nieuws

Grond uit boortunnels geschikt voor hergebruik

bouwbreed Premium

den haag – De miljoen kubieke meter grond die de komende jaren jaarlijks bij het aanleggen van boortunnels vrijkomt, is geen belemmering voor het toepassen van boortechnieken. De kwaliteit van de uitkomende grond maakt deze geschikt voor hergebruik. Wel moet gekeken worden naar afzetmogelijkheden.

Boortunnelprojecten in de komende jaren zijn: Botlekspoortunnel, Westerscheldetunnel, Sophiaspoortunnel, Pannerdensch Kanaaltunnel, Groene Harttunnel, Noord/Zuidlijn Amsterdam en Ondergronds Logistiek Systeem bij Aalsmeer. Afhankelijk van de boortechniek komt daar grond bij vrij dat vermengd is met een gering percentage bentoniet of schuim/polymeren. Deze hulpstoffen zorgen voor steun aan het ontgravingsfront (bentoniet) of verhogen de verwerkbaarheid van uitkomende grond (schuim en polymeren).

Bij de Westerscheldetunnel wordt bentoniet gebruikt. Het mengsel van bentoniet, water en grond wordt van het boorfront vooraan bij de boor verpompt tot buiten de tunnel. Daar wordt de bentoniet uit een bentoniet/water/grondmengsel afgescheiden. In de verwerkte grond blijft echter een klein deel bentoniet achter. Schuim en polymeren worden gebruikt bij cohesieve gronden en geven de ontgraven grond voldoende plasticiteit om door middel van een schroefvijzel uit de mengkamer verwijderd te kunnen worden. Schuim en polymeren zijn in beginsel afbreekbaar te maken, zodat de grond goed genoeg is voor hergebruik. Bij het boren van de Botlekspoortunnel worden schuim en polymeren toegepast. De definitieve keuze voor de bestemming van de grond hangt af van de door de aannemer gekozen werkwijze en de eisen of wensen die bij de eindbestemmingen gelden. Bij de Tweede Heinenoordtunnel is de 103.000 kubieke meter uitkomende grond gebruikt in het werk en om het terrein in te richten. Bij de Westerscheldetunnel komt 1,3 miljoen kubieke meter grond vrij. Hiervoor zijn afzetmogelijkheden in studie zijn.

Reageer op dit artikel