nieuws

Weinig ‘ouds’ in bodem Betuweroute Kosten archeologisch onderzoek beperkt

bouwbreed

amersfoort ­ De kosten van archeologisch onderzoek op het traject van de Betuweroute zijn ruim 20 miljoen euro lager uitgevallen dan verwacht. Volgens een in 1995 gemaakte raming zou voor dit onderzoek 52,2 miljoen euro nodig zijn. Nu het project bijna is afgerond, blijven onkosten beperkt tot een slordige 30,4 miljoen euro.

Dat staat in de Archeologiebalans 2002, een rapport dat is uitgebracht door de Rijksdienst voor het Oudheidkundig Bodemonderzoek (ROB). Aanvankelijk was de ROB ervan uitgegaan langs het traject 260 vindplaatsen aan te treffen. Nader onderzoek leerde dat het ging om slechts 33 plekken die waardevol materiaal uit het verleden bevatten. Hiervan werden er 21 opgegraven, de rest is bewaard. Het ROB verwacht de komende jaren in den lande nog veel meer vondsten te doen vanwege de toenemende verstedelijking en de aanleg van infrastructuur. “Zo worden 140 wettelijk beschermde monumenten en ruim 28.000 hectare gebied met een zeer grote kans op archeologische waarden door de plannen geraakt”, aldus het rapport. Ondanks de toegenomen belangstelling voor archeologie en de daaraan gekoppelde verplichting dat pas mag worden gebouwd nadat archeologisch onderzoek is uitgevoerd, vreest het ROB dat de bodemschatten forse schade zullen oplopen. Dit is bijvoorbeeld het geval in het oostelijk rivierengebied, de streek rond Arnhem en Nijmegen. Hier verrijst onder meer de Betuweroute. Ook staan er grootschalige ontzandingen op het programma. “Omdat dit gebied zo rijk is aan archeologische vindplaatsen, gaat er met deze ruimtelijke ontwikkelingen veel verloren. Dat komt doordat veel archeologische vindplaatsen ondiep liggen.” Ook voor het gebied rond Maastricht en Heerlen zijn de vooruitzichten somber. “De laatste resten van onze eerste landbouwers worden ernstig bedreigd”, meldt het rapport. Om de verkeersstroom tussen de stedelijke kernen beter te verwerken, worden de A2, de A76 en de A79 verbreed en komt er een randweg tussen Heerlen en Landgraaf.” Verder verwacht de rijksdienst dat het zogenaamde bodemarchief schade zal ondervinden van woningbouw en natuurontwikkeling. Hierdoor dreigen diverse Romeinse herenboerderijen en pottenbakkerijen beschadigd te raken. Voor de Maasvlakte daarentegen zijn de vooruitzichten iets gunstiger. Het ROB verwacht dat de plannen voor dit gebied, zoals de aanleg van de Tweede Maasvlakte, een zeereservaat en een natuur­ en recreatiegebied zodanig kunnen worden aangepast dat het ‘bodemarchief’ grotendeels intact blijft.

Dramatisch

De plannen om de Randstad tot een nog groter stedelijk netwerk uit te breiden, de Deltametropool, zijn dramatisch voor de archeologische vindplaatsen in dit gebied, concludeert het ROB. “In het gebied van de Oude Rijn, dreigen met name resten van de Romeinse Rijksgrens verloren te gaan.” Niet alleen de bouw heeft een negatieve invloed op de archeologie, meldt het ROB. Ook landbouw, recreatie en natuurontwikkeling zijn soms funest. In het Dommeldal bijvoorbeeld, waar het oude landschap weer voor een deel wordt teruggebracht en waar ook recreatieterreinen worden aangelegd, dreigt het bodemarchief schade te ondervinden. “Omdat een aantal maatregelen met veel grondverzet gepaard gaat en erosie van vindplaatsen dreigt door meer intensief recreatief gebruik.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels