nieuws

Schreeuwend tekort aan schilderspersoneel

bouwbreed

amsterdam – Schildersbedrijven komen massaal personeel tekort. In 2001 had 37 procent van deze bedrijven medewerkers nodig. ‘Bij ruim 90 procent van de vacatures ging het om schilders, vooral schilders op onderhoudswerken.’ Dat blijkt uit het Sectorprofiel Schildersbedrijf dat het Economisch Instituut voor de Bouwnijverheid (EIB) onlangs publiceerde.

Gemiddeld is er op elke tien werknemers een vacature. De meeste banen staan al langere tijd open. Het aantal vacatures voor uitvoerders en werkvoorbereiders is met 0,7 procent van het totaal relatief gering. Toch doen zich hier problemen voor omdat juist dit soort personeel erg moeilijk te vinden is. Vooral voor de kleinere bedrijven heeft het grote aantal openstaande banen nadelige gevolgen. ‘Van deze bedrijven heeft 40 tot 50 procent in 2001 opdrachten geweigerd wegens capaciteitsgebrek.’ Sommige bedrijven lossen het capaciteitsprobleem op door opdrachten op termijn uit te voeren. Zo’n 40 procent van de schildersbedrijven lost het probleem op die manier op. Daardoor zit er tussen een opdracht en de uitvoering gemiddeld vijf maanden. ‘Deze periode is korter naarmate bedrijven groter zijn.’ Het risico dat schilders lopen om werkloos te worden is tussen 1996 en 1999 sterk gedaald. Van 42 procent in 1996 tot 30 procent in 1999. Schilders die in nieuwbouw en onderhoud werken, hebben de meeste kans om hun baan te verliezen. Daarnaast valt op dat schilders in de provincies Drenthe en Groningen de meeste kans hebben hun baan te verliezen. Het werkloosheidsrisico is daar respectievelijk 44,3 en 42,7 procent. Noord-Holland dat door het EIB in twee delen is gesplitst, heeft het laagste aantal werkloze schilders, 11,4 procent in het noordelijk deel en 10,5 procent in het zuidelijk deel. De winterwerkloosheid onder schilders daalde tussen 1994 en 1999 met 7 procent. In dezelfde periode liep het aantal schildersbedrijven dat met winterwerkloosheid te maken heeft, terug met ruim 6 procent. De meeste bedrijven proberen doelbewust de winterwerkloosheid terug te dringen. Daarbij nemen de grote ondernemers het voortouw. ‘De meest toegepaste maatregel betreft het in overleg met de opdrachtgever verschuiven van daartoe geschikt werk naar de winter’, constateert het EIB. ‘Ook het actief bewerken van de markt voor gepremieerd binnenonderhoudswerk wordt door veel bedrijven toegepast.’ Het beeld van het ziekteverzuim onder schilders meandert. Het daalde van 6,19 procent in 1995 tot 4,93 procent in 1997, steeg daarna tot 5,8 procent in 1998 en daalde vervolgens tot 5,5 procent in 1999.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels