nieuws

Het nieuwste geloofsartikel: Zelf Wonen

bouwbreed Premium

In de jaren zeventig trokken ambtenaren de oude wijken van de grote steden in om het evangelie van het ‘bouwen voor de buurt’ te verkondigen. Toen was er volk dat smachtte naar huisvesting, nu moeten de inwoners van Nederland tegemoet worden getreden als zelfbewuste woonconsumenten met specifieke wensen – woonstijlen – die hun recht opeisen om die woonstijl dagelijks te consumeren in een hierop afgestemd woonmilieu.

Vandaag de dag begeven ambtenaren zich daarom, vergezeld van architecten en ontwikkelaars, in de nieuwe wijken om daar te getuigen van het laatste geloofsartikel: het zelf wonen (om de titel van Gerard Reves fictieve boek ‘Zelf kamperen’ te parafraseren). In de verse Ontwerpnota Wonen staat dat over enkele jaren dertig procent van alle nieuwbouw onder particulier opdrachtgeverschap tot stand moet komen. In een recent artikel in Vrom.nl, het digitale magazine van het ministerie, wordt bezworen dat dit niet tot een vloedgolf aan boerderettes hoeft te leiden. VROM-ambtenaar Mattie Busch zegt: ‘Op de grond waarover een particulier opdrachtgever – alleen of met anderen – beschikt, kan hij ook een rijtjeshuis of appartement bouwen.’

Alom wordt geklaagd dat in Nederland alleen maar rijtjeshuizen in de aanbieding zijn. Zal de eigenbouwer die met een lot uit duizenden grond heeft weten te bemachtigen dan denken: ik ga met mijn aanstaande buren praten, een twee-onder-een-kap moet ik er zeker uit kunnen slepen en met een beetje geluk heb ik hier straks een mooi rijtje staan? Dat lijkt uiterst onwaarschijnlijk, maar als je even doordenkt, dan is het misschien helemaal niet zo gekke gedachte. Kijk naar Borneo-Sporenburg in het Amsterdamse Oostelijk Havengebied, een fantastische staalkaart van het wonen in het jaar 2000. Tussen alle staatsarchitectuur – Carel Weebers consequent inconsequente aanduiding van de producten van de commerciële ontwikkelaars – is daar een klein reservaat voor degenen die verlangen naar zelf wonen: de vrije kavels van het Borneo-eiland. Hier mocht iedereen zijn gang gaan zolang het maar binnen het keurslijf van een rechthoekige doos paste. Het resultaat is in geen enkel opzicht wezenlijk anders dan wat de ontwikkelaars hier hebben gebouwd. Bovendien zijn de onderlinge verschillen tussen de vrije kavels buitengewoon klein.

Er zijn twee conclusies mogelijk. Of de bewoners willen wel maar kunnen niet: dat zou betekenen dat niemand genoeg geld had om echt uit zijn dak te gaan. Of, en dat is waarschijnlijker, ze kunnen wel maar willen niet omdat iedereen uiteindelijk ongeveer dezelfde wensen heeft. Dan kan wel ingewikkeld worden gedaan over woonstijlen en woonmilieus, maar soms blijken het leven en zeker zoiets alledaags als wonen ongecompliceerder dan de nieuwe woonconsultants met hun matrixschema’s doen voorkomen. In deze consensusmaatschappij wil niet alleen iedereen het met iedereen eens zijn, het lijkt erop alsof iedereen ook hetzelfde wil. En wat rest aan afwijkende opinies wordt bovendien liefdevol gesmoord door de anaconda’s markt en overheid.

Op die manier is ook Weebers Wilde Wonen getemd, gedomesticeerd en teruggebracht tot een woningbouwtentoonstelling: (Ge-)Wild Wonen, die volgend jaar in Almere te zien zal zijn. Hiervoor is een net en ordelijk stedenbouwkundig plan gemaakt, en de wildheid van het wonen is gereduceerd tot de mogelijkheid om de woning een beetje over de kavel te schuiven, de plattegrond hier en daar aan te passen, een uitbouw te maken, of de gevel te voorzien van wat franje. Ook Carel Weeber zal van de partij zijn in Almere. Wie A zegt moet immers ook B zeggen, maar daarmee ontkomt ook hij niet aan de greep van de anaconda.

Reageer op dit artikel