nieuws

Vergaande gevolgen van leidinggeluid

bouwbreed

Vaak valt het geluidsverschil tussen het ene en het andere leidingmateriaal van een sanitaire installatie nauwelijks op. Ook absoluut gemeten kan het leidinggeluid gering uitvallen en het gevolg zijn van de tolerantie in de apparatuur. Voor de installateur valt een verschil van bijvoorbeeld 3 dB(A) uitermate vervelend uit wanneer de opdrachtgever de grens bij 27 dB(A) legt en de meter 30 dB(A) aangeeft.

J. Buijs van Adviesbureau Peutz raadt de sanitaire installateur om die reden aan niet lichtvaardig voorbij te gaan aan het geluid dat leidingen veroorzaken. Het niveau dat uit sanitaire installaties vrijkomt ligt tussen de 50 en 70 dB. Ter vergelijking: kantoorinstallaties produceren zo’n 35 tot 40 dB aan geluid; een luide radio ruim 80 dB. De frequentie van ‘sanitair geluid’ ligt tussen 500 en 4000 Hertz. De hogere frequenties bevatten meer geluidsenergie. Beperking van het geluidsniveau moet om die reden in dat deel van het spectrum beginnen. Voor de invoering van het Bouwbesluit gold NEN 1070 voor het weren van geluid in woongebouwen. In een aangrenzende kale woning mocht geluid niet boven de 30 dB(A) komen tegen 25 dB(A) in een aangrenzende gestoffeerde woning. In de eigen woning lag de grens op 40 dB(A). Het huidige Bouwbesluit gaat uit van 30 dB(A), gemeten volgens NEN 5077 en in aangrenzende verblijfsruimten/-gebieden. De norm houdt er rekening mee dat in een woning niet altijd vloerbedekking ligt of overgordijnen hangen. De eigen woning is niet meer aan een geluidsnorm gebonden.

Kranen

De Nederlandse Praktijkrichtlijn (NPR) 5075 geeft de bouwkundige en/of technische voorzieningen aan waarmee de geluidsnormen aan het Bouwbesluit voldoen. Het Bouwbesluit gaat nadrukkelijk in op het geluidsniveau van kranen, de zogeheten gebruiksgeluiden vallen er evenwel buiten. Te denken valt aan urineren in het waterslot van de wc- pot en aan een kletterende douche. Uit enquêtes blijkt dat mensen dit soort geluiden als uitermate vervelend ervaren. Het doorspoelgeluid van een toilet is daarentegen wel genormaliseerd, evenals afvoer via de leidingen en het vullen van het reservoir. In het laboratorium kunnen allerlei geluiden worden gemeten. Kranen bijvoorbeeld worden aan de hand van ISO-procedure 3822 bemeten. De Europese norm ES-200 gaat uit van deze ISO-norm. Een internationale werkgroep buigt zich over de geluidsnormen voor afvoerleidingen. Daarvoor bestaat nog geen officiële norm.

Doorvoer

Geluid kan via de lucht of door contact worden overgebracht. In het geval van een toiletafvoerleiding straalt geluid via de schachtwand en de doorvoer via de lucht af. Via de doorvoer ontstaat ook contactgeluid, evenals via de beugeling. Het geluid in de afvoerleiding wordt onder meer bepaald door de valhoogte van het water, de piek van de capaciteit, de diameter van de leiding en het gebruikte materiaal voor de leiding en de schacht. Ook de bouwkundige afwerking speelt een rol. Zonder al teveel weerstand passeert geluid bijvoorbeeld slecht afgesmeerde gibo- wanden, al dan niet met hoeken eruit. Geluidsisolatie wordt over het geheel bereikt via massieve materialen. Open materialen daarentegen absorberen juist geluid.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels