nieuws

Herman Hertzberger zet in Apeldoorn wereld op zijn kop

bouwbreed

Een ondoorzichtige constructie van zwart beton, ‘zwevend’ op een transparante onderbouw van glas. Architect Herman Hertzberger heeft in zijn ontwerp voor het nieuwe Apeldoornse museumcomplex APart de wereld op zijn kop gezet. Hoewel hij van alle deelnemers aan de prijsvraag het meest van het programma van eisen is afgeweken, heeft Hertzberger met zijn ontwerp de Apeldoorners voor zich ingenomen.

De gemeente wilde een nieuw gebouw waarin zij vier organisaties kan onderbrengen. Het Van Reekum Museum voor moderne kunst, het Historisch Museum Apeldoorn, het gemeentearchief en een uitbreiding van de naastgelegen bibliotheek. Maar omdat ook die bibliotheek (ontwerp architect Ruyssenaars) en het aangrenzende Huis voor Schoone Kunsten (Uyttenhaak) al blikvangers zijn en moeten blijven, had de opdrachtgever speciale wensen.

“De opdracht was een gebouw op pootjes te ontwerpen, zodat de beide andere gebouwen goed zichtbaar blijven”, verduidelijken gemeentelijk projectleider Tom Munsterman en projectmanager Hans Verheijdt van PKB Rotterdam Bouwadviseurs.

Uitnodigend

Behalve het zicht op de bibliotheek en het centrum voor kunsteducatie, moet de transparantie er ook voor zorgen dat de voorbijganger wordt uitgenodigd een kijkje in het museum te nemen.

De combinatie van het museum met het archief maakte de opdracht volgens de projectleiders tot een lastige opgave. Volgens de wet vereist een archiefgebouw een brandwerendheid van 240 minuten. Bovendien moet het bestand zijn tegen explosies met krachten zoals bij de vuurwerkramp in Enschede. “Daarom zie je archieven vaak in bunkerachtige gebouwen, niet zelden deels onder de grond.” Maar op dat niveau moest nu juist een transparante en uitnodigende laag komen.

In het ontwerp van Hertzberger begint het u-vormige museumgebouw in het souterrain. Glazen gevels van 80, 45 en 55 meter lang en 8,5 meter vanaf het maaiveld, zorgen voor voldoende licht in het onderste deel van het museumgebouw. Binnen dragen veertig kolommen van elk een halve meter doorsnede, met steeds zes meter onderlinge afstand, de grote zwarte doos waar het archief in komt, nog eens 4,5 meter hoog. De ‘verdiepingen’ zijn zwevende vloeren op verschillende hoogten, die met trekstangen aan de betonconstructie hangen. Door het ontwerp wordt het gebouw volgens projectleider Munsterman een soort ‘cultuurwarenhuis’, waarbinnen alle functies openbaar zichtbaar worden.

Flexibel

Omdat veel zonlicht binnenvalt en alle ruimten onder het archief met elkaar in verbinding staan, moeten aanpassingen worden gemaakt. Wegens het ontbreken van compartimenten voor brandveiligheid, wordt het gebouw uitgerust met een sprinklerinstallatie. Omdat elke functie haar eigen klimaat vereist, komen er ruim tien luchtsystemen, die verschillende luchtvochtigheidsgraden en temperaturen regelen in een en dezelfde ruimte.

De expositieruimten kunnen flexibel worden ingericht met beweegbare wanden. Zo kunnen ondanks veel zonlicht toch exposities worden gehouden met kunstwerken die tegen uv-straling beschermd moeten worden.

Behalve de 8000 meter bvo binnen, richtte Hertzberger ook de binnenplaats tussen de beide poten van de U-vorm in. Stroken gras en stroken beton (het dak van het souterrain onder de binnenplaats) lopen glooiend van de begane grond van één poot naar de eerste verdieping van de andere. Samen met een aflopende trap annex tribune vanaf het Huis voor Schoone Kunsten ernaast, ontstaat zo een soort dal met ruimte voor buitenoptredens van het kunsteducatiecentrum en een terras van een museumcafé.

Deze maand wordt begonnen met de bouw. De algemene coördinatie is in handen van BAM NMB, de glazen gevels komen van gevelbouwbedrijf Blitta uit Venray. Het nieuwe ‘kunstwarenhuis’ kost 53 miljoen gulden en wordt medio 2003 opgeleverd.

Transparantie moet voorbijganger verleiden tot bezoek

Reageer op dit artikel