nieuws

‘Aanbesteding moet over bij te hoge prijs’

bouwbreed Premium

Het afbreken van een aanbesteding als de aanbiedingen veel te hoog zijn, moet kunnen. Dat is de reden waarom de projectdirectie HSL toch in beroep is gegaan tegen de uitspraak van de Raad van Arbitrage voor de bouwbedrijven over het noordelijke tracédeel van de HSL-Zuid.

“Het is toch vreemd dat je als opdrachtgever wordt gedwongen te onderhandelen met aannemers die met hun aanbieding 80 procent boven de prijs zitten. Het druist ook in tegen alle ontwikkelingen in Europa. Voor de aanbesteding van de HSL-Zuid maakt het verder niet meer uit. Maar om principiële redenen zijn we toch in hoger beroep gegaan”, zegt projectdirecteur ir. W. Korf in een gesprek met Cobouw. Het gaat hier om de begin dit jaar aangespannen arbitragezaak door de combinatie Hollandse Meren (Ballast Nedam, Koninklijke Volker Wessels Stevin, Van Hattum en Blankevoort, Strukton en Vermeer) tegen het besluit van minister Netelenbos een nieuwe aanbesteding uit te schrijven voor het deel noordelijk Holland van de HSL-Zuid. De aanbiedingen lagen daar inderdaad zo’n 80 procent boven het budget. De Raad van Arbitrage floot Netelenbos gedeeltelijk terug. Eerst moest zij gaan praten met de combinatie over de onderhandelingsruimte. Tegelijkertijd echter behoefde de nieuwe aanbesteding niet te worden stopgezet. Als het hoger beroep voor hem ook een onbevredigende uitspraak oplevert, rest hem nog een gang naar de Europese rechter. Het is op voorhand niet te zeggen of het ministerie dat eventueel gaat doen, omdat eerst de hoger beroepszaak moet worden afgewacht. Samen met HBG Civiel-directeur ir. D. Sperling zit Korf in het dagelijks bestuur van de koepelovereenkomst HSL-Zuid.

Op pagina 3: ù ‘Wij willen een cultuuromslag in de bouw’. ù1,4 miljard extra voor HSL niet alleen strop.

Reageer op dit artikel