nieuws

Bewoner ‘dubo-huis’ heeft betere voorlichting over gebruik nodig

bouwbreed Premium

Bewoners van woningen in dubo-projecten zijn niet over alle milieumaatregelen in hun huis even opgetogen. Enkele voorzieningen worden zelfs zo weinig gebruikt, dat ze net zo goed achterwege hadden kunnen blijven. Over het algemeen is de tevredenheid groot, maar het zou wel verstandig zijn bewoners beter voor te lichten over het gebruik van hun huis.

Dit blijkt uit een nog niet gepubliceerde onderzoek naar dubo en ‘woonsatisfactie’ dat werd gepresenteerd op de studiedag ‘Van duurzaam bouwen naar duurzaam wonen’.

In opdracht van het ministerie van VROM onderzocht ir. S. Silvester (TU Delft) met drs. ir. G. de Vries (V en L- Consultants, Rotterdam) de tevredenheid van bewoners met maatregelen die vallen onder de noemer duurzaam bouwen. Ook keken ze naar de wijze waarop bewoners omgaan met die voorzieningen. De Vries: “We hebben wat dat laatste betreft natuurlijk alleen gekeken naar zaken met een ‘gedragscomponent’, voorzieningen waarop een bewoner invloed kan hebben. Isolatiemateriaal valt daar bijvoorbeeld niet onder.”

Silvester en De Vries onderzochten vijf projecten met bovengemiddelde milieu-ambities, die meer dan een jaar bewoond zijn. Het gaat om De Akkers (Helmond/Mierlose Hout), Gelderse Blom (Veenendaal), Vernieuwd wonen (Zutphen), Plaza Mediterra (Doetinchem) en Waterland/Drielanden (Groningen). Deze projecten omvatten 410 huishoudens, waarvan 193 deelnamen aan de enquete van de onderzoekers.

VROM wilde niet alleen het oordeel van de gebruikers horen, maar ook weten hoe het gebruik zo nodig kan worden verbeterd.

Gft, weg ermee

Over de hele linie is de tevredenheid van de bewoners met de totale pakketten dubo-maatregelen groot, al valt daarbinnen nog wel wat te nuanceren.

Erg positief waren de bewoners over:

ù de toepassing van zonne-energie voor verwarming en opwekking van elektriciteit (actieve zonne-energie);

ù extra daglicht door grote ramen op het zuiden (passieve zonne-energie);

ù waterbesparende toiletten;

ù het gebruik van regenwater voor de doorspoeling;

ù warmtewanden;

ù regentonnen;

ù een helofytenfilter voor de zuivering van afvalwater;

ù grijswatersystemen;

ù het autoluw-zijn van de wijk.

Minder tevreden waren de bewoners over:

ù de milieubewuste buitenverf (‘door matige schilders?’);

ù de warmtepomp of warmtepompboiler (‘te veel lawaai’);

ù de speciale afvalbak voor gft-afval in de keuken (‘vies’);

ù bij houtskeletbouw: de geluidsisolatie tussen de vertrekken en tussen de huizen.

Enkele dubo-maatregelen hadden nauwelijks effect, doordat de bewoners ze vrijwel niet gebruikten:

ù de groene hypotheek (‘niet nodig’);

ù het compostvat (‘we hebben een bio-bak’);

ù het gasstopcontact;

ù het warmwatertappunt voor een ‘hotfill’-wasmachine of vaatwasser (‘we hebben al een gewone’).

Relatief veel bewoners hadden geen uitgesproken mening over:

ù de vergrote radiatoren (‘was me niet opgevallen’);

ù de verbrede deuren;

ù de netvrij-schakelaar of de afgeschermde elektriciteitskabels;

ù de ventilatie via buitengeluidwerende ‘sus’-kasten.

Opvallend was dat de potentiele bewoners wel op allerlei manieren informatie kregen over een deel van de milieumaatregelen in hun woning, maar dat eigenlijk niemand een uitgebreide gebruiksaanwijzing kreeg die stap voor stap het gebruik van alle voorzieningen uitlegt.

Garanties

Dat zou wel moeten. Vooral voor tweede en derde bewoners van een dubo-woning is dit gemis bijna fataal, omdat zij ook alle informatie mislopen die voor en tijdens de bouw is verstrekt, al dan niet mondeling.

De onderzoekers raden tenslotte ook aan garanties te eisen van de leveranciers van de systemen, waarover bewoners minder tevreden bleken.

Joost Melten

Reageer op dit artikel