nieuws

Irritatie over steeds wijzigende regels De irritatietoptien van nalevingskosten

bouwbreed

den haag – Ondernemers ergeren zich bij de overheid het meest aan de voortdurende wijzigingen in regels. Met name de veranderingen in de financiële en fiscale wet- en regelgeving drijven hen tot wanhoop.

Dit blijkt uit de toptien van hinderlijke regels en daardoor nalevingskosten die het Ondernemersklankbord Regeldruk gisteren aan staatssecretaris Van Gennip van Economische zaken heeft aangeboden. Van Gennip en minister Zalm (financiën) hebben vorig jaar deze commissie onder leiding van de fiscaal-econoom L. Stevens ingesteld naar aanleiding van klachten van ondernemers dat de pogingen van het Rijk om de regeldruk te verminderen te abstract en te versnipperd zijn en dat niet aansluiten bij de dagelijkse ondernemerspraktijk.

Om de wispelturigheid van de overheid bij de wet- en regelgeving in te dammen, pleiten ondernemers voor zogeheten �nationale veranderingsmomenten�, zoals die sinds december 2004 ook in Groot-Brittannië worden toegepast, de �common commencement dates�.

Op plaats 2 staan de – volgens de ondernemers – onnodige informatieverplichtingen en de interpretatieverschillen over definities in regelgeving. Zo stoort het bedrijfsleven zich aan de gedetailleerde informatie die het veelvuldig aan het CBS moet aanleveren. Ook de verplichte publicatie in de Staatscourant dat de jaarstukken bij de Kamer van Koophandel zijn gedeponeerd, levert grote irritatie op.

Onduidelijkheden in definities en toetsingscriteria van regelgeving ergeren de ondernemers, omdat bij onduidelijkheid de verantwoordelijk bij hem wordt neergelegd. Zo is er verwarring over de begrippen zzp�ers en freelancers. Moeten zij namelijk voor de belasting en sociale voorzieningen als ondernemer of als werknemer worden aangemerkt?

De ondernemers geven als oplossing voor de nummer-2 irritaties aan dat het Rijk een kritische afweging moet maken tussen de kosten voor de ondernemer en de baten voor de overheid van de verkregen informatie. Ook moet bijvoorbeeld het CBS duidelijk aangeven wat het doel is van de informatievraag, wat er met de informatie gebeurt en wat het belang ervan is.

Verwarring over definities kan worden ondervangen door goed overleg tussen de handhavers en ondernemers. Duidelijk maken waar controleurs op letten, kan volgens de ondernemers ook veel helpen.

Nummer 3 betreft de onnodige verplichte keuringen en testen waar de overheid de ondernemers mee opzadelt. De keuringen zijn veelomvattend en overgereguleerd. Zo is er ergernis over de periodieke keuringen vanuit de Arbowet van huishoudtrapjes en bepaalde installaties, de vijfjaarlijkse hercertificering van een heftruckbewijs en de tweejaarlijkse keuring van spuitapparatuur.

Vooral voor de kleine ondernemers levert dat hoge nalevingskosten op. De overheid zou beter moeten kijken naar de noodzaak van aanvullende testen en naar de redelijkheid van de termijnen voor herkeuringen. Ook de bedrijfsgrootte moet meetellen en voorts hebben ondernemers ook nog een eigen verantwoordelijkheid om de kwaliteit van hun producten te waarborgen, vinden ze.

Andere wetten

Volgens de commissie-Stevens ontstaan veel irritaties en ergernissen, omdat de handhavende instanties alle onder andere wetten vallen en door verschillende overheden worden aangestuurd. “Dit werkt wispelturigheid en tegenstrijdigheid, en zodoende rechtsonzekerheid, in de hand”, aldus de commissie.

Staatssecretaris Van Gennip zei in een reactie op de kritiek, dat zij zelf aan de commissie had gevraagd om “gewoon te zeggen waar het op staat”. Zij wil dat de zogeheten bedrijfseffectentoets, die de gevolgen van regels voor ondernemers in beeld moet brengen, zwaarder wordt.

De toptien is het eerste van twee rapporten die de commissie-Stevens aan het kabinet aanbiedt. Vandaag wordt aan minister Zalm het �Domeinrapport financieel-administratieve regeldruk� overhandigd.

1.Voortdurend wijzigen van regels

2.Onnodige informatieverplichting/verwarring over definities

3.Onnodige verplichte testen en keuringen

4.Wispelturige en strijdige handhaving/diverse lokale belastingen

5.Te strenge Arbo-regelgeving (aanstelling preventiemedewerker, overbodig geachte Arbo-eisen

6.Bouwregelgeving (met name brandveiligheid)

7.Verschillende milieueisen

8.Uiteenlopende gemeente- lijke eisen aan winkelbevoorrading door vrachtwagens

9.Invoering Arbeidstijdenwet voor mobiele werknemers (zoals chauffeurs)

10.Te strikte implementatie van Regeling melden bedrijfsafvalstoffen en gevaarlijke afvalstoffen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels