nieuws

Schitteren door afwezigheid

bouwbreed Premium

Schitteren door afwezigheid

De afgelopen weken is vanwege de herdenkingen van de terreuraanslag van 11 september het World Trade Center weer veel te zien geweest, niet alleen de horrorbeelden van de neerzijgende reuzen, maar ook in volle glorie. In Cobouw bijvoorbeeld stond op 11 september een prachtige foto, genomen vanaf de voet van de Twin Towers die deze architectuur op haar mooist en elegantst toonde als abstracte, bijna eindeloze zuilen, die oplossen in de strakblauwe lucht. Zo kolossaal en toch zo licht. Het mag duidelijk zijn, hier schrijft een liefhebber van het werk van Minoru Yamasaki. Naast de foto stond een artikel waarin prof.dr.ir. Gerard van Zeijl sprekend werd opgevoerd. Hij noemde de twee torens ‘symbool van moed en kennis’ en de aanslag ‘niet alleen een beeldenstorm, maar ook een kennisstorm’. Ik weet niet wat Van Zeijl daar allemaal precies mee bedoelt, maar het is mooi dat de Twin Towers leiden tot zulke bespiegelingen. Dergelijke diepzinnigheid viel de Twin Towers zelden ten deel toen ze er nog stonden en ze nauwelijks architectonische en stedenbouwkundige kwaliteiten kregen toegedicht. Saai, lelijk, banaal, een verstoring van de skyline: dat zijn lange tijd de oordelen geweest. Het enige bijzonder aan de torens was hun enorme hoogte. Van banaal naar symbool van kennis en moed: de vernietiging van de torens heeft de Twin Towers totaal andere betekenissen gegeven. Nu ze er niet meer zijn, zijn ze belangrijker geworden dan ze ooit waren. Wat er ook gebouwd gaat worden op Ground Zero, de herinnering aan het oorspronkelijke WTC zal heel lang door de nieuwbouw blijven schijnen, als onderdeel van een New York dat niet (meer) in gebouwde vorm bestaat maar wel in de hoofden van heel veel mensen. Het gebeurt wel vaker dat gebouwen die er niet meer zijn een bestaan krijgen dat minstens zo reëel is als van echte gebouwen. Soms worden verdwenen gebouwen zelfs steeds belangrijker, dierbaarder, mooier en betekenisvoller, net zoals vroeger ’s zomers altijd de zon scheen en je elke winter kon schaatsen. Het Paleis voor Volksvlijt dat op het Amsterdamse Frederiksplein heeft gestaan, is daarvan een Nederlands voorbeeld. Het paleis, gebouwd in het midden van de negentiende eeuw naar ontwerp van C. Outshoorn, brandde in 1929 af, op één galerij na die in de jaren zestig is gesloopt voor de bouw van de Nederlandse Bank (1960-1967) op deze plek. Dit gebouw van Marius Duintjer, enkele jaren ouder dan het WTC, is te zien als het enkelvoudige Amsterdamse equivalent van de Twin Towers: ook een architectuur waarvan de merites zelden worden onderkend en dat veelal wordt afgedaan met dezelfde kritiek die het WTC vroeger te verduren kreeg: te groot, te abstract, niet geschikt voor deze plek. Ook al is het Paleis voor Volksvlijt al ruim zeventig jaar weg, en het laatste stukje toch al zo’n veertig jaar, in de loop der tijd is het negentiende-eeuwse gebouw alleen maar meer gaan leven in de herinnering. Er zijn boeken over verschenen, artikelen, en het wordt vaak aangehaald als een magnifiek gebouw. Sinds enkele maanden zet beeldend kunstenaar en televisiemaker Wim T. Schippers zich in voor de bouw van een replica van dit paleis van glas en gietijzer. Ik ga niet beginnen over de praktische kant dat het niet zo makkelijk is om een verdwenen gebouw te reconstrueren (bestaan er nog bruikbare tekeningen van het gebouw, of fragmenten van de oorspronkelijke constructie?). Zelfs de vraag of een nieuw Paleis ooit op kan tegen het origineel, dat in het collectieve bewustzijn misschien wel veel mooier en indrukwekkender is dan een reconstructie ooit kan zijn, wil ik laten voor wat het is. Ik gun iedereen zijn of haar teleurstelling. Ronduit treurig vind ik echter dat Schippers hiermee de moderne architectuur van de Nederlandse Bank vogelvrij wil verklaren. In New York waren het tenminste nog terroristen die het op moderne architectuur hadden gemunt en geen kunstenaar.

Reageer op dit artikel