nieuws

Netelenbos negeerde waarschuwingen

bouwbreed Premium

den haag – Oud-minister Netelenbos (verkeer, PvdA) heeft ondanks herhaalde adviezen van haar topambtenaren en alarmerende accountantsonderzoeken in haar bewindsperiode 1998-2002 de Tweede Kamer niet ingelicht over de dreigende budgetoverschrijdingen voor de Betuwelijn en hsl-zuid. Zij deed dat in de overtuiging dat de cijfers niet hard genoeg waren.

Ze meldde de Tijdelijke Commissie Infrastructuurprojecten gisteren dat dreigende overschrijdingen volgens haar niets anders zijn dan “spanningen die moeten worden opgelost”. In haar opinie waren de berichten over tekorten op het budget nooit hard genoeg om haar mening bij te stellen. “Want spanningen in ramingen moeten worden weggewerkt. Als ze niet vaststaan, komen ze niet in de boeken. Appeltjes voor de dorst leiden tot meer uitgaven. Daarom ben ik ook geen voorstander van een risicoreservering. Zodra ik meer ruimte geef voor geld, ben ik het kwijt.”

Deze werkwijze is volgens haar onderdeel van de nieuwe sturingsfilosofie die ze na haar aantreden op haar ministerie introduceerde. Gedwongen door de toezeggingen die haar voorgangers Maij-Weggen en Jorritsma hadden gedaan aan provincies en gemeenten over de aanleg van spoor en wegen, zag ze zich genoodzaakt de uitgaven van Verkeer en Waterstaat onder controle te houden door met taakstellende budgetten te werken. De Tweede Kamer wist van deze werkwijze, lichtte ze toe. “Want het ministerie en de Tweede Kamer zitten door die afspraken tot 2010 in een financieel harnas”, aldus Netelenbos.

Ook de Betuwelijn en de hsl schaarde ze hieronder. “De tegenvallers moeten binnen het project worden opgelost. Dat heb ik altijd proberen vol te houden. Lukt dat echt niet, dan moeten we naar de minister van Financiën.”

Al direct na haar aanstelling in augustus 1998 werd ze door haar ambtenaren op de hoogte gesteld van een spanning van 810 miljoen gulden tussen de raming voor de Betuwelijn en het beschikbare budget. De Tweede Kamer stelde ze hier niet van op de hoogte. Een spanning van 300 miljoen gulden, die in 1999 opdook, meldde ze ook niet aan de Kamer, evenmin als een bedrag van 132 miljoen die uit post �onvoorzien� moest worden gehaald. Dat laatste was volgens Netelenbos gevolg van het niet nakomen van een akkoord door Railinfrabeheer (RIB).

Niet hard genoeg

Toen in 2001 een bedrag van tussen 600 en 800 miljoen gulden opdook als dreigende overschrijding, wist de Kamer weer van niets. Ze vond de cijfers niet hard genoeg om te melden, ook al stelde voormalige directeur-generaal goederenvervoer, B. Westerduin, dat 300 miljoen daarvan wel specifiek aanwijsbaar was. Zijn advies om dit te melden in een overleg met de Kamer, sloeg ze in de wind. “Ik noemde in de voortgangsrapportages alleen de onderwerpen waar risico�s lagen en niet de getallen, omdat daarover geen zekerheid bestond.”

Vlak voor haar aftreden in 2002, confronteerde de directeur-generaal Rijkswaterstaat haar met een dreigende overschrijding van ruim 1 miljard euro voor de Betuwelijn en de hsl. Ook nu lichtte ze de Kamer niet in.

Uiteindelijk nam haar opvolger, LPF-minister De Boer, een risicoreservering van 985 miljoen euro op in zijn Infrafonds-begroting voor 2003. Hij meldde de commissie op de eerste dag van de verhoren dat ambtenaren van het minsterie van Verkeer en Waterstaat hem met die risicoreservering hadden geconfronteerd.

Reageer op dit artikel