nieuws

Schilder in 75 jaar uitgegroeid tot ondernemer

bouwbreed Premium

In 1922 werd, op initiatief van de ‘Bond van Nederlandsche Schilderspatroons’, de Nationale Schildersschool in het leven geroepen. De eerste lichting Meester-Schilders besloot drie jaar later tot de oprichting van de Vereniging van Oud-Leerlingen der Nationale Schildersschool (ONS). Vandaag viert de vereniging haar 75-jarig bestaan. De mijlpaal was aanleiding voor een eerste overzichtstentoonstelling.

J. Heesters doorliep zelf zo’n vijftig jaar geleden de Nationale Schildersschool (NSS). Hij weet nog goed hoe het er op de driejarige opleiding aan toe ging. “Je zat toen zes maanden per jaar op school, van oktober tot maart. De rest van het jaar deed je praktijkervaring op. Naast bestekrekenen, materiaalkennis en scheikunde, behoorden ook vakken als ‘spreken in het openbaar’ en ehbo tot het lesprogramma.” De gepensioneerde Meester-Schilder, tevens eindredacteur van het tweemaandelijkse ONS-blad Periodiek, werkte zeven maanden aan de tentoonstelling, getiteld ’75 jaar ONS: van ambacht tot management’. Deze is vanaf morgen in het Sikkens Schildersmuseum in Sassenheim te zien. Heesters: “Het geeft een beeld van de ontwikkelingen die de bedrijfstak en het onderwijs in de loop der jaren hebben ondergaan; hoe was het vroeger en hoe is het nu.” Volgens Heesters was het onderwijs tot 1963 “ambachtelijker”. Vanaf toen veranderde de NSS in Utrecht in een vierjarige opleiding, inclusief een stagejaar, om vervolgens tien jaar later te worden omgedoopt tot het Nationaal Instituut voor Middelbaar Economisch Technisch Onderwijs (Nimeto). “Maar dat wil niet zeggen dat het slechter is geworden. De opleiding is veel breder geworden”, weet de oud-opleidingsfunctionaris SVS. “Vroeger had je maar één keuze, namelijk Meester-Schilder, nu hebben de leerlingen binnen de opleiding Beschermings- en Afwerkingstechnieken keuze uit de afstudeerrichtingen management, interieuradvisering en restauratie/decoratie.”

Tussenstation

De opleiding is wel meer een tussenstation geworden. “Velen vervolgen hun studie om als bedrijfsleider, leraar of detaillist hun brood te verdienen. Het huidige onderwijs is meer gericht op het bedrijfsleven van nu.”

Totale onderhoud

Met name door de veranderende wetgeving en certificeringen heeft de schilder zich in de loop der tijd ontwikkeld tot “een moderne ondernemer” meent Heesters. “De schilder is al lang niet meer iemand die op de fiets de behangboeken langs brengt.” Het dienstenpakket van schilders zal zich in de toekomst vooral op het totale onderhoud concentreren, is zijn verwachting. Hij noemt gevelreiniging, hout- en betonreparatie en staalconservering. “Van het schoonmaken van de dakgoot tot het schilderen van de buitengevel.” Ook het schoonmaken van kunststof zal daar wellicht toe gaan behoren verwacht hij. Daarnaast trekt ook de restauratiemarkt aan. De ONS is zelf actief op het gebied van cursussen oude technieken. Heesters pleit voor een “surplus” op dat gebied. “Restaureren is anders dan schilderen. Het vereist namelijk specifieke kennis van technieken en materialen van destijds. Maar dat wil niet zeggen dat het onderwijs niet moet meegaan met de moderne ontwikkelingen. Vroeger had je bijvoorbeeld Mixtion, een vernis om bladgoud op een ondergrond te plakken. Nu is daar een acrylaat voor. Het is misschien niet beter, maar wel een waardige vervanger.” De tentoonstelling brengt 75 jaar ONS in beeld. Naast veel foto’s hangen er onder andere diploma’s, certificaten en gevelbordjes in oude en recente uitvoeringen. Ook is een aantal ONS-relikwieën te bewonderen, waaronder de houten voorzittershamer, een tafelbel die bij diners werd gebruikt en het eerste (verloren gewaande) vaandel. Naast modern sierpleistertechniek is er nog een staaltje van etstechniek op asbest te bewonderen, gemaakt door de eerste leraar van de Nationale Schildersschool. Moderne ontwikkelingen komen verder tot uiting in een vitrine met persoonlijke beschermingsmiddelen.

Vakman

De expositie zal voor veel van de achthonderd leden die de vereniging telt herinneringen oproepen. Wat hoopt Heesters de niet-leden met de tentoonstelling duidelijk te maken? “Dat mensen de schilder zien als een dienstverlenende vakman, iemand die meer kan dan alleen de buitengevel een kleurtje geven, maar ook oplossingen aandraagt.”

Reageer op dit artikel