nieuws

Buitenlandse omzet Duitsers stijgt naar 13,1 miljard euro

bouwbreed

De Duitse bouwers verleggen in het gevecht om te overleven het accent van hun activiteiten steeds meer naar het buitenland. De elders behaalde omzet steeg in 2000 met ruim 50 procent tot de recordhoogte van 13,1 miljard euro.

Ten opzichte van 1998 is volgens brancheorganisatie Deutsche Bauindustrie de buitenlandse productie van de bouwers verdubbeld.

De sterk gestegen internationale interesse is voor de meeste Duitse bouwbedrijven een regelrechte noodsprong. Ondernemingen als Bilfinger + Berger, en sinds recentere datum Philipp Holzmann, hebben hun activiteiten in het buitenland fors opgevoerd om de problemen op de thuismarkt het hoofd te bieden. De succesvolste Duitse bouwreus, Hochtief, grootaandeelhouder van Ballast Nedam, haalt al tachtig procent van de omzet uit het buitenland.

Verenigde Staten

Op afstand is de Verenigde Staten met 10,5 miljard euro voor de Duitse bouwers de belangrijkste buitenlandse markt. Het volume steeg vorig jaar, vooral dankzij Jones (Holzmann) en Turner (Hochtief), ten opzichte van 1999 met 45 procent. Uit Australië en Azië haalden Duitse dochterbedrijven respectievelijk 2,1 en 1,9 miljard euro. Afrika is met een productie ter waarde van 627 miljoen euro slechts een beperkte bron van inkomsten.

De Duitse productie elders in Europa steeg met 37 procent tot 3,7 miljard euro. Tegenover een toename met twintig procent in de EU-landen, staat een verdubbeling in de MOE-landen, die staan te trappelen om toetreding tot de Unie. Deutsche Bauindustrie verwacht dat de stijging van de activiteiten in het oosten voorlopig zal aanhouden.

Dochterbedrijven

De internationale bouwactiviteiten onder Duitse vlag worden voor 90 procent georganiseerd en uitgevoerd door lokale dochterbedrijven. Slechts tien procent van de omzet komt op conto van de vestigingen in thuisland Duitsland.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels