nieuws

Nog steeds hoop op voorstel prepensioen

bouwbreed Premium

den haag – De sociale partners blijven hopen op een voorstel voor prepensioen waarmee ook het kabinet kan leven. Wel zal VNO-NCW dan moeten bewegen in de richting van alle andere partijen die veel dichter bij elkaar zitten. Voor iedereen is 18 mei nu echt de laatste kans.

Werkgevers en werknemers zijn nog lang niet uitgepraat, zo schrijven zij in een brief aan het kabinet. Tijdens het traditionele voorjaarsoverleg hopen zij toch nog met een eensgezind voorstel over prepensioen te komen. Daar kan, zo vinden zij, het kabinet dan niet omheen ook al heeft het kabinet al besloten tot uitvoering van de eigen, licht aangepaste plannen.

Of het allemaal lukt, ligt in de handen van VNO-NCW. Deze werkgeversclub zit het dichtst bij de ideeën van het kabinet. Dit komt mede door de noodzaak om het vergrijzingsprobleem aan te pakken.

Alle andere partijen, MKB Nederland, LTO Nederland en FNV en CNV willen mensen in staat stellen toch een jaar eerder dan 63 met pensioen te laten gaan plus nog een extra jaar uit de levensloopregeling.

Voor de bouw gaat dit overigens niet ver genoeg. Net als in andere sectoren waarin werknemers op zeer jonge leeftijd instromen en het werk zwaar is, zijn de bouwbonden van mening dat iemand het recht moet hebben er op de leeftijd van 60 jaar mee op te houden, als er dan tenminste minstens 40 arbeidsjaren zijn verstreken.

Achtergrond van deze gedachte is dat juist in zware beroepen als de bouw de kans dat iemand gezond door kan blijven gaan, vrijwel nihil is. Niemand ziet metselaars en stukadoors tot hun 65ste nog op de steigers staan. Verhoogd ziekteverzuim en extra wao-instroom op oudere leeftijd liggen daarom in het verschiet als de kabinetsplannen door zouden gaan.

Werklieden die op jonge leeftijd al beginnen, hebben in principe ook langer de tijd om in een kapitaaldekkinssysteem pensioen en prepensioen op te bouwen. Studenten die weten dat zij later witteboordenwerk gaan doen, komen pas een jaar of tien later op de arbeidsmarkt. Ook dat is een punt voor de bouwbonden om te pleiten voor meer differentiatie tussen de verschillende sectoren.

Brug te ver

De wens van de bouwbonden lijkt echter zeker een brug te ver. Waar de vakcentrales op 61 zitten, een standpunt waar de landbouwwerkgevers van LTO en het midden- en kleinbedrijf zich wel in kunnen vinden, blijft VNO-NCW vooralsnog tegensputteren. Deze organisatie vindt 63 wel mooi.

Daar komt bij dat VNO-NCW de stemming tussen de sociale partners enigszins te bederven. Werkgeversvoorman Jacques Schraven heeft MKB-voorzitter Loek Hermans behoorlijk geschoffeerd door te beweren dat zijn organisatie de oren laat hangen naar de vakbeweging. Hermans zelf slaat terug door erop te wijzen dat het juist de vakbonden zijn die de mening van hem en LTO over hebben genomen.

In die sfeer een eensgezind standpunt formuleren is niet onmogelijk, maar wel lastig. Dan ook nog oog hebben voor werknemers in zware beroepen, lijkt in dit licht volledig uitgesloten.

Voor bouwwerkgevers is dat een slechte boodschap. De vakbonden zullen er dan alles aan doen om het vroegpensioenprobleem in de cao�s op te lossen.

Reageer op dit artikel