nieuws

Gevelbouwers moeten meer samenwerken met installatietechnici

bouwbreed

amsterdam – Heeft de installatietechniek in gebouwen nog wel een functie? Dat vraagt prof.ir. P.H.H. Leijdendeckers van de TU Eindhoven zich af. Hij sprak op het symposium ‘De actieve gevel’ van de Vereniging Metalen Ramen en Gevelbranche. (VMRG).

“Het is een illusie te denken dat je een slechte gevel met installaties kunt verbeteren”, meent Leijendeckers. “Installaties reageren veel te traag. Voor een goede oplossing is de gevelbouwer nodig.”

Het belangrijkste principe van een actieve of klimaatgevel is dat door dubbele beglazing met een extra spouwblad, een ruimte wordt gevormd. Om zonnewarmte af te voeren, wordt in deze geventileerde ruimte zonwering geplaatst.

De techniek van zo’n actieve gevel is inmiddels ver gevorderd. De verbeterde klimaatgevel heeft een warmtedoorgangscoefficient van minder dan 0,5. Daardoor zijn cv-installaties overbodig. De zontoetredingsfactor blijft onder 0,15 waardoor de koeling grotendeels beperkt blijft tot de interne warmtelast.

Leijendeckers vindt dat gevelbouwers en installatietechnici in nauw overleg oplossingen moeten bedenken. “Het is mogelijk dat ze samen een product ontwikkelen, maar uiteindelijk zullen ze ieder op eigen terrein moeten doorontwikkelen.”

Proefopstellingen

Leijendeckers heeft in het verleden met TNO diverse onderzoeken uitgevoerd en later aan de TU Eindhoven metingen verricht in verschillende proefopstellingen van actieve gevels. Interessant zijn de bevindingen met een zonwerend screen als licht- en luchtdoorlatend spouwblad. Hij heeft zijn ideeen in verschillende gebouwen kunnen toepassen. Voorbeelden zijn Mercator in Nijmegen en XX in Delft.

Ook ing. Bert van de Linde, directeur Scheldebouw, meent dat integratie van gevel en installatie onontkoombaar is.

Hij gaf een overzicht van de mogelijkheden voor actieve gevels. Door de verschillende variaties in spouwconstructies en ventilatiesystemen te combineren, komt hij op 24. Daarvan zijn er tot nu toe slechts zes in de praktijk uitgewerkt. Hij concludeert dat een tweede-huidgevel met dubbelglas als binnenspouwblad en enkelglas buiten, natuurlijk geventileerd met buitenlucht, minimaal tweemaal zoveel kost als een traditionele gevel. De operationele kosten zijn echter veel lager.

Bij een klimaatgevel met enkelglas als binnenspouwblad en dubbelglas buiten, die 25 procent meer kost dan een traditionele gevel, kunnen de operationele kosten nog veel lager uitvallen, hield Van de Linde zijn gehoor voor.

Koers

Het congres moest voor de VMRG het begin zijn van een nieuwe koers. Ing. G.J.J. Lieverse, sinds januari 1998 directeur van de vereniging: “De bouwwereld is veel te veel geneigd vast te houden aan traditionele technieken. Zij moet af van storten en gieten, maar gaan schroeven en monteren. En eventueel later weer losschroeven en vervangen.”

De VMRG wil haar leden informeren over moderne technologieen. Slechts twintig procent van de bedrijven behoort tot het midden- en grootbedrijf. Zulke ondernemingen beschikken over de capaciteit moderne technieken en technologieen op te nemen. Bij de andere tachtig procent daarentegen ligt dat moeilijk. Om de vicieuze cirkel binnen het traditionele bouwen te doorbreken moeten de leden, maar ook de bouwpartners worden geinformeerd, vindt Lieverse. De VMRG wil daarom ieder jaar een vergelijkbaar congres organiseren en hoopt dat daar meer bouwers komen dan het bedroevend aantal dat dit symposium bezocht.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels