nieuws

Vliegtuigen speuren naar bommen op bouwlocatie

bouwbreed

De gemeente Arnhem laat de toekomstige woonwijk Schuytgraaf door middel van infraroodfotografie onderzoeken op explosieven uit de Tweede Wereldoorlog. Over een oppervlakte van vierhonderd hectare heeft een gespecialiseerd bedrijf vanuit een vliegtuig opnames gemaakt van de bodem.

De foto’s vormen samen met ander onderzoeksmateriaal de basis voor een vlekkenkaart, waarop de risicogebieden aangegeven staan.

Het gebied onder de Rijn bij Arnhem lag tegen het einde van de Tweede Wereldoorlog in de frontlinie. “Het was een van de laatste slagvelden in ons land”, weet directeur Du Fijn van de Risk Management Group (RMG) in Ridderkerk. Zijn bedrijf brengt voor de gemeente vanuit de lucht de explosieven in kaart.

Begroeiing

De foto’s leggen in miljoenen tinten de verkleuringen vast van de begroeiing in het gebied. “Wanneer planten een andere tint hebben dan normaal, kan dat wijzen op metaalverontreiniging in de grond, bij de wortels”, legt Du Fijn uit. Oude bommen kúnnen de achterliggende oorzaak zijn. “Dat is tegelijk het probleem. Het onderscheid tussen explosieven en een hoefijzer of een ijzeren deur in de bodem is moeilijk waar te nemen.” Daarom is naderhand altijd bodemonderzoek ter plaatse nodig.

Maar ook een duik in de historie kan volgens de directeur uitkomst bieden. “We kijken op luchtfoto’s uit de Tweede Wereldoorlog of er kraters of bijvoorbeeld luchtafweergeschut te zien zijn. In beide gevallen is de kans op explosieven vrij groot.” Verder weten ooggetuigen soms nog zeer nauwkeurig de ligging van blindgangers aan te geven.

Hoeveel explosieven er in de grond zitten, kan Du Fijn nu nog niet inschatten. “Het hangt ervan af hoe zwaar het gebied destijds gebombardeerd is en hoeveel er na de oorlog aan bommenruiming is gedaan.” Hij verwacht twee of meer maanden nodig te hebben om het fotomateriaal te verwerken.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels