nieuws

Schiphol als bijzondere, beweeglijke stad

bouwbreed

Schiphol moet worden uitgebreid met culturele voorzieningen. Stedenbouwkundige prof.ir. Max van den Berg zou Nederland graag presenteren aan de passerende internationale reizigers. Ook moeten aan de landzijde meer voorzieningen ontstaan voor een plezierig verblijf.

Van den Berg werkte vijftien jaar als directeur bij de provincie Noord-Holland. De afgelopen jaren was hij speciaal verantwoordelijk voor Schipholzaken. Onlangs ging Van den Berg vervroegd met pensioen. Op veel plaatsen in de wereld heeft hij de stedenbouwkundige structuur van luchthavens bestudeerd en dan komt Schiphol er in zijn ogen niet slecht vanaf.

“Dat deel van de Randstad behoort tot de drukste gebieden van Nederland. Ruimteclaims strijden onderling met elkaar. Maar wie Schiphol vanuit Leiden benadert, rijdt door een leeg landschap. We zijn erin geslaagd voor een groot gebied de polderstructuur van de droogmakerij van weleer te behouden. Dat is uniek. Wegen en spoorlijnen passen redelijk goed in dat landschap. Dergelijke kwaliteit wordt in Frankfurt of Barcelona echt niet gehaald.”

Ook de architectuur van kantoor- en luchthavengebouwen vindt in zijn ogen genade. “Vaak onderscheidt het zich niet van het gemiddelde Nederlandse kantorengebied, maar er zijn ook plekken waar wel sprake is van bijzondere architectonische kwaliteit. Neem de kantoren in het groen die bij vlakbij Schiphol verrijzen. Of de luchthavengebouwen zelf. Niet dominant of protserig. Vaak grijs. Ze passen in de beste traditie van onze zakelijkheid.”

Milieu

Milieuhinder is bij een luchthaven van dergelijke omvang onvermijdelijk. Door de aanleg van de vijfde baan zal geluidsoverlast verder afnemen.” Hinder is een subjectief begrip. Mensen die een economische binding hebben, klagen bijvoorbeeld veel minder snel dan andere bewoners in het gebied. Verder blijkt de een te wennen aan de passage van vele vliegtuigen, terwijl de ander al klaagt bij een enkel vliegtuig. Het aantal meetpunten wordt echter uitgebreid. De provincie neemt alle klagers serieus.”

Er mag op de korte termijn een en ander veranderen. Volgens hem moet Schiphol nog meer worden beschouwd als een ‘bijzondere, beweeglijke stad.’ “Iedere stad werkt aan zijn centrumgebied, maar Schiphol wordt nog teveel gezien als een simpele reizigersmachine. De werkgelegenheid in de omgeving van de luchthaven is de afgelopen periode sterk gegroeid. Er verblijven zoveel mensen; bij verblijf in de openbare ruimte zullen zij zich snel ontheemd voelen. We moeten hen echt moeten meer bieden dan alleen een mogelijkheid om te snacken. Laat verder de reizigers die op Schiphol overstappen zien hoe Nederland eruit ziet.”

Ook mag meer werk worden gemaakt van een passende infrastructuur. “De aan- en afvoer van reizigers en werknemers in het gebied dreigt te stagneren. Binnenkort is er de zuidtangent. De hogesnelheidslijn is in aanleg. Maar optimaal is het allemaal niet.”

Vertragingen

Het is hem een doorn in het oog dat de aanleg van wegen en spoorlijnen steeds weer een zaak is van zeer lange adem. “Planvorming neemt veel te veel tijd in beslag. Juist door alle vertragingen worden de kosten hoog. Of blijven goede oplossingen uiteindelijk achterwege.”

De gemeente Amsterdam maakte in de week van het vraaggesprek bekend dat de Noord/Zuidlijn niet voor 2011 zal rijden. Mogelijke verlenging van deze lijn, belangrijk voor een gebied waar zich zo veel internationale bedrijven hebben gevestigd, zal nog veel langer op zich laten wachten.

Voor de lange termijn zal volgens hem opnieuw worden gekeken naar andere mogelijkheden voor de uitbreiding van Schiphol. “Op de ruimte die we nu nog hebben, moeten we buitengewoon zuinig zijn. Alternatieven als een luchthaven op een eiland in zee zullen daarom vroeg of laat weer in beeld komen. Maar bedenk wel dat zoiets vele malen ingewikkelder is dan uitbreiding in het bestaande gebied. En daar zijn we doorgaans al een onmogelijk lange periode mee bezig.”

Landbouw

En ook de plannen voor inpoldering van de Markerwaard zullen, zo denkt hij, weer op tafel komen. “Als de economie stagneert, dan komen dergelijke plannen weer uit de kast. Dat is in Nederland altijd zo geweest. Bij de inpoldering van de Noordoostpolder ging het ook om een plan van zeker twintig jaar daarvoor. En wat voor een bepaalde generatie taboe is, kan later heel wel haalbaar zijn.”

Acute zorg heeft hij over de instandhouding van de nu lege gebieden. “De landbouw zal het hoofd niet boven water kunnen houden. Dan dreigt verloedering. Natuurbeschermingsorganisaties zullen voor het beheer samen met bedrijven als de luchthaven zelf oplossingen moeten bedenken.”

‘Bouwstijl pastin traditie van zakelijkheid’

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels