nieuws

Nauwgezet beeld van achterstandsgebieden

bouwbreed Premium

rotterdam – Wie de stad verlaat om aan de neergang van de buurt te ontsnappen kan wel eens van een koude kermis thuiskomen. Dat blijkt uit de Kanskaart van Nederland, die vrijdag is gepresenteerd. Hiermee wordt tot op postcodeniveau de mate van verloedering voor het hele land in beeld gebracht.

De vrijdag gepresenteerde Kanskaart is een initiatief van de Stuurgroep Experimenten Volkshuisvesting (SEV) in samenwerking met het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) en de Atlas voor gemeenten. De kaart toont de achterstandsgebieden aan de hand van objectieve criteria zowel op fysiek, sociaal als economisch gebied.

Deze aspecten komen ook aan bod bij de 56-wijkenaanpak van het ministerie van VROM. Maar de aanwijzing van deze herstructureringsgebieden is niet gebaseerd op gegevens waarmee uniform voor het land de achterstandsposities in kaart zijn gebracht, aldus Jeroen Singelenberg van de SEV in een begeleidend schrijven.

De 56 wijken zijn voorgedragen door de gemeenten, op basis van lokale gegevens en prioriteiten. Daarmee komt de overheid een heel eind in de goede richting want verloedering en achterstanden in deze wijken liggen er vaak dik op. De Kanskaart moet aanvulling bieden op een preciezer aanpak, vooral op sociaal en economisch gebied. Voordeel is ook dat (nog) niet zichtbare verloedering er eerder mee kan worden gesignaleerd, zodat kan worden ingegrepen voor het te laat is.

De benadering tot op postcodeniveau biedt ook geografisch meer nauwkeurigheid dan de huidige aanwijzing van achterstandswijken, die vaak grote gebieden beslaan.

Interessant is daarnaast de nuancering die het oplevert in de verhouding tussen stad en platteland. Want het beeld van het zorgeloze buitenleven moet worden bijgesteld: zowel het voorzieningenniveau als de economische kansen laten daar nogal eens te wensen over.

Ook als het gaat om de stadswijken zijn de bevindingen soms verrassend. Verloedering wordt geenszins alleen aangetroffen in oude wijken en naoorlogse flatwijken van grote steden. Ook groeikernen en wijken uit de jaren zeventig en tachtig blijken her en der hun partijtje mee te blazen als het gaat om negatieve indicatoren. Aan de andere kant zijn er grootstedelijke wijken die nog steeds een zwakke reputatie hebben maar het niettemin inmiddels heel aardig blijken te doen, zoals de Bijlmer.

De Kanskaart zoals die vrijdag is gepresenteerd, vormt nog maar een eerste aanzet en moet verder worden ontwikkeld, weet de SEV. Het wenkend perspectief komt uit Engeland, waar al jaren per postcodegebied tal van gegevens beschikbaar zijn over de woningen en de woonomgeving. Alle nationale databases die op postcodeniveau beschikbaar zijn, zijn daar samengebracht in één nationaal instrument.

In Nederland zal nog heel wat water door de Rijn stromen voor het zover is. Verschillende ministeries werken met verschillende monitoren en bovendien mogen veel data niet op postcodeniveau worden gepubliceerd, luidt een verzuchting. Daarom is de Kaart gebaseerd op minder informatie dan de makers graag hadden gezien. Gegevens over onderwijs en volksgezondheid ontbreken bijvoorbeeld.

De (sociale) verloedering is afgemeten aan een groot aantal factoren, evenals de fysieke wijkkwaliteit. Ook de bevolkingsopbouw (inkomen, werkloosheid, percentage jongeren) en het voorzieningenniveau zijn meegewogen.

De aanwezigheid en bereikbaarheid van onder meer publieke voorzieningen, winkels, horeca en openbaar vervoer knelt met name op het platteland. Deze factoren zijn mede toegevoegd omdat de negatieve focus anders vrijwel uitsluitend op de stad komt te liggen.

Er was de makers veel aan gelegen nuanceringen als deze aan te brengen. Alleen al uit zorg dat er een golf van media-aandacht zou kunnen komen voor de wijken die hoog eindigen. Daarom ook zijn de negatieve scores in een aantal deelkaarten uitgesplitst.

Soms brengt dit verrassende gebieden aan de top, zoals het platteland en wijken aan de rand van de stad als het gaat om de aanwezigheid van en toegang tot voorzieningen. Maar een aantal wijken scoort op alle fronten slecht.

De opzet om een genuanceerd beeld te bieden blijkt in die gevallen ontoereikend maar, zo weet Singelenberg, “deze hardcore-probleemwijken hebben die negatieve media-aandacht toch al”.

Reageer op dit artikel