nieuws

Grote Deense raadgevers zitten diep in de zorgen

bouwbreed

De drie grote Deense raadgevingsconcerns Cowi, Carl Bro en Rambíll zitten qua ontwikkeling van hun toko’s op een dood spoor.

Bij een gezamenlijke omzet van omgerekend ruim 1,2 miljard gulden werd over het afgelopen boekjaar slechts een fractionele winst behaald van 15 miljoen. Oorzaak: teveel personeel (bij elkaar zesduizend mensen) en te weinig werk.

Met een dergelijk miniem resultaat is expansie op eigen kracht in de zich snel via fusies consoliderende Europese ingenieursraadgevingsbranche een nauwelijks haalbare kaart, zo constateren de concernleidingen unaniem.

De favoriete optie voor een oplossing van de impasse is daarom het vinden van een partner. Of dat moet via een fusie met een gelijkwaardig concern of pure verkoop van het bedrijf is daarbij om het even. “Vroeg of laat gaat een bedrijf van onze omvang op in een grotere eenheid. Of wij kopen of worden verkocht, is niet belangrijk. Het gaat erom dat we toegang krijgen tot nieuwe markten en kennisgebieden, die we niet zelf onder de knie hebben”, verklaart concernchef Rasmussen van Carl Bro.

Dit concern zakte vorig jaar van de vijftiende naar de 21e plaats op de ranglijst van de grootste Europese ingenieursbureaus. Cowi nam de vijftiende plaats over, maar stond voordien op veertien. Ramboll handhaafde zich op de zeventiende plaats, net achter het Nederlandse Haskoning, dat vier plaatsen wist te klimmen.

De ranglijst, opgesteld door het weekblad Ingeniíren wordt aangevoerd door het Britse WS Atkins. De hoogst genoteerde Nederlander is Fugro op nummer vier.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels