nieuws

‘School moet partner zijn van aannemer’

bouwbreed Premium

“Managementtalent moet de kans krijgen zich te ontwikkelen. Geef iemand van wie je denkt dat hij het in zich heeft een leidinggevende rol te spelen, de kans om zich waar te maken. Laat zulke mensen zelfstandig ondernemer worden binnen het bedrijf. Geef ze maximaal de ruimte. Dan krijgen ze maximaal plezier in hun werk. Daarmee bind je ze aan je onderneming.”

Rad van tong geeft Jan de Koning, directeur P&O van de Janssen de Jong Groep, zijn visie op hoe een ondernemer kaderpersoneel kan stimuleren.

Uitgangspunt daarbij is dat de bouw midden in een groot veranderingsproces zit. Het traditionele aannemersbedrijf met zijn hiërarchische structuur, waarin projectmanagers, (hoofd)uitvoerders en assistent-uitvoerders de dienst uitmaken, maakt plaats voor een procesgerichte organisatie die direct reageert op de wensen van de klant zonder te botsen met regelgeving, arbeidsomstandigheden of verlangens van het personeel.

“Integraal projectmanagement, multifunctionele bouwteams, partnership met onderaannemers zijn zaken die in het ‘nieuwe’ organisatiemodel als gemeengoed worden beschouwd. Om die omwenteling te kunnen maken, is een nieuwe manier van denken, doen en handelen nodig. Daaruit vloeit automatisch voort dat je moet investeren in de opleiding van je medewerkers.”

Trucs

“Daarbij moeten we niet denken aan traditionele scholing, zoals kant-en-klare cursussen die bol staan van de trucs voor managers”, benadrukt hij. “Laat iemand zijn talent ontwikkelen met behulp van onderwijs dat is toegespitst op zijn specifieke vaardigheden. Maatwerk per medewerker, daar moeten we naartoe. Dat betekent overigens dat ook de onderwijsinstellingen moeten veranderen. Bij de uitvoering van het opleidingsbeleid gaat het er dus niet meer om als opleidingsinstituut op afstand scholing aan te bieden, maar je moet als partner van de bouwonderneming integraal betrokken zijn bij de ontwikkeling en het in de organisatie inplanten van het opleidingsbeleid.”

De ideeën van De Koning, die vorig jaar overstapte van Ballast Nedam naar de Janssen De Jong Groep, blijven niet onopgemerkt. Onlangs nam hij de BOB-prijs in ontvangst. Een onderscheiding die door onderwijsinstelling BOB Kennisoverdracht om de twee jaar wordt uitgereikt aan iemand die een frisse kijk heeft op het opleiden van kaderpersoneel.

“Jan de Koning heeft uitgesproken moderne en vooruitstrevende ideeën over personeels- en opleidingenbeleid”, zei W Pouwels, voorzitter van de stichting BOB, bij die gelegenheid. “En hij streeft er voortdurend en met grote inzet en enthousiasme naar deze ideeën binnen zijn onderneming gerealiseerd te krijgen.”

Een mooi compliment, dat De Koning met een glimlach relativeert. “Laten we niet vergeten dat mijn voorganger, Schreudering, de basis heeft gelegd voor het opleidingsbeleid binnen de Janssen De Jong Groep. Trouwens, het lijkt alsof ik vooruitstrevend ben, maar dat komt vooral doordat de bouw bezig is de overstap te maken van een traditionele bedrijfstak naar een moderne. De slag naar een veel meer procesgerichte organisatie kunnen we alleen maken door personeel op een andere manier te leren denken. Nu is dat idee nog nieuw, maar over een paar jaar is het gewoon. Dan doet iedereen het zo.”

Reageer op dit artikel