nieuws

‘Te veel hooi op je vork’ in uitvoerende bouw

bouwbreed

De bouw vaart wel bij werkdrukvermindering. Dit is vooral bereikbaar door mensen beter te leren omgaan met werkdruk. En door extra mensen in te schakelen zodat anderen worden ontlast. Voorop staat de menselijk kant. Want werkdruk ontaardt veelal in stress, met alle persoonlijke gevolgen van dien. Voorts is er de bedrijfsmatige kant. Werkdruk leidt duidelijk tot inefficiënte oplossingen en zelfs tot fouten. Denk hierbij aan het beruchte ‘faalkosten in de bouw verhaal’. Volgens Kees Slingerland is het derhalve toe te juichen dat het bouwbedrijfsleven zijn verantwoordelijkheid neemt en instrumenten aanbiedt om persoonlijke werkdruk te voorkomen en sterk te bestrijden.

Te veel, te lang, te snel. U weet het: overal waar ‘te’ voor staat is niet goed, zo wordt ons regelmatig voorgehouden. Daarbij komt nog het hoge levenstempo, gekenmerkt door jagen en opgejaagd worden, zo las ik onlangs in een bericht over de ‘Bond tegen de Haast’. Deze bepleit eveneens werkdrukvermindering. Niet alleen ‘ik ren dus ik ben’, maar ook waardering voor langzamere activiteiten zoals bezinning, sociale contacten en dagdromen. Maar of hun voorstel voor de woensdag als rustig­werkendag in de uitvoerende bouw mogelijk is?

Omtoveren

Zeker is dat te veel hooi op je vork ook in de hectische uitvoerende bouw niet goed uitpakt. Een extreme arbeidsproductiviteit van middenkader en leidinggevenden op en rond de bouwplaats lijkt misschien in eerste instantie aantrekkelijk voor het financiële plaatje, maar als je daar doorheen prikt, weet je wel beter. Risico’s op uitval van mensen, manco’s in bouwprocessen en bouwproducten, faalkosten en trammelant met bouwpartijen. Het resultaat is een slechte naam, die je niet snel in een imago van kwaliteit en betrouwbaarheid omtovert. De uitvoerende bouw laat het niet zover komen, getuige ontplooide initiatieven. Door uta­cao partijen zijn drie invalshoeken gekozen: (1) werkdrukvermindering door meer instroom, (2) stressbestrijding en (3) een prijsvraag onder bedrijven voor innovatieve oplossingen. Het eerste is lange termijnwerk, zo stelt ing. Gert Deelman van het AVBB. Hij is secretaris/voorzitter van de paritaire werkgroep belast met werkdrukvermindering. Ik citeer: “Je zult moeten zaaien om later te oogsten. Aangezien met name de vervulling van uta­functies een blijvend probleem voor de bouw zal (blijken te) zijn, moet je nu investeren in speciale projecten zoals ‘Meer vrouwen in uta­functies’ en een initiatief om hbo­studenten bouwkunde en civiele techniek kennis te laten maken met de bouw.’ Ondersteund door alle veertien hogescholen met bouwgerelateerde studierichtingen tracht de uitvoerende bouw meer studenten voor deze sector te enthousiasmeren. Dan krijgen uitvoerders, werkvoorbereiders, calculators en andere disciplines op termijn assistentie bij hun drukke werkzaamheden. Maar hoe bereik je die extra animo? Door zo’n 2500 eerste­ en tweedejaars hbo’ers vanaf eind 2002 in het Simulatiecentrum voor Bouwmanagement in Leeuwarden virtueel een bouwproces te laten aansturen. Zij gaan daadwerkelijk aan de slag met bouwmanagement en ervaren zodoende het boeiende van dergelijke functies.

Puik

De moderne, virtuele technieken helpen mee om te laten zien dat de bouw behoorlijk vooroploopt en zeker niet een saaie, traditionele bedrijfstak is. Voorheen vormden praktijkexcursies een goed middel, maar deze nemen in aantal af. U begrijpt het: werkdruk. Dan is het prima dat velen via het BMSC ervaren dat de bouw ook leuk is. Dit is de bouw op zijn best; in tweeërlei opzicht: het juiste beeld en een puik initiatief. Dit neemt niet weg dat wij werkdruk ook aan de bron moeten bestrijden, door mensen ermee te leren omgaan. De opleidingsinstituten bieden diverse trainingen hieromtrent. Ook BOB Kennisoverdracht, hoewel wij het misschien anders insteken dan anderen. We bieden mijns inziens in ieder geval een traject met weinig theoretisch geneuzel, cq een praktische manier waarbij wordt aangegeven waar drukpunten liggen en hoe medewerkers en bedrijven samen slimmer het werk kunnen organiseren. Juist omdat er een directe relatie is tussen bedrijfssituatie, persoon en werkdruk wordt eerst een bedrijfsscan gemaakt, zowel per functiegroep als tussen functiegroepen. Middelen, procedures en persoonlijke factoren worden doorgelicht. Pas daarna komt de training aan bod met het ontdekken van beïnvloedende elementen, het droogtrainen met zaken als zelfregulatie en het omgaan met individueel bepaalde condities, inclusief actieplan. Kern is dat wij niet zeggen hoe het moet, maar dat mensen zélf aan de hand van geopenbaarde drukpunten hun aanpak moeten verbeteren. Tot nu toe blijkt deze aanpak succesvol bij bedrijven die een in­company traject volgden. De belangstelling van bedrijven is sowieso groot, mede omdat de bedrijfsscan voor 100 procent wordt gesubsidieerd en de training voor 50 procent. Het is mij om het even welke weg naar Rome leidt, extra instroom, stressbestrijding, training of prijsvraag. Het zijn verschillende werelden met hetzelfde doel: werkdrukvermindering. Keuze genoeg dus. Werkdruk leidt tot inefficiënte oplossingen

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels