nieuws

Begrip mvo leeft niet in de bouwsector

bouwbreed Premium

De bouw beheerst al jaren vele aspecten van maatschappelijk verantwoord bouwen maar is zich er nauwelijks van bewust. Bovendien valt er geld mee te verdienen.

De aannemer die het kinderspeelplaatsje om de hoek voor nop opknapt, is bezig met maatschappelijk verantwoord ondernemen (mvo). Hetzelfde geldt voor legio bouwbedrijven die de plaatselijke voetbalclub sponsoren of hout ter beschikking stellen voor de jaarlijkse boomhuttenbouwweek. Dat beseffen ze echter nauwelijks.
De aannemer die alleen maar duurzame materialen toepast, gebruikt dat op zijn best als marketinginstrument, maar is net zo hard met mvo bezig. Het blijkt uit onderzoek van het Economisch Instituut voor de Bouwnijverheid (EIB) dat bijna alle bedrijven iets met mvo doen. Zo staat bij 92 procent goede en veilige arbeidsomstandigheden hoog in het vaandel en steunt meer dan driekwart goede doelen.
Maar het kan beter, vindt Bouwend Nederland. Niet zo veel bouwbedrijven maakt van alle drie de P’s (People, Planet, Profit) van mvo werk. Daarom is het voorstel van BAM om mvo te betrekken in aanbestedingen een goed initiatief.
Via een systeem van selectie- en gunningscriteria die op een of andere manier meewegen, worden op zijn minst bouwbedrijven gepusht om integraler naar het onderwerp mvo te kijken.
De directeur van MVO Nederland Willem Lageweg liet dinsdag tijdens de BAM-bijeenkomst over mvo nog eens horen waarom bedrijven aan mvo doen. Een eerste groep doet het noodgedwongen naar aanleiding van problemen in een sector. Dan heb je een ethische groep die het doet omdat het hoort. Een derde groep doet het vanwege persoonlijke normen en waarden die zij willen laten doorklinken in het bedrijfsbeleid.
“Een nieuwe steeds groeiende groep doet aan mvo omdat het loont. Het leidt tot kostenreducties en kan leiden tot meer omzet. Een bedrijf als Philips heeft inmiddels 2 miljard omzet uit zogenoemde Green Flagships als de spaarlamp”, aldus Lageweg
BAM-bestuurder Nico de Vries schetste de problemen waar bedrijven tegen aanlopen. Met name speelt dan dat oplossingen voor maatschappelijke vragen die door bedrijven worden aangedragen vaak onvoldoende worden opgemerkt en beloond. Dat laatste heeft onder meer te maken met het feit dat menig opdrachtgever de laagste prijs als gunningscriterium hanteert.
Niet voor niets heeft BAM het voorstel neergelegd bij Rijkswaterstaat om bij selectie en gunning de mate van maatschappelijk verantwoord ondernemen van de aanbieder mee te wegen. Bij de selectie kan dat door minimumeisen te stellen op een tiental punten en eventuele aanvullende eisen te belonen met punten. Bij de gunning kan dit worden vertaald in een fictieve korting op de aanbeidingsprijs.

Reageer op dit artikel