nieuws

Bundeling en versnippering

bouwbreed

Het was een verwarrende ervaring. Twee weken geleden was ik bij de opening van de expositie ‘Stad noch land’ in het Nederlands Architectuurinstituut. Centrale boodschap: het onderscheid tussen stad en land vervaagt in snel tempo en Nederland kent steeds meer gebieden die stad noch land zijn. Eén week geleden bezocht ik een congres over ‘bundeling’ als één van de centrale doelen van het ruimtelijk beleid; het congres waar ook Fred Schoorl afgelopen dinsdag over schreef. Centrale boodschap: de overheid slaagt erin het platteland vrij te houden van bebouwing door deze in en rondom de steden te bundelen. Waar de expositie liet zien dat er van bundeling maar heel weinig terecht komt en dat vooral de Randstad in snel tempo dichtslibt, moest ik op de conferentie begrijpen dat het bundelingsbeleid een succes is. Verwarrend, vooral als je op beide bijeenkomsten het woord moet voeren.

Het was een verwarrende ervaring. Twee weken geleden was ik bij de opening van de expositie ‘Stad noch land’ in het Nederlands Architectuurinstituut. Centrale boodschap: het onderscheid tussen stad en land vervaagt in snel tempo en Nederland kent steeds meer gebieden die stad noch land zijn. Eén week geleden bezocht ik een congres over ‘bundeling’ als één van de centrale doelen van het ruimtelijk beleid; het congres waar ook Fred Schoorl afgelopen dinsdag over schreef. Centrale boodschap: de overheid slaagt erin het platteland vrij te houden van bebouwing door deze in en rondom de steden te bundelen. Waar de expositie liet zien dat er van bundeling maar heel weinig terecht komt en dat vooral de Randstad in snel tempo dichtslibt, moest ik op de conferentie begrijpen dat het bundelingsbeleid een succes is. Verwarrend, vooral als je op beide bijeenkomsten het woord moet voeren.
In een column moet je de spanning langzaam opbouwen. Ik zal dus niet meteen zeggen welk van de twee standpunten mijn sympathie heeft. Laat ik eerst eens enkele observaties neerleggen. Voorop staat dat bundeling van menselijke activiteiten een natuurlijk proces is, evenals de ruimtelijke neerslag daarvan. Mensen zoeken werk en kiezen hun woonplek derhalve op een bereikbare afstand van bedrijven. Bedrijven profiteren van elkaars nabijheid. Voorzieningen kunnen alleen bestaan bij de gratie van veel mensen en omgekeerd gaan veel mensen daar
wonen waar veel voorzieningen zijn. Veel bundeling gaat derhalve bij wijze van spreken vanzelf. Je hebt er geen overheid voor nodig. Wel is het zo dat de toegenomen welvaart en het algemene bezit van een auto er de afgelopen decennia toe hebben geleid dat afstanden gemakkelijker kunnen
worden overbrugd. Tegenwoordig kunnen we het ons daardoor veroorloven om op enige afstand van het werk te wonen. En dan is niet alleen clustering van activiteiten, maar ook versnippering van de ruimte het gevolg.
Het is dus goed dat de overheid ter bescherming van de open ruimte menselijke activiteiten is gaan bundelen. Maar zoals het wel vaker gaat in de politiek, het begrip ‘bundeling’ heeft gaandeweg verschillende betekenissen gekregen. Bij uitstek draait het bij bundeling nog steeds om het concentreren van nieuwbouw – zowel van woningen als van bedrijven – in en rond de steden. Maar ook het ontwikkelen van groeikernen als Zoetermeer, Spijkenisse, Purmerend en Almere wordt ‘bundeling’ genoemd, zij het op grotere afstand van de oorspronkelijke steden. En hetzelfde geldt voor het realiseren van nieuwbouw rondom de nieuwe knooppunten van infrastructuur.
Zo is de ontwikkeling van bedrijventerreinen op knooppunten van snelwegen op de tentoonstelling ‘Stad noch land’ een voorbeeld van versnippering, terwijl de bundelingsdenkers hierin mogelijk een voorbeeld van bundeling zien. Zelfs de nieuwe Vinexwijken aan de randen van de steden zijn in de ogen van de één ‘stad noch land’ en in de ogen van de ander een voorbeeld van succesvol bundelingsbeleid. Versnippering en verrommeling zijn bundeling!
Daarmee is het begrip ‘bundeling’ vooral een onduidelijk begrip. Als elk nieuw bedrijventerrein langs de snelweg kan worden opgevat als – een succes van – bundeling, heeft het begrip zijn onderscheidende vermogen voor een belangrijk deel verloren. Dan kan ook iedereen de stelling ‘dat bundeling werkt’, moeiteloos onderschrijven. Het boeiende is dat de expositie over ‘stad noch land’ in feite dezelfde conclusie trekt ten aanzien van de begrippen ‘stad’ en ‘land’.
Bundeling, stad en land zijn geen onderscheidende begrippen meer voor het hedendaagse Nederland, met name voor het westen van het land. Wie daaruit de conclusie trekt dat ook het ordenen van de ruimte geen zinnige activiteit meer zou zijn, heeft er niets van begrepen. Al die snelle ruimtelijke ontwikkelingen vragen juist om ordening, en vormen vaak zelfs het bewijs van een tekort aan ordening.
De snelle ontwikkelingen die Nederland doormaakt, vragen erom dat we de ruimtelijke kwaliteiten van ons land beter behouden en verder vergroten. Maar dan moeten we die kwaliteiten wel preciezer benoemen.
Prof.dr. Wim Derksen
Directeur van het Ruimtelijk Planbureau, Den Haag
column@rpb.nl

Reageer op dit artikel