nieuws

De Knoop Voorbij

bouwbreed Premium

Geheel volgens de Nederlandse traditie van de ‘gemaakte stad’ maken overheden en private partijen onder strakke regie plannen voor gebieden als de Amsterdamse Zuidas, Schiphol en Rotterdam Centraal. Gebieden die, zo benadrukt de Vijfde Nota Ruimtelijke Ordening, als knooppunt cruciaal zijn voor centrumstedelijke ontwikkeling en vernieuwing. Voorop staat een goede mix van functies die een gevoel van stedelijkheid genereren. De complexe ruimtelijke problemen maken dat niets aan het toeval wordt overgelaten.

Stedelijkheid voor wonen en werken, wint ook in andere gebieden aan populariteit. Ondanks tal van praktische bezwaren als parkeerdruk, gebrek aan ruimte en geluidsoverlast, kiezen veel mensen voor een omgeving als de Amsterdamse Pijp, Wittevrouwen in Utrecht of Middelland in Rotterdam. Het is een ‘spontane’ ontwikkeling en vernieuwing van woon- en werkmilieus in centrumstedelijke gebieden. Niet alleen in de grote steden, maar ook bijvoorbeeld in Zaanstad, Enschede en Tilburg.

Vernieuwing

Elk stedelijk netwerk heeft gebieden nodig die zich lenen voor experimentele vernieuwing. Ingegeven door technologische vooruitgang, maatschappelijke veranderingen of culturele trends, ontstaan nieuwe initiatieven. Voorbeelden zijn er genoeg. In de wijk King Spadina in het Canadese Toronto heeft een voorheen verwaarloosd pakhuizengebied zich ontwikkeld tot een trendy modecentrum. Dit dankzij speerpuntprojecten maar vooral ook door flexibelere regelgeving. En in het Zweedse Göteborg heeft de transformatie van oude werven en dokken tot een interessant nieuw havengebied geleid, maar pas nadat informele ontwikkelingen de ruimte kregen.

Aandacht

Momenteel is de aandacht sterk gericht op de ontwikkeling van complexe centrumstedelijke milieus in economische hogedrukgebieden. Forse investeringen, hoogwaardige infrastructurele aanpassingen, hoge dichtheden, fraaie openbare ruimtes en regionale leisure programma’s moeten stationslocaties omtoveren tot de nieuwe centra van de netwerkstad. Het zijn complexe stedelijke vernieuwingsoperaties die veel aandacht vragen en krijgen.

Daartegenover staat de meer informele ontwikkeling tot gemengd stedelijke gebieden. Low profile, maar met een enorme potentie. De flexibele stad, waar initiatieven op economisch als wel op cultureel vlak zorgen voor vernieuwing met een mix van laag- en hoogwaardige functies. Stedelijke milieus als de Amsterdamse Pijp of King Spadina in Toronto zouden inspiratiebronnen kunnen zijn ook voor de stedelijke ontwikkeling van deze eeuw.

Een dergelijke stad wordt echter niet kant en klaar ‘gemaakt’, maar moet stap voor stap groeien. Van belang is het creëren van voorwaarden die tot de gewenste vorm van stedelijkheid leiden. Dit vereist een bijzondere aanpak van het realisatieproces; meer stapsgewijs, strategisch aangestuurd en met een veelheid aan publieke en private partijen. Het vinden van financieringsmogelijkheden voor vernieuwende activiteiten speelt een belangrijke rol. Projectontwikkeling is in dit kader meer een vorm van procesbegeleiding. De ontwikkelingskorrel heeft in aard en omvang een sterk gedifferentieerd karakter.

Samenspel

Het is een samenspel van conditioneren van stedelijke ontwikkeling en het initiëren van veranderingsprocessen. In de recente Nederlandse traditie speelt een dergelijk samenspel een ondergeschikte rol. De ontwikkeling van complexe stedelijke knooppunten en het op grote schaal produceren van nieuwe woningen, vereisen heel andere mechanismen.

Voor het realiseren van stedelijke zones die plaats bieden aan een innovatieve mix van wonen, werken en experiment zijn andere ruimtelijke principes, ontwikkelingsstrategieën en stedenbouwkundige gereedschappen nodig. Deels kunnen we oude ruimtelijke principes ‘afstoffen’, deels is aanpassing van het stedenbouwkundig gereedschap nodig. Belangrijk is manieren te bedenken om stedelijke vernieuwing zo te organiseren, dat een interessante en gevarieerde stad kan ontstaan. Daarvoor zijn nieuwe prototypen voor gemengd wonen en werken nodig.

We moeten economische lagedrukgebieden leren conditioneren, zodat stedelijke innovatie niet wordt weggedrukt. Het creëren van een variëteit aan ontmoetingsplekken is belangrijk, evenals het tijdig herkennen van strategische projecten om de boel op gang brengen. Er is ruimte nodig voor de grote als wel de kleine schaal. Dat kan door het individuele perceel opnieuw als eenheid voor ontwikkeling te hanteren. Zo kunnen gebouwen en programma’s flexibeler veranderen en daarmee inspelen op nieuwe wensen en inzichten.

Er ligt een fantastische opgave om nieuwe centrumstedelijke leefmilieus te ontwikkelen. Laten we die opgave niet vernauwen tot het regisseren van nieuwe knooppunten in het netwerk (hoe interessant ook), maar in de volle breedte aanpakken. Er moet geëxperimenteerd worden met nieuwe en oude stedenbouwkundige instrumenten, zodat de legenda-eenheid ‘centrumstedelijk woon-werkmilieu’ een veelkleurige invulling krijgt.

Reageer op dit artikel