nieuws

Voor vernieuwing is vertrouwen nodig

bouwbreed

den haag – Het internationale bouwcongres vorige week in Rotterdam heeft in ieder geval glashelder gemaakt dat vernieuwing van de sector slechts mogelijk is bij de gratie van de opdrachtgever. Die bepaalt immers hoe ver een aanbieder mag gaan. Onderling vertrouwen is daarbij onontbeerlijk.

AANHEF_SUB:beschouwing

Praktisch overal in deze wereld worstelen bouw en opdrachtgevers met problemen die vergelijkbaar zijn met die in Nederland. En bijna overal worden soortgelijke oplossingen beproefd die moeten helpen dat de waarde van bouwwerken voor de klant groter wordt. Want overal zijn ze er inmiddels wel achter dat de bouw zal moeten omturnen van een aanbiedersmarkt naar een vragersmarkt.

Zelfs in ons land zijn er de nodige stemmen, zowel in de bouw zelf als bij grote opdrachtgevers, die doorhebben dat de bestaande manier van met elkaar omgaan zijn langste tijd gehad moet hebben. Vraag is dan wanneer de omslag plaats kan hebben. Voordat het zover is, zal er nog veel geregeld moeten worden op het gebied van marktordening.

De boodschap op het congres was helder: wil een klant profiteren van het innovatief vermogen van de bouw en veel toegevoegde waarde krijgen, dan is het zaak een bouwer al zeer vroegtijdig te betrekken in het proces. Wachten tot bestek en tekeningen er liggen en dan eens met een bouwer om de tafel is kansloos. Projecten zijn dan al dermate dichtgetimmerd dat innovaties nauwelijks meer mogelijk zijn.

Vroegtijdige inschakeling biedt die mogelijkheid wel, maar brengt weer een ander probleem met zich mee, het intellectuele eigendom. Wie kan immers een opdrachtgever verbieden met een idee aan de haal te gaan en dat door een ander goedkoper te laten maken. Dat de bouw niet bepaald bekendstaat als een innovatieve bedrijfstak wordt dan ook geweten aan twee oorzaken: te late inschakeling en wantrouwen. Daar zal dus iets op gevonden moeten worden.

Vernieuwing

Als er al sprake is van vernieuwing, dan zit dat meestal in contractvormen, hoewel de vernieuwing ook daar betrekkelijk is. Het als splinternieuw gepresenteerde Design, Build, Finance, Maintenance (DBFM) kwam al in de jaren zeventig van de vorige eeuw voor. En ook concessies zijn al zo oud als de Franse tolwegen.

Toepassing van deze contractvormen is echter eerder uitzondering dan regel. Daar moet verandering in komen, vinden de meeste deskundigen. Maar zij zijn net zo hard van mening dat ook in deze gevallen onderling vertrouwen nodig is, wil het iets worden met deze aanbestedingsvormen.

Een wantrouwige opdrachtgever zal immers de aanbieder niet de noodzakelijke ruimte geven terwijl de wantrouwige aanbieder het achterste van zijn tong niet zal laten zien. Voor echte vernieuwing zijn die twee elementen en dus onderling vertrouwen onontbeerlijk.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels