nieuws

Zelfstandigen zijn in Belgie verplicht sociaal verzekerd

bouwbreed

den haag – Belgie verplicht zelfstandigen deel te nemen aan de sociale zekerheid. Nederlandse zelfstandigen die in Belgie aan de slag gaan moeten zich uiterlijk negentig dagen na werkbegin melden bij een zelfstandigenfonds. De regeling voorziet in verzekeringen tegen ziekte en invaliditeit, ouderdoms- en nabestaandenpensioen en in gezinstoeslagen.

De premie gaat uit van het nettoberoepsinkomen dat de zelfstandige verdiende in het derde kalenderjaar dat aan zijn Belgische activiteiten vooraf ging. De fondsen verdelen het beroepsinkomen jaarlijks in schijven. De premie over de eerste schijf beloopt 16,7 procent en 12,27 over de tweede. Per jaar wordt ook de maximaal te betalen premie bepaald. Elke drie maanden moet een kwart van de totale heffing worden betaald. Zelfstandigen moeten in elk geval een minimumpremie betalen. Zijn ze daarnaast in loondienst dan vervalt de bijdrage. Wanneer zelfstandig verdiende inkomen beneden een jaarlijks vast te stellen maximum blijft bedraagt de totale premie 12,99 procent. Deze regeling geldt ook voor gepensioneerden die nog zelfstandig werken. Zelfstandigen die de heffing niet kunnen opbrengen kunnen vrijstelling aanvragen.

De verzekering geeft in het geval van ziekte recht op onder meer gezondheidszorg en uitkeringen bij arbeidsongeschiktheid. Op het eerste kunnen (gepensioneerde) zelfstandigen aanspraak maken, evenals hun weduwen en weduwnaars wanneer de loopbaan van de overledene recht op overlevingspensioen geeft. Ook hun kinderen, personen waarvoor zij verantwoording dragen en volle wezen die kinderbijslag ontvangen vallen onder de regeling.

De verzekering dekt onder meer de behandeling van ernstige ziekten, ziekenhuiskosten, ernstige chirurgische ingrepen en revalidatie en beroepsherscholing. De zelfstandige betaalt de doktersrekeningen eerst zelf. Het ziekenfonds vergoedt vervolgens een percentage tot een bepaald maximumbedrag. De verzekering keert uit wanneer de zelfstandige ingeschreven is bij een ziekenfonds en niet achter is met de premiebetaling. De fondsen hanteren een wachttijd van zes maanden. Verzekeringstijdvakken die in andere lidstaten zijn opgebouwd kunnen hier meetellen.

Arbeidsongeschiktheid

Uitkeringen vallen alle zelfstandigen ten deel, inclusief arbeidsongeschikten en personen die tot de voortgezette verzekering zijn toegelaten. Gepensioneerden en zelfstandigen die geen volledige premie betalen vallen buiten de regeling. Een uitkering voor arbeidsongeschiktheid loopt negen maanden en wordt van de vierde tot en met de twaalfde maand uitbetaald. De drie voorgaande maanden moet de zelfstandige zelf zien te financieren. Het bedrag is vast en verandert alleen als de zelfstandige voor anderen moet zorgen. Hetzelfde geldt voor de invaliditeitsverzekering die op de negen maanden ziekengeld volgt. De zelfstandige moet voor deze uitkering zijn invaliditeit officieel laten vaststellen. Na acceptatie betaalt het ziekenfonds uit.

Zelfstandigen maken aanspraak op ouderdomspensioen. Het bedrag gaat uit van de beroepsloopbaan. Voor mannen gaat het bij 65 jaar in; voor vrouwen bij 60. Mannen die met 60 jaar ook pensioen willen krijgen per jaar 5 procent minder uitgekeerd. De aanvraag loopt via de burgemeester van de gemeente waar de zelfstandige woont. De weduwe/weduwnaar die minstens een jaar met een zelfstandige was getrouwd heeft vanaf 45 jaar recht op een overlevingspensioen. Deze voorwaarde vervalt wanneer de overlevende voor minstens een kind moet zorgen of voor minstens 66 procent arbeidsongeschikt is. De uitkering vervalt wanneer de overlevende een beroep uitoefent.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels