nieuws

Scherven aardbol vormen oorlogsmuseum

bouwbreed Premium

manchester – Neem een wereldbol en laat die door het voortdurend oorlogsgeweld in grote stukken breken. Kies de grootste scherven uit en bouw daarvan een museum over de oorlog. Dat is de filosofie van Daniel Libeskind, vooral befaamd om zijn Joods Museum in Berlijn maar ook ontwerper van het fascinerende Imperial War Museum in Manchester.

Met dit bouwwerk, zijn eerste op Britse bodem, en alles wat er in gebeurt wil Libeskind tevens aantonen dat er uit de chaos van een oorlog altijd weer iets goeds kan ontstaan. Het in juli geopende Imperial War Museum rijst als een glimmende burcht op aan het Manchester Ship Canal aan de rand van de stad, vlak bij het stadion van de beroemde voetbalclub. Libeskind nam een paar stukken ëgebroken globeí en paste die als een puzzel in elkaar. Bezoekers kunnen zelfs uit een folder zelf de scherven uitknippen om een eigen ëmuseumí in elkaar te zetten. Het resultaat is dan ook meer een constructie dan een gebouw. Het museum heeft bijvoorbeeld vrijwel geen rechte hoeken, terwijl de vloeren ook niet vlak zijn maar als op een echte globe naar de randen aflopen. Het grootste deel, een vlak van enorme afmetingen, vormt de grote expositieruimte op de eerste verdieping. Als ëaardscherfí is dit deel gewijd aan landoorlogen. Een andere scherf vormt het restaurant, dat zo uitsteekt over het water dat je je in een boot voelt, om aldus de strijd te water uit te beelden. De 55 meter hoge ëluchtscherfí die de toren met de ingang vormt, staat zoín 4 graden uit het lood. Het gehele complex, met een grootste lengte van 134 en een breedte van 45 meter, is bekleed met aluminium, wat het exterieur een koele indruk geeft. In de hal, die overal verstopte nissen heeft, word je eerst wat overstelpt door de enorme witte vlakken. Weliswaar zijn overal oorlogsspullen te zien, maar voor de rest is het een grote blankheid. Totdat elk uur de klank- en videoshow begint, die op een ingenieuze wijze de witte vlakken rondom omtovert tot 20 grote filmdoeken. De ontwerpers van de show hebben zo op een slimme manier ingespeeld op de vreemde mogelijkheden die Libeskinds ontwerp biedt.

Glimmend

Het Imperial War Museum is slechts ÈÈn van de vele opvallende bouwwerken in deze Noord-Engelse stad, de tweede van Groot-BrittanniÎ. Recht tegenover het museum, over de slanke stalen hefbrug van de Spaanse architect Casado die helaas haast nooit geheven wordt, staat het al even glimmende Lowry-centrum. Dit culturele centrum is gewijd aan de in Engeland bekende twintigste-eeuwse tekenaar met die naam.

Glas

Voor dit driehoekige gebouw met een oppervlakte van vijf voetbalvelden, is 48.000 ton beton, 2466 ton staal (voor de buitenbekleding) en 5.236 vierkante meter glas gebruikt. Het interieur is opgebouwd rond een reeks meetkundige figuren die er door hun felle kleuren ook duidelijk uitspringen. Meer in het hart van de stad is er bijvoorbeeld Bridgewater Hall, een muziektheater dat is gebouwd op 18.000 veren om trillingen van de nabijgelegen trambaan te voorkomen. Verderop is er het door Iain Simpson ontworpen Urbis, een schuin aflopende 35 meter hoge constructie die volledig is bekleed met halfmat glas en een museum herbergt dat gewijd is aan de steden en alles wat die teweeg brengen. Achterliggende gedachte is dat in 2020 75 procent van de wereldbevolking in de steden leeft, terwijl dat in 1800 nog maar 5 procent was. In het winkelhart van de stad wordt nog volop gebouwd. Aan alle kanten verrijzen splinternieuwe gebouwen, passend in ÈÈn groot Masterplan. Manchester heeft dit nieuwe stadshart te danken aan een tragische gebeurtenis. Op 5 juni 1996 ontplofte op de hoek van Arndale Street een grote bom, die was geplaatst door de Ierse terroristische organisatie IRA. De bom zelf was niet eens zo zwaar, maar door de schokgolven werden in een grote straal gebouwen vernield of structureel zo beschadigd dat ze gesloopt moesten worden. De 150 jaar oude textielbeurs Royal Exchange ñ nu een theater ñ moest bijvoorbeeld 20 maanden dicht om te bekijken of de fundamenten niet waren aangetast. Wonder boven wonder kwam niemand om het leven, hoewel wel 350 mensen verwondingen opliepen.

Vorm

Die ëoorlogsschadeí bood Manchester wel de gelegenheid het stadshart opnieuw vorm te geven. De nauwe straatjes, die nog stamden uit de achttiende eeuw, zijn vervangen door bredere waar het openbaar vervoer vrij baan heeft. Overal staan nieuwe winkels, zoals het grootste filiaal van warenhuisketen Marks & Spencer en een vestiging van de duurste winkel van Engeland, Harvey Nicols. Stuart Lyons, die werkt voor Manchester Marketing: ìToen iedereen eenmaal de klap te boven was, zijn we vol enthousiasme met een schone lei begonnen. Dat bleef niet beperkt tot het eigenlijke bomgebied, ook in de aanpalende wijken en straten zijn allerlei nieuwe projecten tot stand gekomen. Het was alsof iedereen opeens weer geloofde in de stad. Je kunt dus achteraf eigenlijk spreken van een geluk bij een ongeluk, want Manchester heeft vooral door die klap een grote opleving doorgemaakt.î ëUit chaos kan altijd weer iets goeds ontstaaní

Reageer op dit artikel