nieuws

Strategisch plan

bouwbreed

De prognoses voor de bouwproductie in de komende jaren wijzen niet op een onstuimige groei. Dat zou ook niet kunnen, want verschillende bepalende determinanten voor de vraag naar bouwproductie wijzen in tegengestelde richting. Een belangrijke pijler onder de ontwikkeling van de vraag naar bouwproducten is de bevolkingsgroei. Deze is van beperkte betekenis en zal er […]

De prognoses voor de bouwproductie in de komende jaren wijzen niet op een onstuimige groei. Dat zou ook niet kunnen, want verschillende bepalende determinanten voor de vraag naar bouwproductie wijzen in tegengestelde richting. Een belangrijke pijler onder de ontwikkeling van de vraag naar bouwproducten is de bevolkingsgroei. Deze is van beperkte betekenis en zal er toe leiden, dat de vraag naar uitbreiding van de voorraad bouwwerken een steeds geringere invloed heeft. Voortgaande economische groei biedt kans op groei in de bouw. Meer vraag naar kwaliteit zal de levensduur van bestaande bouwwerken bekorten en tot een stijging van de vervangingsvraag leiden. De bevolkingsgroei leidt om het zo aan te duiden tot een autonome vraag naar woningen, scholen, ziekenhuizen, kantoren en infrastructuur. Weliswaar zijn de economische mogelijkheden sterk bepalend, de bevolkingsgroei legt als het ware een bodem in de markt.

Bedrijven die een strategie voor de toekomst willen uitstippelen houden in hun plan rekening met de genoemde factoren. Zij zijn bovendien op de hoogte van de geringe groeipercentages die gemiddeld voor de bouwproductie gelden. Ondernemers die op echte groei mikken kiezen daarom voor overnames van andere bedrijven. Groei van de omzet door het in huis halen van andere ondernemingen moet de groei door eigen inspanningen aanvullen. De eigen inspanning levert de autonome groei. Een groei van betekenis kan alleen

maar door het kopen van omzet. Bij het realiseren van autonome groei, is het de een zijn dood, ander zijn brood. Als je door fusies en overnames meer van hetzelfde in huis hebt gehaald, ben je nog niet zeker van je zaak. Zullen de deelmarkten zich in dezelfde richting ontwikkelen? In hoeverre is het te verwachten dat

de deelmarkten zich niet parallel ontwikkelen, maar door verschillen juist compenserend? Is de gang van zaken in verschillende regio�s vergelijkbaar of juist niet? Een ander vraagstuk is de continuïteit op korte termijn. De ultrakorte termijn, de continuïteit binnen het jaar laat ik dan maar buiten beschouwing. Het uitbannen van de invloed van weersomstandigheden is daarbij het belangrijkste fenomeen. De continuïteit op korte termijn heeft vooral een relatie met een mogelijk verschil in ontwikkeling in de verschillende deelsectoren van de bouwmarkt. Met andere woorden, als het minder goed gaat in de woningbouw, gaat het dan ook niet goed in de utiliteitsbouw? Sommige bedrijven hebben nog andere vragen. Als je kiest voor een integratie met de bouwstoffenmarkt of de bouwmaterialenhandel of juist met het ontwerpende bouwbedrijf, word je dan minder kwetsbaar? Kan met andere woorden de malaise in het ene deel van de markt worden opgeheven of beperkt door een voorspoedige ontwikkeling in een ander marktsegment?

Onderzoek wijst uit, dat dit niet het geval is. Van de verschillende determinanten die uiteindelijk de vraag naar bouwproductie bepalen werken de voornaamste op gelijke wijze uit op de verschillende deelmarkten. Er is natuurlijk een faseverschil, afhankelijk van de positie in het bouwproces. Krimpende ontwerpportefeuilles leiden later tot minder bouwproductie. De meeste kans op continuïteit van de vraag naar bouwproductie ligt in het onderhoud. Een goede tweede is herstel en verbetering. Nieuwbouw blijft interessant, maar moet in toenemende mate worden gezien in samenhang met sloop van onderdelen van de voorraad. Veel meer smaken zijn er niet. Meer zekerheid voor de toekomst is dus moeilijk te bereiken. Ontwerpactiviteiten, maar ook bouwmaterialenleveranties kennen in principe dezelfde conjuncturele schommelingen als de bouwproductie.

Het is niet voor niets dat onder de noemer van het facilitaire management contracten voor langere termijn worden nagestreefd, waarin het onderhoud voor bouwbedrijven centraal staat. Zelfs de vraag naar onderhoudswerk onttrekt zich overigens niet altijd aan een conjuncturele dip.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels