Dat vergt dan wel dat de Europese aanbestedingsplicht pragmatisch wordt gehanteerd: werken worden natuurlijk geknipt, de drempelbedragen worden royaal geïnterpreteerd (en niet tot ridicule bedragen verlaagd) en alles onder de drempelbedragen wordt bij voorkeur gegund via onderhandse aanbestedingen (maximaal aantal van 5 – bij voorkeur: nationale – deelnemers; selectie in ronden). En voor grote werken waar Europees aanbesteden onvermijdelijk is, wordt consequent geselecteerd op de 6 genoemde factoren, wordt expliciet om alternatieven gevraagd en worden procedures gehanteerd die zo snel mogelijk tot een beperkt aantal serieuze inschrijvers leiden. Onze nationale aanbestedingsautoriteit ziet er – als sluitstuk – op toe dat publieke opdrachtgevers zich aan deze spelregels houden. Alleen als de huidige innovatiebelemmerende toepassing van aanbestedingsregels doorbroken wordt, heeft een debat over een innovatie-agenda van het bouwbedrijfsleven zin.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels