nieuws

Regionale infrastructuur kind van de rekening

bouwbreed

“Dit kabinet is nog meer een investeringskabinet dan het vorige.” Die zin, uit de mond van premier Kok, afgelopen donderdag in de Tweede Kamer, zal menig GWW-aannemer ongetwijfeld in de handen doen wrijven.

“Regio’s zullen nog onaangenaam worden verrast. Veel projecten schuiven op.” Ook een volzin, uitgesproken in de Tweede Kamer, maar dan wel achter de coulissen. Als eind oktober het Meerjarenprogramma Infrastructuur en Transport wordt gepubliceerd, zullen we het zeker weten. Er wordt geinvesteerd, maar vraag alsjeblieft niet waar en wanneer.

De Algemene Politieke Beschouwingen van deze week kunnen bizar worden genoemd. Net als enkele weken geleden tijdens het debat over de regeringsverklaring vormde de vraag hoe de meevallers verdeeld moeten worden het grote twistpunt tussen de regeringspartijen. Met afstand, op de tweede plaats, kwam het spelletje CDA-leider Jaap de Hoop Scheffer pesten omdat hij geen tegenbegroting had gemaakt.

En over infrastructuur? De grootste inbreng op dat punt kwam van De Hoop Scheffer die zich vooral druk maakte over het vooruitschuiven van de Hanzelijn. Ook van andere oppositiepartijen vielen kritische geluiden te beluisteren – vooral over de grote projecten als Betuweroute en HSL-Zuid. Die twee lokken zoveel geld op, dat regionale projecten het kind van de rekening dreigen te worden.

Met name Jan Marijnissen van de SP zette grote vraagtekens bij de rentabiliteit van de Betuwelijn. Tot nu toe is bekend dat die de eerste vijf jaar in elk geval niet rendabel geexploiteerd kunnen worden. Volgens Marijnissen zijn echter ook al cijfers bekend voor na 2010. Daaruit zou blijken dat een gezonde rentabiliteit ook dan niet haalbaar is.

Scepsis

Dat verklaart dan meteen de scepsis alom over de haalbaarheid van een private bijdrage aan de Betuweroute. In de begroting wordt uitgegaan van 1,6 miljard gulden private financiering. Voor de HSL-Zuid is dat zelfs 1,8 miljard.

Er is evenwel een groot verschil tussen beide projecten. Bij de HSL-Zuid wordt gekeken naar een publiek-private samenwerking met een of meer partijen over een combinatie van exploitatie van de lijn zelf, telecom-mogelijkheden en vastgoedontwikkeling in stationsgebieden. Het gaat kortom om een combinatie van rendabele en onrendabele delen van het totale project.

Op het, alweer enige tijd geleden gepubliceerde, ‘consultation paper’ over mogelijkheden voor een pps-constructie is vanuit de markt veel reactie gekomen. Inhoudelijk wil Verkeer en Water-staat daar momenteel nog niet op ingaan. Het duidt er echter op dat hier kansen liggen.

Bij de Betuweroute ligt dat anders – voor zover nu bekend althans. Uitgegaan wordt nu nog van een PPS-constructie met de toekomstige exploitant, eventueel aangevuld met telecom-mogelijkheden. Een koppeling met bijvoorbeeld Multi-modaal Transportcentrum Valburg is niet gemaakt. Gezien het feit dat in elk geval de eerste vijf jaar, maar naar alle waarschijnlijkheid nog een tijd nadien, de lijn niet rendabel is, zal geen exploitant bereid zijn een substantieel bedrag neer te tellen. Wat overblijft is dan eventueel de mogelijkheid om de concessie voor het gebruik van de lijn te veilen. Of dat de gewenste 1,6 miljard gulden oplevert is twijfelachtig.

Schrijnend

Kortom: behalve de al gesignaleerde projecten ter waarde van 33 miljard die bij gebrek aan geld blijven liggen, dreigt nog een extra strop van maximaal 3,4 miljard waar het Fonds Economische Structuurversterking voor zal moeten bloeden. Op zich niet erg, want daar is het voor.

Wel erg als je kijkt naar wat er allemaal al doorschuift naar latere jaren en wat binnen de planperiode van het MIT helemaal niet aan de orde komt. Hanzelijn, Betuwelijn-Noord, brug bij Kampen in de N50 en het Naviduct bij Enkhuizen zijn slechts enkele van de schrijnende voorbeelden.

Uit het Meerjarenprogramma Infrastructuur en Transport (MIT) dat eind oktober verschijnt, zal uiteindelijk duidelijk worden wat er nu wel en niet gaat gebeuren. Nu is echter al duidelijk dat regionale projecten, die voor de bereikbaarheid van ons land veel belangrijker zijn dan HSL-Zuid en Betuwelijn samen, de dupe worden van deze prestigieuze projecten.

Gelukkig heeft premier Kok een opening geboden. Getergd door de oppositie zei hij er geen bezwaar tegen te hebben als bijvoorbeeld de Betuweroute weer ter discussie wordt gesteld.

Wie in de Kamer zou dat echter durven?

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels