nieuws

Aanbestedingsgeschillen gewone rechter in spotlights

bouwbreed

den haag – Volgende maand heeft het symposium Aanbestedingsgeschillen: over de beperkingen van de gewone rechter plaats*. Op het symposium worden de eventuele beperkingen van de beslechting van aanbestedingsgeschillen door de gewone rechter in kaart gebracht en oplossingen aangedragen voor verbetering van de situatie op nationaal en Europees niveau.

Een steeds groter deel van de aanbestedingsgeschillen wordt tegenwoordig beslecht door de gewone rechter, meestal in kort geding. Dat is deels een gevolg van het feit dat naar aanleiding van de aanbevelingen van de Parlementaire Enquêtecommissie Bouwnijverheid een wijziging is aangebracht in veel geschillenclausules, waaraan voorheen de Raad van Arbitrage bevoegdheid ontleende. Voor een ander deel komt dat omdat in andere sectoren dan de bouw meer wordt geprocedeerd over aanbestedingen.

In deze jurisprudentie lijkt een tendens waarneembaar dat de voorzieningenrechter alleen evidente schendingen zelf kan afdoen en voor complexere vragen moet verwijzen naar een bodemprocedure.

Als gevolg van het toenemende gebruik van complexere contractvormen, waarbij in de aanbesteding gebruik wordt gemaakt van het criterium van de economisch meest voordelige inschrijving, zal tegelijkertijd de behoefte van rechtszoekenden aan deskundige beoordeling van de aanbestedingsbeslissing groter worden. Van een volledige toetsing van de aanbestedingsbeslissing lijkt dan steeds minder sprake te zijn; terwijl juist een effectieve rechtsbescherming noodzakelijk is om de naleving van het aanbestedingsrecht te verbeteren.

Met het oog op de binnenkort te verschijnen ontwerp-raamwet Aanbesteden en de door de Europese Commissie voorbereide evaluatie van de rechtsbeschermingsrichtlijn(en) is de vraag naar de gewenste rechtsgang bij aanbestedingen uiterst actueel. Daarbij behoren vragen over termijnen, kosten, vertrouwelijkheid, marginale of volle toetsing, gebruik van deskundigen, hoger beroep, voeging van belanghebbenden etcetera, onderzocht te worden alvorens te kunnen concluderen dat de standaard kort geding procedure van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering ook als bijzondere rechtsgang voldoet.

Is een gespecialiseerde aanbestedingskamer gewenst om een snelle procedure te garanderen en om het aanzienlijke risico van marginale toetsing te vermijden, of zijn er geheel andere oplossingen denkbaar en wenselijk? Deze en andere vragen komen aan bod op dit symposium, met als doel de eventuele beperkingen van de beslechting van aanbestedingsgeschillen door de gewone rechter in kaart te brengen en oplossingen aan te dragen voor verbetering van de situatie op nationaal en Europees niveau.

Bijdragen komen onder anderen van mr. R.G.T. Bleeker (Rozemond Van Ramshorst Smit), mr. J.C. Boonstra (ministerie van Justitie), prof. mr. C.E.C. Jansen (VU Amsterdam, plaatsv.-rechter Rb. Den Bosch), mr. dr. E.R. Manunza (VU Amsterdam), mr. E.H. Pijnacker Hordijk (De Brauw Blackstone), mr. B.C. Punt (coördinerend vice-president Rechtbank Den Haag), prof.mr. M. Scheltema (regeringscommissaris, voormalig voorzitter WRR), mr. P. Stuyt (Pels Rijcken Drooglever & Fortuyn), mr. I.W. VerLoren van Themaat (Houthoff Buruma), en andere toonaangevende wetenschappers en leden van de rechterlijke macht.

* Het symposium wordt gehouden in het World Trade Center Amsterdam, op 27 april van 09.00 – 17.30 uur. Het volledige programma van het symposium en de mogelijkheid tot aanmelden is te vinden op www.rechten.vu.nl/vula.

Voorzieningenrechter kan alleen evidente schendingen afhandelen

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels