nieuws

‘Veel fouten bij vroegere restauraties zandsteen’

bouwbreed

Eeuwenlang is in Nederland zandsteen gebruikt bij de bouw en decoratie van kerken, huizen en kastelen. In tegenstelling tot de rest van Europa is in Nederland het gebruik van zandsteen sinds 1951 verboden. Ondanks dit Zandsteenbesluit mag het materiaal bij uitzondering nog wel worden toegepast bij restauraties.

“Maar als je niet oppast, ben je het ambacht kwijt”, waarschuwt G. Overeem, natuursteen- en beeldhouwwerkspecialist bij de Rijksdienst voor Monumentenzorg. Historisch museum De Waag in Deventer brengt in een expositie tot half januari het bouwen in zandsteen in beeld. In Deventer zelf is vanaf de vijftiende eeuw veel gebouwd met het materiaal; ook De Waag bestaat voor een deel uit zandsteen. “De steengroeves liggen net over de grens in Duitsland”, zegt museumdirecteur N. Herweijer. “Aanvankelijk werd het materiaal met paard en wagen getransporteerd, pas later met schepen over de Vecht en de Berkel. Dat zie je terug in de verspreiding van de zandsteen. In de beginperiode kwam het niet verder dan een straal van zo’n vijftig kilometer rond de groeve.” In Nederland zijn de vroegste sporen van de Bentheimer zandsteen, afkomstig uit de zandsteengroeve bij Bad Bentheim, dan ook terug te vinden in Oldenzaal, Ootmarsum en Haaksbergen. “Na de Romeinse tijd is baksteen even ‘weg’ geweest”, weet Herweijer. “Rond het jaar 1000 ontstond toch weer behoefte aan stenen gebouwen en gebruikte men materiaal uit oude bouwwerken of natuursteen. Pas na 1250 was de baksteentechniek terug. Zandsteen werd nog wel veel gebruikt, het gaf dan een soort status.” Dat is niet alleen goed te zien op de Brink in Deventer, waar talloze panden zandstenen raamposten, sluitstenen en versieringen hebben. “Het Paleis op de Dam is een prachtig voorbeeld van zandsteen als statussymbool”, zegt de museumdirecteur.

Stabiel

Hoe goed zandsteen zich door de eeuwen heen gehouden heeft, is vooral afhankelijk van de steensoort. “De Bentheimer zandsteen is heel stabiel”, weet specialist Overeem. “Het materiaal heeft een hoog kwartsgehalte. Baumberger bijvoorbeeld is veel zachter en bevat veel meer kalk.” Enkele decoraties zijn vroeger beschilderd, maar veel kleuren zijn vervaagd. Sommige soorten zandsteen verkleuren van nature en worden steeds donkerder. Voor velen is dat een doorn in het oog. Een aantal monumenten is daarom gezandstraald, zodat de oorspronkelijke, lichte kleur weer zichtbaar werd. De donkere laag is echter ook een beschermende laag, die zich in de loop der jaren vormt. Inmiddels is men dan ook teruggekomen van het zandstralen.

Sint Jan

Overeem geeft advies bij de restauratie van natuursteenmonumenten. “Er zijn in het verleden nogal wat fouten gemaakt”, zegt hij. “De noordgevel van de Sint Jan in Den Bosch is een mooi voorbeeld. Daar zijn delen vervangen door een Franse zandsteensoort. Dat materiaal had echter de eigenschap na verloop van tijd lichter te kleuren, terwijl het oorspronkelijke materiaal donkerder wordt. Bovendien verweert de Franse steen sneller.” Omdat veel groeves nog steeds bestaan, lukt het meestal wel de oorspronkelijke steensoort voor restauraties te bemachtigen. “Soms raakt een groeve uitgeput”, aldus Overeem. “Zo was er enige tijd geleden nog maar honderd kuub Herzogenrath. Dan wordt het een centenkwestie of moet naar een alternatief worden gezocht.” Het steenhouwen is volgens Overeem zeer hoogstaand werk. “Er zijn in Nederland zo’n zeshonderd natuursteenbedrijven, maar specialisten voor het restauratiewerk in zandsteen zijn op twee handen te tellen.” ‘Als je niet oppast, ben je het ambacht kwijt’

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels