nieuws

Gezonde groei blijft uit

bouwbreed Premium

Zeeland buit haar ligging aan het water goed uit. De zuidwestelijke provincie profiteert volop van de bouw van recreatiewoningen. ‘Buitenpoorters uit de Randstad’ en Duitsers weten de vaak meer dan dure vakantieparken te vinden. Maar het maakt niet dat er sprake is van een gezonde bouweconomie. Het is hard voor weinig.

Terwijl in ‘het echte Nederland’ de Vinex-storm woedt, heeft Zeeland een geheel eigen opvatting over woningbouw. In de grote steden van deze provincie, Middelburg/Vlissingen, Goes en Terneuzen, vinden op normale schaal uitbreidingen plaats. In de oude vestingstad Middelburg bijvoorbeeld is het plan De Veersche Poort in beweging. ‘De tuin van Walcheren’, zoals dit nieuwe stadsdeel wel wordt genoemd, is ontworpen door Herman Hertzberger. Op een oppervlakte van 40 hectare bouwt de lokale Heijmans-dochter, Walcherse Bouw Unie, 260 woningen. Hertzberger krijgt bij dit project steun van drie lokale architectenbureaus.

De bouwopgave in de drie hierboven genoemde ontwikkelingszones geven wat lucht aan de kleine woonkernen die worden geplaagd door een restrictief bouwbeleid. Want vaak worden leegkomende woningen in vooral dorpen gekocht door ‘buitenpoorters uit de Randstad’ en Duitsers, die er maar een paar weken per jaar in wonen. Het gevolg is dat er ‘spookdorpen’ ontstaan. Daarnaast werkt het opkopen prijsopdrijvend, zodat de Zeeuw eigenlijk niet meer aan de bak kan komen. “Er ontstaat een verstoring van de woningmarkt. Kernen hebben een permanente woonfunctie, maar door het tweede woningbezit worden woningen, bestemd voor permanente bewoning, aan de woningmarkt onttrokken. Om te voorzien in woonbehoefte van eigen woningzoekenden moeten woningen bijgebouwd worden,” zei wethouder M. Brouwer-te Roller van Veere ooit in deze krant. Naar aanleiding hiervan stelde de Zeeuwse afdeling van het NVOB dat er niet jaarlijks 1067, volgens een plan van de provincie Zeeland, maar tweeduizend woningen gebouwd moesten worden. “Er is juist veel vraag naar koopwoningen in de kleine kernen. Juist kooplustige senioren van buiten Zeeland willen er wonen.” Het provinciecijfer is meer dan een halvering van het topjaar 1995, toen er 2300 woningen werden gebouwd.

Het feit is, en dat wordt onderbouwd door cijfers van het CBS en het ministerie van VROM, dat van een gezonde groei geen sprake is. In Volkshuisvesting in Cijfers 1998 van Vrom staat dat er de Zeeuwse woningvoorraad 160.300 woningen groot is. De prognose is dat deze voorraad in 2005 met slechts 3,7 procent is gegroeid. De provincie behoort met dit percentage tot de achterblijvers. Ook op het vlak van verleende bouwvergunningen meldde deze krant aan de hand van de CBS-cijfers dat ook daar sprake is van een terugval: en wel met 6 procent tot 2141 stuks.

Zeeland weet, net als bijvoorbeeld Friesland, de recreatiemarkt aan te boren. Maar gemakkelijk verloopt dat alles niet. De markt wordt getroffen door een aanpassing in de fiscale wetgeving – restrictie aftrek hypotheek tweede huis – en overaanbod aan vakantiewoningen. Alleen nog de luxe woningen kunnen met behulp van veel marketinginspanningen aan de mens worden gebracht. “De huidige consument stelt steeds hogere eisen en vraagt in deze verwencultuur om meer luxe. Dan kun je niet meer met formica meubeltjes aankomen”, verklaarde eind vorig jaar een directeur van een vakantiecentrum. Het gevolg is dat er voor de lokale aannemers, die over het algemeen worden ingeschakeld, een terugval is te signaleren. Zij zijn niet in staat de dure, hoogwaardige vakantievilla’s te realiseren.

Een belangrijke economische prikkel kan uitgaan naar de bouw van de geboorde tunnel onder de Westerschelde. De betrokken bouwconcerns hebben in het verleden de bouwbond FNV toegezegd lokale werknemers te zullen werven. De betonfabriek waar de schillen voor de boortunnel worden vervaardigd draait voor een deel op werknemers uit Zeeland.

Kantoren

Het beeld dat uit dit alles oprijst is, dat er een weinig florissante bouweconomie heerst. Zelfs het realiseren van kantoren is niet om over naar huis te schrijven. In een vastgoedrapport van vastgoedbankier FGH staat dat slechts enkele kantoren worden gerealiseerd. De uitbreidingen vinden plaats in het gebied rond stations. In Goes is de realisatie van de tweede fase Stationspark, het kantorengebied van deze stad, in beweging. De stad verwacht te profiteren van verbeterde bereikbaarheid door de aanleg van de Westerscheldetunnel.

De lokale aannemers worden tot overmaat van ramp ook nog eens in de rug aangevallen. De Belgische aannemerij verovert stapje voor stapje de markt. Het Innovatiecentrum Zeeland onderzocht in opdracht van het Zeeuws Bouwberaad deze tendens. De zuiderburen voeren zo’n tien procent uit. Zij zijn zowel actief op het vlak van woning- en utiliteitsbouw als de infrabouw. NVOB-voorvrouw J.J. Talstra in Cobouw: “Het is zeker niet zo dat corporaties zich en masse tot Belgische aannemers wenden. Er is ook sprake van de presentatie van Brabantse en Zuid-Hollandse aannemers in Zeeland.”

Het Innovatiecentrum Zeeland vindt dat de Nederlandse aannemers beter hun acquisitie moeten organiseren en veel meer aan innovatie moeten doen. Aannemers, zoals uit de hoek van kleine grond- en wegenbouwers, denken traditioneler. “Meer onderhands aanbesteden,” stelde VAGWW-er J. Legemate. “Opdrachtgevers hebben een totaal achterhaald beeld van de Zeeuwse bouwer. Die zou niet in staat zijn met moderne technieken te werken, niet gekwalificeerd zijn en geen grote werken aankunnen. Onzin. We beschikken over alles, zelfs durf.”

Reageer op dit artikel