nieuws

Onzekerheid over uitwerking van Bouwstoffenbesluit ‘Vooral kleinere bedrijven willen geen enkel risico lopen’

bouwbreed Premium

den haag – Prijsverhogingen, op lange termijn zelfs eventuele claims en stagnatie van het gebruik van secundaire bouwstoffen. Dat zijn al drie problemen die de bouw voorziet rond de invoering van het Bouwstoffenbesluit. Niemand weet wat de uitwerking is van het besluit.

“Voor asfalt zien we geen problemen. We zijn druk bezig met het certificatieproces. Asfalt staat nu op de voorlopige lijst in het kader van de overgangsregeling”, zegt VDW Asfalt-medewerker Pietersen. Voor hem is duidelijk dat het vooral gaat om de houding van opdrachtgevers.

“In het verleden hebben we wel gezien dat sommigen op deze gebieden het zekere voor het onzekere nemen. Wat dat betreft zijn er wel zorgen. Dat geldt vooral het gebruik van secundaire grondstoffen. Maar het zou tragisch zijn als het Bouwstoffenbesluit het gebruik daarvan frustreert.”

Met grond ligt het nog ingewikkelder. Pietersen heeft al gehoord van een bedrijf dat bezig was met een weg die de provinciegrens overschreed. Grond die vrijkwam moest wel precies binnen de ene provincie worden verwerkt. “Twee meter verder en hij had allerlei vergunningen moeten aanvragen.”

Het Bouwstoffenbesluit is vanaf 1 juli in werking. Sinds die datum mogen nog slechts gecertificeerde of gekeurde materialen worden gebruikt. Maar de eerste zijn nauwelijks te krijgen, en keuren is praktisch onmogelijk bij een jaarverbruik van 20 miljard kilo.

Daarom heeft het ministerie van VROM een overgangsregeling ontworpen. Daarmee worden materialen waarvan de certificering aanstaande is op een voorlopige lijst geplaatst. Die materialen zouden dan wel gebruikt mogen worden.

Circulaire

“Zo simpel is het niet. Het gaat niet om regelgeving, maar om een circulaire van de minister aan de gemeenten. Die maken zelf uit wat ze wel en niet overnemen”, zegt VAGWW-voorzitter Stuit. Zelf weet hij al dat de gemeenten niet alles zomaar navolgen. Zo staat in de regeling dat grond van een bepaalde kwaliteitsklasse mag worden gebruikt in een ander gebied van gelijke kwaliteit. Daarvoor kunnen dan de bodemkwaliteitskaarten worden gebruikt. Zo niet in Rotterdam. Die gemeente eist toch bemonstering van de grond.

Waar dat toe leidt, weet Stuit inmiddels ook al uit de praktijk. Bij een particulier die zijn woning aan de achterzijde wilde uitbreiden, moest 15 kuub grond worden weggehaald. Bemonstering daarvan kost 1000 gulden.

Puin

Een ander punt is volgens hem wat er gaat gebeuren met puin. “Puinbrekers zullen gecertificeerde producten moeten leveren. Ik hoor nu al dat zij dan ook gecertificeerd puin aangeleverd willen krijgen. Zie je dat al voor je van een kleine aannemer die met een stapeltje oude trottoirbanden aankomt? We hebben met succes het scheiden van afval ingevoerd. Hierdoor kan dat weer worden afgebroken”, meent Stuit.

Hetzelfde geldt voor gebruik van secundaire grondstoffen. “Met name de wat kleinere bedrijven zullen geen enkel risico willen lopen. Die schakelen weer over op primaire grondstoffen.”

Over een ding is de hele bouw het eens: de invoering van het Bouwstoffenbesluit had niet mogen plaatsvinden voordat de infrastructuur klaar was. Nu is er een gebrek aan materialen en aan gecertificeerde laboratoria.

Officieel

Naar verwachting zijn over een dag of veertien in elk geval de granulaten officieel gecertificeerd conform het Bouwstoffenbesluit. Dat is wat anders dan een eigen verklaring van een producent. Het gaat om granulaten van de Twentse Recycling Mij, De Drentse Recycling Mij en Recycling Mij Almelo. Het wachten is nog op de definitieve goedkeuring van de beoordelingsrichtlijn BRL 2506 door de Raad voor de Accreditatie. Die BRL is opgesteld door de Branchevereniging voor recyclingbedrijven in samenwerking met BDA Intron.

Op pagina 5: NBM: funderingsmateriaal wegenbouw voldoet aan Bouwstoffenbesluit.

Reageer op dit artikel