nieuws

De Volharding tot op het bot afgepeld

bouwbreed

Met glazen bouwstenen in prefab panelen wordt gebouw de Volharding in Den Haag na een renovatie strakker dan ooit. Door slimme ingrepen worden bovendien de kelder en de binnenplaats bij het monumentale pand getrokken, wat de gebruiksmogelijkheden van het rijksmonument enorm verruimt.

Het prijkt in alle standaardwerken over Nederlandse architectuur in de twintigste eeuw: het pand dat architect J. Buis in 1928 ontwierp voor coöperatie De Volharding in Den Haag. Vooral de borstweringen, uitgevoerd als reusachtige lichtbakken, trokken de aandacht. Als de verlichting daarachter ’s avonds aanging, fungeerde het gebouw, ook wel Kathedraal van de Arbeid genoemd, als één groot reclamebord voor de activiteiten van de inkoopvereniging. Opvallend was ook het glazen trappenhuis, dat alle bewegingen vanaf de straat zichtbaar maakte, inclusief de lift die op en neer pendelde.

Nieuwe stijl

De coöperatie en de twee winkels op de begane grond hebben het pand verlaten en het rijksmonument is al jaren in handen van Randstad, dat drie jaar terug besloot tot een renovatie. Daarvoor werd Greiner Van Goor Architecten uit Amsterdam in de arm genomen, bekend van onder andere de renovatie van het Van Gogh Museum. Gezien de wens van de opdrachtgever om er een uitzendbureau nieuwe stijl te vestigen, kwamen de architecten al snel met het plan om de binnenplaats bij het pand te trekken en te overkappen. Daar komt een grand café-achtige ruimte, waar uitzendkrachten en intercedenten op een meer informele manier zaken kunnen doen. Misschien zelfs gezeten op de bekende Gispen buismeubels, daterend uit dezelfde periode. Door de muren naar de binnenplaats op de begane grond deels weg te breken, valt er veel meer daglicht naar binnen. Dat geldt ook voor de kelder, waarin een vergadercentrum komt.

Afpellen

Maar verder houdt de renovatie volgens architect Martien van Goor vooral in het tot op het bot afpellen van het gebouw en het verwijderen van zoveel mogelijk toevoegingen die in de loop der jaren zijn gemaakt. Want hoewel al lang rijksmonument, is de schepping van Buis niet altijd de waardering ten deel gevallen die het nu krijgt. Buis husselde allerlei stijlen door elkaar, van de Nieuwe Zakelijkheid tot Bauhaus en hoorde daardoor eigenlijk nergens bij. Zijn architectuur werd nog moeilijker te plaatsen toen hij kort na de Volharding, eveneens in Den Haag, een kliniek realiseerde in de antroposofische bouwtraditie. Van Goor is dus vooral van het gebouw zelf uitgegaan en niet van allerlei theoretische beschouwingen. Om te beginnen heeft hij de houten vloer weggebroken waarmee de entresol was uitgebreid tot een complete eerste verdieping. Ook sloopte hij alle bekleding van kolommen en wanden. De betonnen vloeren verdwijnen wel achter verlaagde stucplafonds, omdat het betonwerk van Buis volgens Van Goor vrij rommelig was. Zeker vergeleken met een tijdgenoot als Duiker. Buis liet wel allerlei details en lastige hoeken met de hand uitkisten, maar dat was vooral functioneel en niet esthetisch. Om de werkruimten zo hoog mogelijk te houden, komen de gestucte gipsplaten vlak onder de betonnen vloeren te hangen. De installaties worden in een speciale zone in de gangen ondergebracht, van waaruit de werkruimten ook indirect worden aangelicht.

Vocht en tocht

De trappenhuizen krijgen de glazen bouwstenen terug waarmee ze oorspronkelijk waren uitgerust. Onder de inwerking van vocht en vrieskou sprongen de oorspronkelijke stenen snel kapot en werden vervangen door stalen profielen met glazen ruitjes. Die presteerden nauwelijks beter en het trappenhuis was jarenlang een natte, tochtige ruimte. De huidige generatie glazen bouwstenen is volgens Van Goor echter veel beter. Ze zijn in de fabriek in verdiepinghoge panelen geplaatst, die in één keer werden ingehesen. Daardoor zal het aanzien van het gebouw volgens Van Goor uiteindelijk strakker zijn dan het ooit is geweest.

Lichtbakken

En dan zijn er natuurlijk de lichtbakken, de meest kenmerkende bouwdelen van De Volharding. Van Goor inventariseert momenteel in hoeverre die vervangen kunnen worden door een modern, op afstand bediend beletteringssysteem. Randstad houdt volgens Van Goor van het gebouw en heeft diep in de buidel getast voor de renovatie. Maar of dìt kostbare snufje er ook afkan, durft de architect/directievoerder niet te zeggen. Tot nu toe worden de letters met de hand achter de glaspanelen geplaatst. De borstweringen zijn daartoe uitgevoerd als krappe tunneltjes die via luikjes en trappen bereikbaar zijn, zodat iemand de letters kan plaatsen. Heel inventief, maar volgens van Goor niet helemaal meer van deze tijd.

Gelukkig vergt het geautomatiseerde systeem geen bouwkundige aanpassingen en kan het ook na de geplande oplevering in maart 2001 worden aangebracht.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels