nieuws

Houthonger Chinezen niet te stillen

bouwbreed Premium

den haag – De eigen bossen zijn inmiddels kaalgekapt, dus struinen Chinese houtverwerkers nu de wereldmarkt af op zoek naar hout. Het zet de complete mondiale houthandel op zijn kop.

De eigen houtconsumptie van de Chinezen per hoofd van de bevolking is nog betrekkelijk laag, bleek tijdens een mini-symposium op het ministerie van Buitenlandse zaken. De Chinezen voeren vooral hout in om het bewerkt weer uit te voeren. Bijvoorbeeld in de vorm van tuinmeubilair voor de firma Kwantum. Algemeen directeur Eric Coorens van dat bedrijf was een van de vier sprekers op de bijeenkomst die zijn licht liet schijnen op de �ontwakende reus� China. Nadat Kwantum eind jaren �90 door de milieubeweging hardhandig met de neus op de feiten was gedrukt is het gaan werken aan een een milieuvriendelijker imago. Het werkt er hard aan dat alle houten producten gefabriceerd zijn uit 100 procent gecertificeerd hout. Voor de producten waarbij dat nog niet lukt stort het bedrijf 2 procent van de waarde in het TFT-fonds ter bescherming van het tropisch regenwoud. “Een goede stok achter de deur”, verzekerde Coorens, want die 2 procent daar wil je vanaf als prijsvechter”. Hij vindt dat eigenlijk alle bedrijven het voorbeeld van Kwantum moeten volgen, maar slaat de ontwikkelingen in China bezorgt gade. Ze kunnen alle bestaande verhoudingen op zijn kop zetten, waarschuwde hij.

Sinds 1997 is de import van industrieel rondhout door China verveertienvoudigd. Daarmee is het land de grootste importeur van industrieel rondhout geworden. Het land is ook een grote importeur van tropisch hardhout en is in dat marktsegment inmiddels de grootste afnemer in Afrika. Bijna in gelijke tred met de import steeg ook de export. Amerika heeft inmiddels beschermingsmaatregelen genomen om delen van de meubelindustrie te behoeden voor een grote vloed aan faillissementen. De Europese Unie overweegt een vergelijkbare maatregel om dumping van Oukume-multiplex uit China te voorkomen.

“Het voordeel van China boven veel andere houtlanden is wel, dat ze afspraken nakomen,” betoogde M. van Gool, van het Wereldnatuurfonds. “Als Chinezen een toezegging doen over bosbeheer, dan voeren ze die ook uit. Zo mag er sinds de grote overstromingen als gevolg van ontbossing in 1998 in de eigen bossen nauwelijks nog gekapt worden. Maar dat verbod wordt ook meteen zo strikt nageleefd, dat er een enorme druk ontstaat op de bossen uit Vietnam, Cambodja en andere landen in de regio, waarmee minder gemakkelijk afspraken te maken zijn over duurzaam bosbeheer.”

Ook houthandelaar Reef uit Goor heeft te kampen met de ontwakende Chinese reus, liet directeur H. Reef weten. Sinds kort exploiteert zijn bedrijf een flinke bosbouwconcessie in Kameroen. Reef is daar ook bezig met FSC-certificering van dat bos. In Kameroen komen de Chinezen inmiddels niet meer aan de bak, dankzij druk van de wereldbank, maar ondertussen plunderen ze gewoon de bossen in Gabon en andere buurlanden, waarschuwde hij. De lokale bevolking ziet daar nauwelijks iets voor terug. Het stelt Reef teleur dat FSC-certificering in die regio compleet afhankelijk is van particulier initiatief.

Een impuls van overheden zou hem meer dan welkom zijn, want FSC-certificering opzetten in een tropisch regenwoud is iets compleet anders dan bij een plantage in de tropen. En de Chinezen zelf zouden volgens Reef zo onderhand ook wel eens mogen gaan denken aan FSC-certificering. Want van de 164 miljoen hectare bos in het land is nog slechts 6000 hectare gecertificeerd.

Reageer op dit artikel