nieuws

Liever het geluid van heien dan een carillon

bouwbreed

rotterdam – Het Rotterdamse Bouwputtenfestival neemt dit jaar niet alleen een kijkje in bouwputten, maar wijdt ook een expositie aan Rotterdamse heipalen. De bescheiden tentoonstelling met fotos, tekeningen en teksten fungeert als bijspijkercursus voor de Rotterdamse bouwputtentuurder.

“Iedereen weet dat alles de neiging heeft weg te zakken in de blubber waarin we hier bouwen. Maar hoe we er uiteindelijk in zijn geslaagd gebouwen overeind te houden is minder bekend,” zegt Jan Klerks, organisator van de expositie en drijvende kracht achter het jaarlijkse Bouwputtenfestival.

In het Rotterdam van zes eeuwen geleden bestond funderen uit het graven van een put, waarin vervolgens horizontaal balken werden neergelegd. Klerks: “Die bouwsels zijn dus allemaal ingestort.”

Bij de bouw van de St-Laurenskerk in 1449 wilden de Rotterdammers voor het eerst iets voor de eeuwigheid bouwen. De bouwers groeven eerst een 5 meter diepe put en daarin sloegen ze een groot aantal houten palen. Erbovenop werden de funderingsbalken gelegd. Het is het enige Rotterdamse gebouw dat al vele honderden jaren overeind staat.

Bewijs voor het hardnekkige gerucht dat in vroeger tijden huiden als fundering werden gebruikt, is nergens gevonden. Die zouden zijn gebruikt om de grond onder een gebouw in te pakken om grondwater tegen te houden. Het woord �heien� zou zijn afgeleid van het middeleeuwse woord voor huiden: huijen.

Veel later ontdekten de Rotterdammers dat op ongeveer 20 meter diepte een stevig zandpakket in de grond lag dat was aangevoerd in de IJstijd. Vanaf dat moment werden technieken ontwikkeld om gebouwen daarop te funderen en weerklonk in Rotterdam – �de stad die altijd bouwt� – de doffe dreun van de heistelling. “Een prachtig geluid, dat klinkt als muziek in de oren,” oordeelt Klerks. “Liever dat, dan elk uur het carillon.” De expositie in het City Informatie Centrum (CIC) op de Coolsingel vertelt iets over heitechnieken, het slaan van damwanden en de functie van groutankers en stempelramen.

Interessanter

Na voltooiing van de wederopbouw werd bouwen in het overvolle stadscentrum steeds complexer. En werden de bouwputten steeds interessanter. Het Bouwputtenfestival schenkt er aandacht aan voordat ze zijn verdwenen. Afgelopen weekeinde stond een groep bouwputtenkijkers in de put waarin Rotterdam een nieuw centraal station met onderliggend metrostation bouwt, op de plaats van het volcontinu doordraaiende bestaande station.

Het is een van de gegadigden voor de titel �Bouwput van het Jaar�, waar tot eind oktober via www.bouwputtenfestival.nl op kan worden gestemd. Torenhoge favoriet voor de titel is de bouwput van woontoren �Coopvaert� op het Plein 1940. Die verrijst zo dicht op bestaande bebouwing, dat de eerste zandlaag, waarop de omliggende bebouwing staat, niet kon worden gebruikt. De oplossing: trillingsvrij geboorde palen naar de tweede zandlaag op 64 meter diepte.

Het Bouwputtenfestival duurt nog tot eind oktober. Op het programma staan nog onder meer schatgraven voor kinderen in de bouwput van Katendrecht (vandaag) en een lezingprogramma (29 oktober).

Ook kunnen er bouwputvouchers worden gehaald, waarmee men kan lunchen met het uitzicht op de grootste bouwput: het Centraal Station.

Nederland kiest favoriete Rotterdamse bouwput

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels