nieuws

Landmacht bouwt oefendorp bij Zoutkamp

bouwbreed Premium

Middenin in Lauwersmeergebied bij Zoutkamp in het uiterste puntje van Groningen verrijst momenteel een compleet nieuw dorp met de naam Marnehuizen. Populatie: nul. En het dorp is op geen enkele kaart terug te vinden. Het gaat dan ook niet om een gewone gemeenschap maar om een militair oefendorp dat de Koninklijke Landmacht gaat gebruiken om haar soldaten te trainen. Kosten: zo’n 30 miljoen gulden. De bouwcombinatie Marnewaard met als hoofdaannemer Trebbe Bouw uit Enschede is aangewezen om de 106 gebouwen te realiseren.

Zolang de mens op aarde rondloopt, wordt er al oorlog gevoerd. De manier van oorlogsvoering is echter aan verandering onderhevig. De tijd van grote veld- en tankslagen in open veld en bossen is anno 2001 voorbij. Vandaag de dag worden conflicten steeds vaker uitgevochten in stedelijk gebied. Dat vereist een andere tactiek en training van de soldaten. Defensie speelt daar op in met de bouw van het Urban Training Centre (UTC) Marnehuizen. Uniek in Europa.

“In het UTC worden onze eenheden getraind hoe ze moeten opereren tijdens vredes- en crisisbeheerssituaties”, legt drs. Bert Noorman uit. Hij is hoofd Beheer, Ruimtelijke Ordening en Milieu bij de Dienst Gebouwen Werken & Terreinen van Defensie in Meppel en in die hoedanigheid nauw betrokken bij de bouw van het militaire oefendorp. “De Koninklijke Landmacht had behoefte aan een oefenlocatie waar eenheden ter grote van een compagnie (150-200 man, red) worden getraind in oorlogssituaties en in situaties die zich voordoen tijdens vredesmissies. Denk aan het omsingelen, binnendringen en veiligstellen van panden.”

Station

De Koninklijke Landmacht koos ervoor om het bestaande oefendorp op het oefenterrein van de Willem Lodewijk van Nassaukazerne bij Zoutkamp uit te breiden en aan te passen. De bestaande oefenfaciliteit telde zestien betonnen, bunkerachtige huizen. “Niet meer van deze tijd. We laten nu een dorp bouwen met bijna echte woningen compleet met rioleringsbuizen, kozijnen, deuren en daken met dakpannen

Al rijdend vanaf de kazerne richting het UTC is het net of er een echt dorp uit de grond wordt gestampt. Een groot deel van de in totaal 122 dorpspanden – waaronder een gemeentehuis, een school en een echt station met rails en wagons .- is al bijna klaar en de rode daken lonken uitnodigend. Dichterbij gekomen, blijkt dat de woningen toch verschillen van echte nieuwbouwhuizen. Zo zijn de muren gemaakt van dikke betonstenen; veel zwaarder en logger dan normaal. Verder verschillen alle woningen van kleur en vorm; iets wat een welstandscom

missie bij een ‘normale’ woonwijk nooit zou toestaan.

“We bouwen de woningen cascoachtig af”, vertelt Peter Derksen, projectleider bij Trebbe Bouw. “Een supernauwkeurige afwerking is dus niet nodig. Wel moeten we ervoor zorgen dat de panden zeer duurzaam zijn. Als de soldaten hier straks gaan oefenen moeten die woningen tegen een stootje kunnen. De bouwmaterialen zijn daarom allemaal van onderhoudsongevoelige materialen als beton,betonsteen of staal. Alles is alleen veel zwaarder uitgevoerd: muren, daken, kozijnen, dakranden, noem maar op. Verder wordt bijvoorbeeld veel van het voegwerk mechanisch uitgevoerd om de hardheid van de voeg te vergroten. Dat komt nauwelijks voor in de bouw.”

In de verschillende panden zijn tal van bouwsnufjes doorgevoerd, die het de militairen straks makkelijker moet maken om levensechte simulaties te oefenen. “We hebben gaten in de muren gelaten. Die stellen granaatinslagen voor. Soldaten kunnen ze gebruiken als schietgaten. Verder worden er straks gaten in de muren geboord die kogelgaten moeten voorstellen.”

Andere snufjes zijn verplaatsbare puinhopen, een manshoog riool dat dwars door het dorp loopt met veertien verticale putten die onder meer in het in aanbouw zijnde gemeentehuis uitkomen en waardoor de ‘aanvallers’ een woning binnen kunnen dringen en intrapbare binnendeuren met klapschoot. Verder zijn de verschillende woningen zoveel als mogelijk verschillend van elkaar gemaakt qua indeling, vorm en kleur. “Dat is met opzet gedaan”, weet Noorman. “Zo is het verrassingseffect veel groter.”

Het dorp zelf is weer verdeeld in verschillende onderdelen. Zo bestaat het oostelijk deel uit een industriegebied met loodsen. Het noordwestelijke deel is een soort nieuwbouwwijk en in het centrum vind je de school, winkels, het station en het gemeentehuis. Aan de rand van het dorp worden halfafgebouwde woningen gezet. “Dat stellen ruïnes voor. Het dorp moet namelijk het aanblik bieden dat er al is gevochten.”

Erfafscheidingen, tuinverhardingen, garages, groenvoorzieningen, glasbakken, telefooncellen, en bewegwijzering completeren de illusie dat het om een echte gemeenschap gaat.

Uitdaging

Derksen erkent dat hij eerst wel even achter de oren moest krabben toen hij opdracht kreeg een plan te maken voor de bouw van een compleet dorp. “Hoe kom je aan voldoende bouwmateriaal, waar haal je de mensen vandaan. Dagelijks lopen hier honderd bouwvakkers rond. Dat was en is een logistieke uitdaging. Door nauw samen te werken met een flink aantal regionale en lokale onderaannemers hebben we die hobbel kunnen nemen. Maar het is nogal wat. Niet iedere aannemer kan zeggen dat ze in een jaar tijd een compleet dorp moeten bouwen!”

‘Een dorp met bijna echte huizen’

Militair oefendorp Marnehuizen

Opdrachtgever: Opleiding- en Trainingscentrum Manoeuvres (OTCMan) van de Koninklijke Landmacht

Aantal panden: 122

Grootte: 75 hectare

Projectkosten: zo’n 30 miljoen gulden

Oplevering: april 2002

Betrokken aannemers bij bouw Urban Trainings Centre:

Civieltechnisch (o.a. aanleg drie kilometer toegangsweg, grondwerk, riolering, bestrating): hoofdaannemer Lareco Nederland BV te Assen

Bouwkundig: (o.a. aanpassen bestaande woningen, bouw nieuwe oefenpanden) Bouwcombinatie Marnewaard met als hoofdaannemer Trebbe Bouw te Enschede en onderaannemers Kollum-Bouw en Visser & Smit Bouw BV Groningen

Elektrotechnisch: o.a. aanpassen en uitbreiden hoog- en laagspanningsgrondkabelnet, uitbreiden terreinverlichting, uitbreiden telefoongrondkabelnet) Alsema BV te Zuidlaren

Reageer op dit artikel