nieuws

Euro knaagt aan regionale karakter sector

bouwbreed

De landelijke vereniging van grote bouwbedrijven in Nederland VG-Bouw adviseerde haar leden vorig jaar met de overstap op de euro niet te wachten tot 1 januari 2002. Het zou veel beter zijn die stap al op 1 januari van dit jaar te maken. VGBouw lobbyde binnen het AVBB en verschillende bouwgerelateerde branches, maar vond onvoldoende steun voor een bouwbrede overgang op de euro per 1 januari 2001.

De organisatie trok daarop het eerdere advies in. Van Blokland: “We kregen de opdrachtgevers, toeleveranciers en onderaannemers niet mee. Als het niet bouwbreed kan, heeft een algemene, snelle invoering geen zin. “Ook belangrijke overheidsopdrachtgevers als de Rijkgebouwendienst en Rijkswaterstaat en organisaties als het SFB gaan pas in 2002 over.

Bouwbedrijven moeten de problemen die gepaard gaan met de invoering van de euro niet onderschatten, meent Van Blokland. De euroconversie is lastiger en gecompliceerder dan de millenniumproblematiek, vernam hij van verscheidene grote bouwbedrijven.

Het Rijswijkse bouw- en baggerbedrijf HBG is een van de eerste Nederlandse bouwbedrijven die deze maand al bijna volledig euro-proof is. Ook de Nederlandse, Belgische, Duitse en Ierse dochters (de Britse niet) zijn per 1 januari overgegaan.

“We hebben bewust voor de datum van 1 januari 2001 gekozen”, verklaarde HBG-projectmanager R. Bouwens onlangs in de bedrijfskrant Specie van het concern. “Een jaar eerder speelde de millenniumproblematiek en invoering een jaar later – januari 2002 – biedt nauwelijks de mogelijkheid om eventuele problemen op te lossen.”

HBG is bijna drie jaar met de problematiek bezig geweest en heeft vorig jaar ook een zogeheten testconversie uitgevoerd. De holding en de groepsmaatschappijen in de diverse landen hadden hun eigen euro-werkgroepen en euro-coördinatoren. Speciale aandacht was er voor de inkoop, calculatie, rapportage, IT en communicatie. Ook externe partijen – de klanten, onderaannemers, leveranciers en andere crediteuren – werden uitgebreid geïnformeerd over de overstap van HBG naar de euro.

Het bouwbedrijf houdt er echter sterk rekening mee dat de vele relaties nog niet zover zijn. “Omdat wij nu overgaan wil niet zeggen dat onze relaties dat ook moeten doen. Wel is hen gevraagd bij prijslijsten en -aanbiedingen, facturen en dergelijke ook de bedragen in euro’s te vermelden”, aldus Bouwens.

Een van de belangrijkste taken volgt dit jaar. Bouwens: “Het belangrijkste is in euro’s te leren denken en scherp te letten op de muntsoort.”

Directeur voorlichting van het ministerie van Financiën J. Sprenger heeft de indruk dat de bouwsector nog niet goed voorbereid is op de komst van de euro. In een column in de krant Spits vertelde Sprenger, in het recente verleden lange tijd voorlichter bij de Bouw- en Houtbond FNV (nu FNV Bouw) vorige maand dat hij bezoek had gehad van enkele bouwondernemers die over de euro geïnformeerd wilden worden (in een toelichting zegt Sprenger dat het om adviseurs van bouwbedrijven ging). “Met enige scepsis, de bouw eigen, hoort het gezelschap me aan. De euro is niet onbekend. Maar zoals de bouw bijna iedere verandering heeft ondergaan, zo laten zij merken ook de euro wel te zullen overleven. Totdat ik de term ‘transparant’ in de strijd werp.”

Volgens de woordvoerder van Financiën maakt de euro de markt in Europa

ook voor bouwers transparanter en doorzichtiger, omdat prijsverschillen veel scherper zichtbaar worden. Die worden niet meer versluierd door het bestaan van nationale valuta en omwisselkosten. “Dan veren ze op. Dan realiseren ze zich dat het sterk nationale en soms zelfs regionale karakter van de bouw- nijverheid wel eens kan worden opengebroken. Dat opent perspectieven.”

Sprenger geeft het voorbeeld van een bouwer die, als hij een project in Enschede aanneemt, nu nog bijna automatisch het beton bestelt bij de betoncentrale in Almelo. Maar als straks de euro op het netvlies van de inkoper staat, zou de bouwer zijn grondstoffen wellicht net zo goed uit het naburige – Duitse – Gronau kunnen betrekken.

“De bouw koopt regionaal in”, zegt Sprenger in een toelichting. “Bedrijven doen dat vaak gedachteloos. Er wordt niet nagerekend of het goedkoper is materialen en grondstoffen van elders, bijvoorbeeld over de grens, te betrekken. Maar met de komst van de euro verdwijnt wellicht die drempel.”

VGBouw onderschrijft ten dele de conclusies van Sprenger, al meent de organisatie dat vanwege de voornamelijk binnenlandse oriëntatie van de bouw de meer strategische gevolgen van de euroconversie voor de bouwbranche beperkt zullen zijn. Met name de internationaal werkende branches met een homogeen productenassortiment worden het sterkst getroffen door verhoogde concurrentie, is de verwachting.

Concurrentie

Toch zullen de bouwmanagers moeten inventariseren of de komst van de euro gevolgen heeft voor de eigen afzetmarkt. En sommige bouwbedrijven ontkomen niet aan scherpere concurrentie. “De aanzienlijk grotere prijstransparantie door de komst van één Europese munt kan in specifieke gevallen concurrerende aanbiedingen vanuit de rest van Europa tot gevolg hebben”, concludeert de brancheorganisatie.

‘Belangrijkste is in nieuwe munt te leren denken’

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels