nieuws

Mer-procedure voor extra spuisluis

bouwbreed

Om in de toekomst de veiligheid van de gebieden rond het IJsselmeer te waarborgen, moet in de Afsluitdijk een extra, open spuisluis worden gebouwd. Een voorlopig ontwerp gaat uit van doorstroomopeningen van 30 meter breed en een bodem op 6,5 meter minus NAP. In een mer-procedure zal voor de voorkeursvariant de meest gunstige locatie worden gekozen.

De afgelopen jaren is in het IJsselmeergebied wateroverlast opgetreden omdat de bestaande spuisluizen in de Afsluitdijk bij Kornwerderzand en Den Oever de aangeboden hoeveelheid water niet konden verwerken. Het streefpeil is daarbij overschreden: in de winter NAP minus 0,4 meter en NAP minus 0,2 meter in de zomer. In de winter is het streefpeil een minimumpeil voor scheepvaart. Het streefpeil in de zomer ligt hoger, zodat er een buffer is voor de landbouw en drinkwatervoorziening. In 1998 is in de winterperiode op het IJsselmeer een waterstand voorgekomen van ruim NAP + 0,50 meter, dat is 0,90 meter boven het streefpeil.

Toch zou de spuicapaciteit van de bestaande sluizen normalerwijs voldoende moeten zijn om het aangeboden water van IJssel en Rijn af te voeren. Maar klimaatverandering gooit op termijn roet in het eten. Het KNMI komt met het middenscenario van het Intergovernmental Panel on Climate Change. Daarin staat dat de gemiddelde temperatuur op aarde in 2050 met één graad Celsius is gestegen.

Bodemdaling

Met de bodemdaling van Nederland tot 2050 zou dit in dat jaar kunnen leiden tot een relatieve zeespiegelrijzing van 0,25 meter. Die stijging komt niet alleen door het smelten van de poolkappen, het grootste deel wordt veroorzaakt door uitzetting van de bovenste waterlaag van de oceanen. Een ander verwacht effect van de temperatuurstijging is dat er in de winter meer neerslag valt en dat de rivieren dan dus meer water zullen afvoeren. In de zomer wordt juist een afname van de rivierafvoeren verwacht.

Sinds 1996 is het lozen van overtollig water van IJsselmeer onderwerp van meerdere studies geweest. Die hebben geleid tot het inzicht dat de capaciteit van de huidige spuisluizen in de Afsluitdijk onvoldoende is om bij de aangenomen relatieve zeespiegelstijging (peilstijgingen en bodemdaling) van 0,25 meter tot 2050 het huidige peilbeheer te kunnen voortzetten en daarmee de veiligheid te handhaven.

De huidige spuisluizen zijn in totaal 300 meter breed en hebben een diepte van vier meter. Bij elkaar dus 1200 vierkante meter verdeeld in vijf groepen van elk vijf kokers, vijfentwintig spuikokers in totaal. Vijftien bij Den Oever en tien bij Kornwerderzand. De spuicapaciteit is gemiddeld 2500 kubieke meter per seconde. Per dag kan nu gedurende twee perioden van ongeveer vier uur worden gespuid.

Voor het garanderen van de veiligheid van het gebied rond het IJsselmeer moet gedacht worden aan verdubbeling van de spuicapaciteit. Daarvoor zijn vier mogelijke oplossingen in beeld geweest:

• Vergroting van de afvoercapaciteit bij de Afsluitdijk;

• De aanleg van een supergemaal;

• Verhoging van het streefpeil en de dijken onder behoud van de huidige sluizen;

• Inrichting van overlooppolders buiten het IJsselmeer om overtollig water tijdelijk te bergen.

Vrij verval

Op basis van studies en verworven inzichten heeft het kabinet in december 2000 besloten het water uit het IJsselmeer zo lang mogelijk onder vrij verval te willen blijven lozen. Daarom is uitbreiding van de bestaande spuicapaciteit nodig. De oude spuisluizen blijven in gebruik. Ze zijn al zeventig jaar oud en kunnen na renovatie ten minste nog vijftig jaar mee.

Andere mogelijkheden dan nieuwe spui-sluizen zijn met het besluit vervallen. Een gemaal blijkt zeer duur te zijn. Om eenzelfde veiligheid te bereiken als verdubbeling van de spuicapaciteit, zou zo’n gemaal een capaciteit moeten krijgen van 500 kubieke meter per seconde en ook nog eens continu moeten draaien. Ter vergelijking: na uitbreiding wordt het gemaal in IJmuiden met 250 kubieke meter per seconde het grootste gemaal van Nederland.

Op basis van de kosten van aanleg zou een gemaal tweemaal zo duur worden als de aanleg van extra spuicapaciteit. Als ook nog de energierekening wordt meegerekend, zijn de gekapitaliseerde life-cycle kosten zelfs viermaal zo hoog als voor een extra spuimiddel.

Voor overlooppolders is rond het IJsselmeergebied geen ruimte. Het inrichten van opvangbekkens zou tienduizenden hectaren ongeschikt maken voor hun huidige functie. Bovendien vergt dit extra maalcapaciteit om het gebied weer leeg te pompen.

Alhoewel nu extra spuicapaciteit wordt aangelegd zal dat op termijn niet voldoende zijn. Peilverhoging en dijkversterking is op termijn de te verkiezen oplossing voor het IJsselmeergebied. Vooralsnog kleven daar echter diverse nadelen aan, zoals het aanpassen van de bestaande infrastructuur, het feit dat vooroevers onder water zouden komen te staan en uiteraard de kosten. Met een periode van vijftig jaar waarin geanticipeerd kan worden op deze peilstijgingen zullen de kosten van peilverhoging veel lager zijn. Bij vervangingsbouw kan er immers al rekening mee worden gehouden.

Ontwerpopties

De directie IJsselmeergebied van Rijkswaterstaat heeft voor het ontwikkelen van de plannen voor extra spuicapaciteit het programmabureau [ES]2-Afsluitdijk opgericht. Bij het bureau werken circa tien mensen, terwijl ook nog werk wordt uitbesteed aan specialistische diensten van Rijkswaterstaat zoals Bouwdienst, RIZA en RIKZ en natuurlijk aan de markt.

Projectleider voor het spuimiddel ir. E. van Harmelen laat weten dat er vijf ontwerpopties zijn bekeken. Die zijn opgesteld door de Bouwdienst van Rijkswaterstaat. Na afweging is daaruit het technisch gunstigste ontwerp gekozen: een open sluis met doorstroomopeningen van 30 meter breed en een bodem op 6,5 meter minus NAP.

De startnotitie voor de mer (milieueffectrapportage) ligt inmiddels ter inzage. Naar verwachting wordt volgend jaar een mer voor meerdere locaties ter inzage gelegd.

Qua techniek heeft het opgestelde ontwerp de voorkeur, maar qua milieu is wellicht nog een beter ontwerp te maken. De afsluitdijk is 32 kilometer lang. De startnotitie gaat uit van het onderzoeken van drie locaties: binnen een zoekgebied tussen de knik in de Afsluitdijk ten westen van Kornwerderzand en de Javaruggen, 4 tot 5 kilometer ten westen van het voormalige werkeiland Breezanddijk. Verder naar het westen is minder zinvol in verband met het minder lage laagwater op de Waddenzee.

Aanbesteding

Het tijdschema voor de extra spuisluizen gaat uit van vaststelling van het ontwerpbesluit in december volgend jaar. Aansluitend kunnen dan de aanvragen voor de vergunningen en ontheffingen gaan lopen.

Ook kan dan de procedure voor de aanbesteding worden gestart. Wat dat betreft bevindt het project zich volgens Van Harmelen nog wel in een spanningsveld. Rijkswaterstaat wil innovatief aanbesteden. Zoals zich dat nu laat aanzien, zal dat in de vorm van een Design and Construct contract zijn. Het ontwerp dat de Bouwdienst maakt als voorkeursontwerp in de mer zal dan dienen als referentieontwerp bij de aanbesteding, samen met een functioneel programma van eisen.

Van Harmelen wil echter de markt zoveel mogelijk de ruimte geven en dat kan niet als je in de mer en de vergunningen te veel inzoomt op hoe het ontwerp er precies uit moet komen te zien. “Daar zijn we nog niet uit. Mogelijk vragen we in 2003 een aantal marktpartijen om een ontwerp te maken. Eind dat jaar kunnen we dan een partij uitkiezen die de opdracht krijgt voor het maken van het detailontwerp en de feitelijke aanleg. In 2004 zou de bouw dan moeten beginnen om de nieuwe spuisluizen in 2007/2008 in gebruik te kunnen nemen”, zegt van Harmelen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels