nieuws

Nieuw beton belooft revolutie in sector Miljoeneninvesteringen nodig voor zelfverdichtend beton

bouwbreed Premium

woerden – Het ruikt naar gewoon beton, maar het heeft volstrekt andere eigenschappen: zelfverdichtend beton. Het materiaal belooft een revolutie teweeg te brengen in de betonproductenindustrie. Bestaande fabrieken moeten voor miljoenen guldens worden aangepast. Betonfabrieken van de volgende generatie zien er totaal anders uit.

Tot nu toe zijn de water/cementfactor en de cementsoort bepalend voor de samenstelling van beton. “Bij verdichtingsvrij beton is het juist omgekeerd. Eerst bepaal je de ‘pasta’, zodanig dat hij de korrels van het toeslagmateriaal goed omhult. De verhouding water/poeder is bepalend voor de vloeibaarheid en samenhang”, aldus ir. H.W. Bennenk, hoogleraar aan de Technische Universiteit Eindhoven. Zijn afstudeerder Rene Ernst is druk bezig de variatie van zelfverdichtend beton te onderzoeken bij toepassing van verschillende cementsoorten, vulstoffen en plastificeerders. De eigenschappen van het materiaal moeten immers voorspelbaar zijn.

Inmiddels zijn 18 van de 24 leden van Belton, de sectorvereniging van de Bond van Fabrikanten van Betonproducten in Nederland (BFBN), in staat om met zelfverdichtend beton te werken. Drie bedrijven hebben op de Betondag reeds het bijbehorende certificaat ontvangen. Binnenkort volgen er meer.

Investeringen

De nieuwe betonsoort, die niet meer hoeft te worden getrild, maar vanzelf vloeit en verdicht, blijkt geen theorie te zijn.

De eigenschappen van het nieuwe materiaal zetten de prefab betonindustrie compleet op zijn kop.

“Je moet opnieuw leren storten”, stelt Bennenk. “Het geluid van de trilmotoren komt volledig te vervallen. In plaats daarvan hoor je nu de radio. De mensen op de werkvloer lopen te dringen om met zelfverdichtend beton te mogen werken. Het werkt veel plezieriger. Doseren is geen probleem meer, het vloeit immers vanzelf de kist in.”

Om met zelfverdichtend beton te kunnen werken, moeten de fabrieken worden heringericht. “Er zijn extra silo’s nodig voor de vulstoffen, de kubels moeten worden aangepast. Het gaat om investeringen van enkele tonnen tot een half miljoen per bedrijf. Bij tussenopslag moet het materiaal in beweging worden gehouden in een stortmachine met schoepen. In de toekomst komen er wellicht kleinere mengers dichter bij de stortposities.”

“Bij vloeibeton denk je nog aan lekkende kisten”, vervolgt Bennenk. “Niet bij zelfverdichtend beton, want dat heeft samenhang. Even wachten, en je kunt een neus op een element storten. Ik vind het een wonder.”

Duurder

Een klein deel van het grind en zand wordt bij zelfverdichtend beton vervangen door vulstoffen. “Het is wat duurder, maar dat verdien je terug door een snellere productie, minder reparaties en andere mogelijkheden zoals het minimaliseren van de maten, die nodig zijn om te kunnen storten”, aldus ir. A. Pielkenrood, directeur van de BFBN. Bovendien zijn de arbeidsomstandigheden veel beter, zonder lawaai en stof, en ziet het eindproduct er bijzonder strak en scherp uit.

Bennenk verwacht, dat tachtig procent van de prefab betonindustrie zal overstappen op de toepassing van zelfverdichtend beton. “Formeel stopt het project aan het eind van dit jaar, maar we gaan door. Zelfverdichtend beton vereist een heel nieuwe technologie. We hebben er een vak bijgeleerd.”

Reageer op dit artikel