nieuws

Regels ernstige beperking voor individuele woonwensen

bouwbreed

almere – Van bestemmingsplan tot Bouwbesluit tot garanties: tal van regelingen staan in de weg om de consument daadwerkelijk invloed te geven in de woningbouw. Dat ervaart Hans Laumanns, in Almere projectleider van het experiment ‘Gewild Wonen’.

Bij het experiment ‘Gewild Wonen’ proberen vijftien ontwikkelaars/woningbouwers in een zo vroeg mogelijk stadium de consument een zo groot mogelijke invloed te geven. Een avontuur, noemt projectleider en stedenbouwkundige Hans Laumanns het. Maar ook een eerste praktijkproef van het ‘consumentgericht bouwen’ waar iedereen momenteel de mond vol van heeft. Een voorloper van het streven de kopers op Vinex-locaties meer invloed te geven. Dat daar nog tal van haken en ogen aan zitten, blijkt in Almere.

Laumanns: “Het begint al bij het bestemmingsplan. Dat beperkt de keuzemogelijkheden enorm. Er is een andere benadering nodig. In Almere hebben we de kavels groter gemaakt dan gemiddeld; twee- tot driehonderd vierkante meter in plaats van honderdvijftig. Dat is speelruimte die je nodig hebt om de consument zijn gang te laten gaan. We hebben een maximum van drie bouwlagen gesteld aan de hoogte. Van de kavel mag maximaal zeventig procent worden bebouwd. Dat soort regels vergt een andere redactie van het bestemmingsplan.”

Maar waar Laumanns en de betrokken ontwikkelaars “echt helemaal gek” van werden, was het Bouwbesluit. Laumanns: “Dat werkt enorm nivellerend. Door de functionele eisen die worden gesteld, moeten de plannen onder een juk van gelijkvormigheid door. Daardoor kun je bijna niet anders bouwen dan normaliter al gebeurt.”

Verhoogd

Als voorbeeld noemt hij het plan om iets verhoogd gelegen woningen te bouwen. De begane grond zeventig centimeter boven maaiveld, met een trap naar de voordeur en een soort veranda zoals we kennen van Amerikaanse villa’s. De ontwikkelaar was ervan overtuigd dat de status en representativiteit daarvan zeer gewild zouden zijn bij kopers. Maar de toegankelijkheidseisen uit het Bouwbesluit zaten dwars.

Laumanns: “Mallotig! Het kon alleen met een liftje bij de voordeur of een twaalf meter lange hellingbaan. Dat is langer dan de kavel groot is!” Uitwassen noemt hij het, dat het Bouwbesluit meer regelt dan gezondheid, veiligheid en constructieve stabiliteit. “Wie moet wie eigenlijk beschermen? Veel van de bepalingen zijn contraproductief, of het nu gaat over de grootte van de berging of over daglichttoetreding. De consument is mans genoeg om daar zelf keuzes in te maken. Door de vele functionele eisen die het Bouwbesluit stelt, is het bijna onmogelijk anders te bouwen dan doorsnee.”

Ook de procedures rond de bouwvergunning moeten anders worden geregeld. De gelimiteerde termijn die geldt voor indiening en beoordeling van een plan staat op gespannen voet met de “ellenlange gesprekken” die consumenten soms nodig hebben om hun keuzes te bepalen. “Die voelt zich ineens in het diepe gegooid”, stelt Laumanns.

Voor de gemeente was dat net zo goed wennen. Als de consument vroeg bij het ontwerpproces wordt betrokken, moeten soms al in het stadium van het voorlopig ontwerp details en kosten duidelijk worden. Dat betekent, volgens Laumanns, een omkering van de werkwijze: werk dat de gemeente gewoonlijk aan het eind van een bouwproces doet, moet nu in het begin gebeuren.

‘Gek worden van het Bouwbesluit’

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels