nieuws

‘Bankier geen projectontwikkelaar’

bouwbreed

munchen – Banken die zelf ontwikkelen, komen meestal van een koude kermis thuis. C. Nolting, commissaris van vastgoedfinancier FGH-bank, brandt zijn vingers niet meer aan projectontwikkeling. De bemoeienis met de kantorenmarkt beperkt zich wat hem betreft tot financiering of bemiddeling.

“We moeten niet proberen op de stoel van de projectontwikkelaar te gaan zitten. Uit eigen, slechte, ervaringen hebben we geconcludeerd dat ontwikkelen een vak apart is, waarvoor je speciale expertise nodig hebt. Banken kijken met een andere, veel bredere blik naar de vastgoedmarkt. Daar moet je gebruik van maken, maar van ontwikkeling zelf blijven we af. Dat is te eng.” Daarmee zit de bankier op een lijn met ABN-Amro, die onlangs haar verliesgevende vastgoedpoot van de hand deed.

Nolting is naast commissaris van FGH-bank ook lid van de raad van bestuur van de HypoVereinsbank. Deze Duitse hypotheekbank en vastgoedfinancier heeft anderhalf jaar geleden de FGH-bank gekocht en liet andere gegadigden als Bouwfonds met lege handen achter. Nolting begeleidde de overname en beschouwt ook nu nog Bouwfonds Nederlandse Gemeenten als grootste concurrent op de Nederlandse markt.

Zes journalisten waren door de bank uitgenodigd de eclips op het dak van het hoofdkantoor in Munchen te bekijken. Daar ook ontvouwde Nolting de buitengewoon ambitieuze plannen van de HypoVereinsbank. Het doel is de derde bank in Europa te worden en ze wil groeien door strategische overnames in zowel West- als Oost-Europa. Daarbij concentreert ze zich op hypotheken en financiering van vastgoed.

Het aandeel op de Nederlandse vastgoedmarkt schat Nolting momenteel op vijf procent. De mogelijkheden om te groeien vindt hij beperkt. Zijn verwachtingen voor de toekomst zijn dan ook niet al te hooggespannen. Via de FGH-bank wordt ingezet op een grotere portefeuille, maar niet tegen elke prijs. “De Nederlandse economie zit op een hoogtepunt en op een overspannen markt moet je voorzichtig opereren. De prijzen die voor vastgoed worden betaald zijn wel erg hoog. Soms te hoog in mijn ogen.”

Verliezen

De Nederlandse vastgoedmarkt ontwikkelt zich vooralsnog voorspoedig. Dat in tegenstelling tot de kwakkelende Duitse markt, waar Berlijn er in negatieve zin met kop en schouders bovenuit steekt. De voorspellingen voor ‘boomtown’ zijn (nog steeds) niet uitgekomen.

Daar heeft de HypoVereinsbank net als veel andere bankiers en ontwikkelaars verliezen moeten incasseren. “Onder het motto ‘Berlijn wordt de grootste bouwput van Europa’ is iedereen en masse in de vastgoedmarkt gesprongen. We zijn nu tien jaar verder en de verliezen voor met name de Franse en Amerikaanse banken zijn dramatisch.”

Nolting wijt de ellende vooral aan de tegenvallende huuropbrengsten. Een prijs van 50 Duitse mark per vierkante meter is normaal, terwijl ontwikkelaars op een opbrengt van minimaal 100 mark rekenden, schetst de bankier. Grondspeculanten hebben de prijzen opgedreven en de druk voor de te ontwikkelen projecten verhoogd. In de praktijk blijkt de groeimarkt zich te beperken tot de gebieden rond Friedrichstrasse en de Kurfurstendam.

Ook Nederlandse bouwers hebben hun geluk beproefd in Duitsland. Naast Bouwfonds zijn alleen Volker Wessels Stevin en NBM-Amstelland als ontwikkelaars overgebleven in de nieuwe hoofdstad. Beide ondernemingen hebben het zwaar. Wilma Vastgoed heeft inmiddels een punt gezet achter het Berlijnse avontuur.

Wie zich op de vastgoedmarkt in

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels