nieuws

Van gevelreiniging hebben ze geen flauw benul

bouwbreed Premium

haarlem – Hij bouwde mee aan het huidige Jaarbeursgebouw in Utrecht en was in 1980 de eerste die in Nederland een gebouw reinigde zonder dat er water aan te pas kwam. “Ik ben nog steeds de enige die deze droge methode, de gommage, echt goed kan toepassen”, onthult restaurateur Jan van Raamsdonk. “Dat is zo jammer van de nieuwe generatie bij Monumentenzorg: ze weten precies op welke dag en op welk uur Rembrandt in zijn neus peuterde, maar van gevelreinigen en restaureren hebben ze geen enkel benul meer.”

Het is niet het enige wat de in restauratie gespecialiseerde aannemer aan te merken heeft op Monumentenzorg. Maar eerst wil hij nog even wat kwijt over zijn werk. Voordat Van Raamsdonk, onlangs overgenomen door het Franse restauratiebedrijf Facades sarl, de opdracht kreeg om het Holland Casino in Breda op te knappen, wilde de opdrachtgever vertegenwoordigd door iemand van de Brink Groep en vergezeld van de hoofdaannemer wel eerst even zien wat de restaurateur in zijn mars had. Van Raamsdonk nam hen mee naar het pand Spaarne 96 in Haarlem dat recentelijk door hem was gerestaureerd. “Toen hij het pand zag, riep hij: �Zo mooi hoeft het ook weer niet!���, grinnikt Van Raamsdonk. “Een groter compliment kun je toch niet krijgen?”

Sinds hij eigenlijk bij toeval het vak inrolde, heeft de zorg voor monumenten in Nederland volgens hem geen positieve ontwikkeling doorgemaakt. “Restauraties moeten altijd maar zo goedkoop mogelijk gebeuren. De architect wordt heel erg beperkt door het budget. De Rijksdienst voor de Monumentenzorg in Zeist heeft de filosofie dat minder slechte voegen niet mogen worden verwijderd, hierdoor wordt de muur zeer kwetsbaar en wordt het een lappendeken. Bovendien zijn ze heel huiverig voor breekwerk. Maar soms moet je gewoon een muur afbreken. Het gebeurt zo vaak dat het bestek totaal niet strookt met de werkelijkheid. Voor de renovatie van het nieuwe Holland Casino in Breda stond in het bestek dat 12 meter van de muurplaten vervangen moest worden. Het bleek uiteindelijk om 143 meter te gaan. Onder anderen waren ze vergeten in het bestek te vermelden dat stervorming was ontstaan rond de muurankers van de inpandige kapel. Roest zorgt ervoor dat stenen opzij worden geduwd, wat de stervorming veroorzaakt. Door die onvolledigheid worden de kosten van een restauratie steeds hoger.”

Aan de keuze van het vak van restaurateur ging voor Van Raamsdonk een carrière in het hotelwezen vooraf. Na een aantal jaren in verschillende landen te hebben gewerkt, trad hij in dienst bij een Franse bouwmaatschappij die hotels op Sardinië ging neerzetten. Na een jaar of vier kwam hij terug in Nederland, waar hij terechtkwam op het bouwbureau van de Jaarbeurs in Utrecht. “Van alles deed ik daar, tot de binnenhuisarchitectuur aan toe. Het bedrijf dat werd ingehuurd voor de uitvoering, de Duitse hotelbouwer en hotelexploitant Dornieden, vroeg vervolgens of ik bij hen wilde komen werken. De naam Dorint die ik voor hun hotels bedacht, is een samentrekking van Dornieden International.”

Het was tijdens een bezoek aan Parijs dat Van Raamsdonk voor het eerst in aanraking kwam met gevelreiniging, wat uiteindelijk leidde tot restauraties. “Ik zag een man op een kraan die in een soort afzuigcabine gevels aan het reinigen was. In plaats van water gebruikte men een fijn poeder. Toen ik het zag, dacht ik: dat is wat voor Nederland!”

Zijn eerste opdracht was het reinigen van de Amsterdamse Bijenkorf, niet lang daarna volgde het Centraal Station. “De �concurrentie� kon het niet uitstaan dat ik met een nieuwe methode kwam. Wij reinigden terwijl de mensen daaronder poffertjes zaten te eten. De banden van de kraan werden zelfs lek geprikt uit jaloezie op mijn schoonmaakmethode.”

Nog steeds is hij volgens eigen zeggen de enige die het droog reinigen op de juiste manier weet toe te passen. “De andere bedrijven die er gebruik van maken, kennen de juiste verhoudingen niet tussen alle elementen die bij deze techniek een rol spelen. Een onjuiste verhouding beschadigt de onderlaag van het gebouw. Maar als je het goed gebruikt, kun je zelfs graffiti verwijderen zonder oplosmiddel.”

Langzamerhand ging Van Raamsdonk zich steeds meer toeleggen op het restaureren en inmiddels heeft hij een indrukwekkende referentielijst van restauratiewerken. Die varieert van stations, kerken, banken als de Londense Lloyd�s bank, tot ambassades.

En dat ondanks het ongeloof waarmee hij in eerste instantie werd geconfronteerd. “Monumentenzorg Zeist had niet bepaald een hoge pet van mij op”, grinnikt Van Raamsdonk. “Ze dachten dat ik niets anders kon dan gevels schoonmaken. Terwijl ze zelf juist helemaal niets afweten van gevelreiniging. Het gaat uiteindelijk om het optimaliseren van de levensduur van ons erfgoed, met behoud van karakter en uitstraling.”

�Architect wordt heel erg beperkt door het budget�

Reageer op dit artikel