nieuws

Detectiesysteem houdt boorkop in het oog

bouwbreed Premium

“Een goed detectiesysteem is onontbeerlijk voor een geslaagde gestuurde boring. Maar tot nu toe is geen enkel systeem ideaal. Allerlei omgevingsfactoren kunnen voor storingen zorgen. De systemen zijn de laatste jaren wel veel verbeterd en de ontwikkelingen zullen snel gaan.”

Algemeen directeur Roon Hylkema van de firma Jean Heybroek BV uit Houten behoort, samen met zijn rechterhand Marc van Harn, tot de selecte groep insiders in het wereldje van het gestuurd boren in Nederland. Behalve machines voor tuin- en landschapsonderhoud importeert Jean Heybroek BV ook de horizontaal gestuurde boormachines van Ditch Witch. Die Amerikaanse firma maakt sinds een jaar of tien ook de elektronische meetapparatuur van Subsite.

Het systeem bestaat uit een sonde en een zoeker, die draadloos is verbonden met een display. Op de machines van Ditch Witch is de display ingebouwd, bij andere merken wordt deze in een koffer geleverd. Er zijn twee typen sondes, ook wel beacons (bakens) genoemd. De rode van het type 86BH is vooral nauwkeurig op grotere diepten, de zwarte 86B doet het juist op geringere diepten goed.

De sonde wordt in de boorkop geplaatst en zendt op een frequentie van 29 kHz een radiosignaal uit. De zoeker vangt het signaal en als hij recht boven de boorkop zit, geeft het display de x- en y-coördinaten en de diepte aan. Bovendien wordt de stand van de boorkop weergegeven, en de hellingshoek van de boorkop in procenten. Immers, een gestuurde boring gaat altijd in een boog, de buigradius.

Lange boringen

Het systeem, dat een dikke veertig mille kost, werkt minder goed bij heel lange boringen, zeker als dat – zoals bijvoorbeeld bij het zeewaterleidingproject in Yerseke – grotendeels onder water doorgaat. Bovendien kunnen de sondes gevoelig zijn voor de wrijvingswarmte. Als de temperatuur oploopt tot meer dan 140 graden Celsius, kunnen kwetsbare delen smelten.

“Daar waar het systeem niet meer of niet goed werkt”, zegt Hylkema, “moeten we op een andere manier werken. Bijvoorbeeld als we in de buurt van een tram- of spoorlijn met bovenleidingen werken en waar we ook nog eens diep moeten boren. Dat kan een kabelverbinding zijn. Als een boring langer is dan pakweg 700 meter, moet ook een kabel worden gebruikt, omdat de batterij van de sonde een beperkte tijd meegaat. Bij boringen van meer dagen achtereen, is dat een probleem.”

Subsite levert ook een managementtool: TMS, trac management system, dat geschikt is voor computers met Windowsbesturing. Het systeem kan de boring nauwkeurig plannen, het boorproces op de voet volgen en die gegevens vastleggen. TMS kan een theoretisch boorprofiel uitzetten en de theorie en de praktische uitvoering in één beeld vangen.

Op het rapportagesysteem wordt het verloop van een gestuurde boring per paar minuten weergegeven, zodat achteraf altijd te zien is wat er is gebeurd.

“Bij het maken van een boorplan is het wel noodzakelijk dat we exact weten waar welke kabels en leidingen van overheden en nutsbedrijven liggen”, zegt Hylkema. “Als we onder een riolering door willen boren, maar op de kaarten de locatie niet exact kloppen, kunnen er ernstige ongelukken gebeuren. Voor het maken van een boorplan is het dus zaak, dat alle gegevens kloppen.”

Bentoniet

Een steeds belangrijker rol in boringen gaat bentoniet, mud, spelen. Marc van Harn: “In het verleden werd over de samenstelling van mud nogal nonchalant gedaan. Tegenwoordig vinden we dat het gebruik van de juiste mud een heel belangrijke bijdrage levert aan een succesvolle boring.”

“Wij kijken naar een aantal samenhangende zaken. De grondsoort is van belang, zit er veel zand in of juist niet, is de grond veenachtig, moet ik een polymeer gebruiken in de samenstelling van de mud of juist niet. Verder kijken we welk soort boren en ruimers we gaan gebruiken en tot slot moeten we goed nagaan wat de hoeveelheid mud is die moet worden verpompt in relatie tot de snelheid van werken.”

Van Harn merkt toenemende belangstelling van mensen die het horizontaal gestuurd boren onder de knie willen krijgen. Met een zekere regelmaat geeft Jean Heybroek BV in eigen huis trainingen aan adspirant-boormeesters, er wordt geboord op simulatoren en veel aandacht gaat vooral uit naar het aanmaken van de boorvloeistof.

“De branche heeft de laatste jaren veel en snel geleerd”, zegt Van Harn. “Een jaar of tien geleden werd nog heel veel aan het toeval overgelaten. Daardoor en door de toenemende kennis van de materie zijn veel aannemers van gestuurd-borenprojecten, dikwijls door schade en schande, wijs geworden. De branche is snel volwassen geworden.”

De sonde van de detector in de boorkop zendt op 29 kHz een radiosignaal uit.

Reageer op dit artikel