nieuws

Veilige gebouwen

bouwbreed

Het parkeerdek van Van der Valk in Tiel, de toneeltoren in Hoorn, de balkons in Maastricht, het platte dak van Ikea: allemaal voorbeelden uit de laatste jaren van plotseling bezweken bouwkundige constructies, zonder dat meteen duidelijk was of hier nu een bouw- dan wel een ontwerpfout aan ten grondslag lag. In sommige gevallen, met name […]

Het parkeerdek van Van der Valk in Tiel, de toneeltoren in Hoorn, de balkons in Maastricht, het platte dak van Ikea: allemaal voorbeelden uit de laatste jaren van plotseling bezweken bouwkundige constructies, zonder dat meteen duidelijk was of hier nu een bouw- dan wel een ontwerpfout aan ten grondslag lag.

In sommige gevallen, met name rond de toneeltoren in Hoorn, vindt daar tot op de dag van vandaag een juridisch steekspel over plaats.

Beide partijen vinden raadgevende ingenieursbureaus aan hun zijde. Alleen al de onenigheid over de vraag of het ontwerp voor de Hoornse toneeltoren nu wel of niet deugdelijk was, toont aan dat huidige ontwerpen op de rand van het mogelijke balanceren. Veelzeggend is dat voor de nieuwe toneeltoren, die inmiddels is opgeleverd, in principe hetzelfde ontwerp is gebruikt, maar dan wel twee keer zo sterk van constructie. Volgens de gemeente Hoorn zou dit alleen uit voorzorg zijn gebeurd om nieuwe verrassingen te voorkomen. Blijkbaar sloot het oude ontwerp �verrassingen� dus niet uit.

Een architect als Rem Koolhaas staat erom bekend dat zijn gebouwen tal van gebreken vertonen. De Kunsthal in Rotterdam is daarvan een berucht voorbeeld. Zozeer staat voor Koolhaas de logica van het gebouw als zodanig op de voorgrond, dat hij naar binnen aflopende dakgoten, ingangen die de bezoekersstromen niet kunnen verwerken en tal van andere mankementen (de Kunsthal schijnt er honderden te tellen) voor lief neemt. Op ernstige constructiefouten is Koolhaas nog niet betrapt, maar toch is het de vraag of architecten niet te veel tornen aan de grenzen van wat kan. Het ontwerp van Daniel Liebeskind voor het nieuwe WTC is ook zo�n waagstuk.

In de moderne architectuur wordt de constructie maar al te gauw ondergeschikt gemaakt aan de vorm. Er wordt te kritisch ontworpen. Men hoeft dan nog maar een kleinigheid over het hoofd te zien, of er bestaat al het gevaar dat de hele zaak instort. Men bouwt bijvoorbeeld steeds grotere overspanningen. Bijna elk gebouw lijkt tegenwoordig wel een klimhal. En je ziet de meest idiote puisten en schuintes.

Iedereen maakt zich vandaag de dag druk over het terrorisme, en terecht. Maar zijn zulke moderne gebouwen nog wel veilig? De risicoanalyses zijn dusdanig op het scherp van de snede dat veel gebouwen minder duurzaam en sterk zijn dan we geneigd zijn aan te nemen. Een voorbeeld zijn de opvallend vele platte daken die in de laatste vijftien jaar in Nederland zijn ingestort boven winkels, zwembaden en bedrijfsgebouwen. Door een wonder zijn hier nooit slachtoffers bij gevallen. De toegepaste lichte constructie blijkt simpelweg niet berekend op een stevige regenbui. Er hoeft maar vijftien centimeter water op zo�n dak te staan, bijvoorbeeld door een met bladeren verstopte afvoer, of het dak krijgt te maken met een enorm gewicht. Ontwerpers anticiperen onvoldoende op zulke risico�s.

In de Verenigde Staten bestaat hier een uitdrukking voor, ontleend aan een tekening van Peter Arno uit 1941. Op de cartoon loopt een ingenieur met een rol tekenpapier onder de arm weg van een vliegtuig dat zich met de neus in de grond boort. Terwijl hulpverleners en militairen van alle kanten toeschieten, mompelt de ingenieur: �Well, back to the old drawing board.� Het is een gevleugelde uitdrukking geworden voor situaties die zich anders ontwikkelen dan gepland. Ontwerpers in de bouw zijn inmiddels de tekentafel ontgroeid, maar de veiligheidsrisico�s lijken alleen maar toegenomen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels