nieuws

Het wordt nooit meer rustig op Twentse platteland

bouwbreed

diepenheim – De Gooise villa met rieten kap en de notariswoning met haar vele dakkapellen en erkers maken ras hun intrede op het Twentse platteland. Het sobere en ingetogen beeld van de boerderijen en hun erven in Twente wordt overvleugeld. Architect Henry Betting ziet deze tendens met lede ogen aan.

De Diepenheimse ontwerper is dikwijls bezig met verbouwingen en uitbreidingen van boerderijen in Twente. Hij vindt dat er te veel visuele onrust ontstaat op het Twentse platteland. “Het karakteristieke landschap raakt verstoord”.

Veel boeren stoppen met het bedrijf en de bebouwing komt leeg te staan. Voorts rukken bedrijventerreinen op in het buitengebied en mogen de kleinere kernen weer uitbreiden aan de randen. Een en ander heeft tot gevolg dat op menig locatie villa�s, landhuizen en notarishuizen verrijzen die qua vormgeving en massa volledig afwijken van de historische bebouwing en dus het landschap aantasten, meent Betting.

Hij is zeker geen tegenstander van architectonische vernieuwing op het Twentse platteland, maar wat hem betreft schiet de wijzer door. “De ingetogen en sobere uitstraling van de bestaande bebouwing wordt niet meer gerespecteerd. Dat betekent dat de oorspronkelijke goothoogte en hoofdvorm, de kleur steen en de karakteristiek van de omgeving geweld wordt aangedaan. Vele nieuwe landhuizen en notarishuizen hebben een schreeuwerige uitstraling. Het wordt nooit meer rustig in Twente”.

Betting wil geen nieuwbouw tegenhouden en pleit voor modernisering van de bebouwing op het platteland. “Kijk, een boerderij een modern uiterlijk geven kan op een zeer ingetogen wijze”. Hij wijst aan de rand van het bos in Neede naar één van zijn laatste renovaties. Over de hellende daken van een ontwerpstudio zijn twee overkappingen gezet met glazen stroken. De bewoner heeft zijn gewenste ruimte, de hoofdvorm wordt gerespecteerd, de daken behouden hun hellend vlak en de goothoogte blijft relatief laag.

Een ander vernieuwend ontwerp – in dit geval van de samenwerkende bureaus Betting/Ten Dam en De Leeuw – dat aansluit bij de cultuurhistorie van Twente, is het zogeheten knooperf. Drie woningen liggen aan een gemeenschappelijk erf. De woningen vallen op door een lage goothoogte en een glazen pui rondom. Het dak lijkt boven de grond te zweven. Het vloerpeil ligt 1 meter onder het maaiveld. Het oogt modern, maar refereert aan de authentieke kenmerken van de Twentse boerderijstijl.

“Collega-architecten vinden met mij dat er meer vanuit een sobere instelling verbouwd moet worden op het Twentse platteland”, vervolgt Betting. “Maar de smaak van de nieuwe plattelandsbewoners is veranderd. Naar de oorspronkelijke architectuur wordt niet gekeken, alleen de woonruimte telt. Vooral de gemeentebesturen zullen andere uitgangspunten in het welstandsbeleid moeten formuleren om deze ontwikkeling te keren. Heb bij nieuwbouw of verbouwingen respect voor bestaande hoofdvormen en bestaande landschappelijke elementen.”

Woordvoerder D. Baalman van Het Oversticht, een regionaal adviesorgaan op het gebied van welstand en monumentenzorg, begrijpt de zorgen van de Twentse architect, maar wijst er tegelijkertijd op dat het platteland ingrijpend aan het veranderen is. “De stijl van bouwen is in de 21ste eeuw anders dan vroeger. De functies van de bebouwing veranderen en de smaak verandert.”

Volgens Baalman drijft de woningnood gemeenten ertoe om mensen veel ontwerpvrijheid te geven bij het bouwen van een woning op het platteland. “De overheden hebben angst om regels te stellen. Her en der zie ik best successen bij de herbestemming van industrieel erfgoed en herinrichting van boerenerven, maar bij herbouw van woningen signaleer ik dat gemeenten de toekomstige bewoner geen beperkingen opleggen.”

De gemeenten zijn sinds anderhalf jaar verantwoordelijk voor het welstandsbeleid van bebouwing en landschap binnen hun gemeenten. “Als gemeentelijke welstandscommissie en Het Oversticht kun je dan met spijt toekijken hoe er Gooise villa�s en notariswoningen worden gebouwd, maar deze partijen zijn afhankelijk van het beleid van het gemeentebestuur. Deze ontwikkeling zal over vijf jaar wel weer veranderen. Eerst moet de wal het schip keren”, geeft Baalman enige hoop.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels