nieuws

Vuurtoren rotsvast verankerd in zee

bouwbreed

Bij de monding van de Rio de la Plata, voor de Uruguayaanse kust, wordt volgens plannen een vuurtoren in volle zee gebouwd. Daarbij zal gebruik worden gemaakt van een nieuwe vinding, die de bouwkosten met bijna negentig procent verlaagt.

De toegang tot de Rio de la Plata, en daarmee tot de havens van onder meer Buenos Aires en Montevideo, wordt ernstig bemoeilijkt door een ondiepte. Deze ‘Banco Ingles’ is 150 vierkante kilometer groot en slecht aangegeven. In de loop der jaren heeft deze situatie haar tol geëist: meer dan tweehonderd schepen zijn vergaan en ongeveer vijftienhonderd zeevarenden hebben er het leven verloren.

Daarom wordt al jaren gestudeerd op de bouw van een vuurtoren. Die is echter nooit gerealiseerd, enerzijds door de hoge kosten, de schatting was 22,5 miljoen gulden, en anderzijds door de gecompliceerdheid van de bouw van een vuurtoren in volle zee.

Zuiger

Een vinding van de Uruguayaan Lorenzo Ferrari lijkt hierin verandering te brengen. Plaatsing van de toren in volle zee is geen groot probleem bij toepassing van deze techniek.

Bovendien kunnen de kosten met bijna negentig procent worden gereduceerd, namelijk tot een bedrag van circa 2,7 miljoen gulden.

Het principe bestaat uit een soort trechter die omgekeerd, met de wijde kant naar beneden, op de zeebodem wordt geplaatst en als een zuiger functioneert. Daarmee zet de constructie zichzelf vast. De vinding is in 1993 in Uruguay gepatenteerd en daarna onder andere in Argentinië, Brazilië, Frankrijk en de Verenigde Staten. Volgens de uitvinder is nooit eerder een vuurtoren in volle zee geplaatst.

Bruggen

Hij stelt dat zijn vinding geknipt is voor de plaatsing van een vuurtoren, maar dat in principe ook allerlei andere toepassingen mogelijk zijn. Ferrari noemt onder meer de bouw van booreilanden, bruggen in moerasgebieden en uitkijktorens in zee. De bouw van een vuurtoren in zee is volgens de methode van Ferrari eenvoudiger, doordat de gehele constructie aan wal wordt gebouwd en daarna als geheel op de definitieve plaats wordt neergezet.

De basis van de vuurtoren, de omgekeerde trechter, wordt geconstrueerd uit roestvast staal en glasvezel. Op het wijdste punt, de basis die tegen de zeebodem wordt gedrukt, is de diameter tien meter.

Vier meter hoger is de middellijn 1,2 meter. Hierop wordt een cilinder geplaatst van 1,2 meter in doorsnede en veertien meter hoog. Daarop komt dan weer een bovenstuk van drie meter hoog en met een middellijn van eveneens drie meter. In dit gedeelte wordt het instrumentarium geplaatst.

Er bovenop komt het lichtbaken. De vuurtoren steekt uiteindelijk zeventien meter boven de zeespiegel uit en hoeft niet bemand te zijn. De benodigde energie haalt de vuurtoren uit zonnepanelen, die op accu’s zijn aangesloten.

Modder

De basis van de omgekeerde trechter wordt onder druk op de modder van de zeebodem vastgezet en daarna vastgezogen. Vervolgens wordt hij gedeeltelijk gevuld en met modder van de zeebodem afgedekt. Om zijwaartse beweging te voorkomen, wordt het geheel ook nog eens met twaalf roestvast stalen balken aan de acht meter dieper liggende rotsbodem verankerd.

Het bouwwerk kan volgens de uitvinder windsnelheden tot tweehonderd kilometer per uur doorstaan.

Een stichting tracht momenteel de benodigde financiën voor de vuurtoren bijeen te brengen. De bouw moet binnen enkele maanden beginnen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels