nieuws

Burgers zullen water flink in de beurs voelen

bouwbreed

den haag ­ De burger zal flink extra moeten gaan betalen om het waterbeheer in Nederland op orde te krijgen. Naast de forse bedragen ter voorkoming van wateroverlast, is ook veel geld nodig voor de aanpak van droogteproblemen, de grondwaterproblematiek in steden en de waterkwaliteit.

Die waarschuwing gaf staatssecretaris M. Schultz Van Haegen gisteren tijdens het overleg in de vaste kamercommissie voor Verkeer en Waterstaat: “Dat de opgaven groot zijn en dat er veel geld in moet worden gestoken, is duidelijk.” Minder duidelijk is nog waar al dat geld vandaan moet komen.

De ondertekenaars van het Nationaal Bestuursakkoord Water, Rijk, provincies, waterschappen en gemeenten, nemen elk hun eigen verantwoordelijkheid. Het Rijk zorgt voor het hoofdwaterstelsel. De lokale en regionale stelsels vallen onder de drie overige bestuurslagen. Die zullen daarvoor nog flink wat geld bij elkaar moeten sprokkelen.

Suggesties om het Rijk te laten bijpassen en zo te voorkomen dat gemeenten en waterschappen de lasten voor de burgers flink moeten verhogen, wees de staatssecretaris van de hand. “Wie het ook betaalt, het geld zal toch door de burgers moeten worden opgebracht”, zei zij. Een uitzondering zullen wellicht enkele gebieden zijn met weinig inwoners en maar wel heel hoge kosten, probeerde ze de ergste ongerustheid hierover in de commissie weg te nemen.

Bij de ondertekenaars van het akkoord ontbreekt het maatschappelijk middenveld, merkten verscheidene commissieleden op. Betrokkenheid van landbouw­, natuur­ en recreatieorganisaties zou in hun ogen het draagvlak vergroten.

Maar de staatssecretaris denkt daar anders over. “We moeten een beetje af van het polderen”, verwoordde ze haar vrees voor moeizame besluitvorming. “Het zijn de overheden die verantwoordelijk zijn. De organisaties worden op hun specifieke terrein wel geraadpleegd.”

Af en toe een crisis, zoals de recente droogte, helpt om de bevolking warm te krijgen voor maatregelen. Maar om draagvlak te kweken, mag wel wat meer aan de weg worden getimmerd, vond CDA�er Van Lith. Hij noemde bijvoorbeeld de waterschappen organisaties die uitstekend op hun taak berekend zijn maar tekortschieten met de voorlichting. “Te veel naar binnen gericht”, gaf hij aan waar volgens hem de schoen wringt.

Hij vond ook de landelijke publiekscampagne Nederland leeft met water (met weerman Timofeeff) onvoldoende: “De urgentie komt nog onvoldoende over.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels