nieuws

‘Iedereen met een goed plan mag langskomen’ Meer waar voor je geld bij samenwerking publiek met privaat

bouwbreed

den haag – Het Rijk zet de deur niet al te wijd open en kiest voor een stap voor stap benadering voor publiek-private samenwerking (pps). “We zijn gewaarschuwd niet alles tegelijk aan te pakken en zoveel mogelijk contracten af te sluiten. Maar iedereen met een goed plan mag langskomen.” Een interview met Dick Sluimers, projectleider pps van het ministerie van Financien over meerwaarde, scoopverbreding en laaghangend fruit.

Een interdepartementale werkgroep onder leiding van Sluimers heeft onlangs het rapport ‘Meer waarde door samen werken’ gepresenteerd. Dit gaat als leidraad en toetsingskader dienen voor het Rijk bij het aangaan van publiek-private samenwerkingen. Infrastructuurprojecten komen daarbij nu als eerste bovendrijven, maar het Rijk ziet ook kansen voor groenprojecten, stedelijke ontwikkeling en kennisinfrastructuur.

Veel mensen hebben de mond vol van pps, maar wanneer kunnen we de eerste contracten verwachten?

“Dat zal nog wel even duren. Zoals ik het nu inschat duurt het nog een tot anderhalf jaar voordat de eerste echt afgeronde contracten op tafel liggen. Dat baseer ik op de ervaringen van onze Engelse collega’s die waarschuwen voor te snel in zee gaan zonder toetsingskader en duidelijke afspraken. Dit soort samenwerkingsvormen zijn niet gemakkelijk gestalte te geven en zeker op rijksniveau hebben we tot nu toe weinig ervaring. De ervaring tot nu toe is niet altijd even positief, dus veel ruimte voor missers is er niet. Ik kan zo uit mijn hoofd in Nederland geen succesvolle pps-constructies noemen, maar misschien trap ik nu iemand op z’n teentjes.”

Wat zijn de voorwaarden voor succes dan?

“Publiek-private samenwerking is alleen interessant als meer gedaan kan worden voor hetzelfde geld. More bang for your buck, of te wel meer lawaai voor je geld. Beide partijen moeten eraan verdienen en dat kan door scoopverbreding en efficiency-voordelen. Door verder te kijken dan een specifiek project. Als je een weg aanlegt of tunnel graaft, wordt de grond er om heen meer waard. Vaak lekt deze waardevermeerdering weg uit het project dat waarde voortbrengt. De overheid legt een dure weg aan naar goed renderende huizen of kantoren die de private sector bouwt. Door nu de scope van het project te verbreden, kun je voorkomen dat dit soort winsten als het ware weglekken uit het project. Met zo’n integrale aanpak kunnen zaken op elkaar worden afgestemd. Bovendien worden taken beter verdeeld omdat ieder van de partijen, publiek en privaat, zich concentreert op datgene waar zij het best in is.”

Geeft het geldtekort bij het Rijk een stimulans?

“Geldtekort bij de overheid mag nooit de beweegreden zijn voor een pps. De staat is triple-A en kan altijd goedkoper lenen, dus moet het iets anders zijn dat meerwaarde oplevert. Het is nog altijd belastinggeld en de Algemene Rekenkamer houdt ons in de gaten. We moeten kunnen bewijzen dat het geld beter besteed is via een pps, anders moet je er niet aan beginnen. In Engeland en Spanje zijn inmiddels goede en slechte voorbeelden.”

Zoals?

“In Engeland hebben ze de randvoorwaarden voor de bouw van gevangenissen op papier gezet en daarna mocht de markt met ideeen komen. Daarbij zijn ontwerp, bouw en exploitatie gekoppeld. De ervaring leert dat er efficienter wordt gebouwd en dat er op de onderhoudskosten flink te besparen valt. In Engeland blijken de kosten voor dergelijke gevangenissen zo’n 10 procent lager uit te vallen dan gevangenissen in overheidsbeheer. Is het een en dezelfde organisatie die zowel ontwerp, bouw als onderhoud doet, dan zal die bijvoorbeeld letten op onderhoudsarme bouwproducten.”

Waarom dan toch zo voorzichtig?

“Er zijn minimaal even veel missers. Kijk bijvoorbeeld naar de Channel Tunnel Raillink, waar het bouwconsortium failliet is gegaan, er een forse rekening bij de Staat ligt en het project stevige vertraging heeft opgelopen. Daarnaast hebben we tot nu toe in Nederland toch weinig ervaring met koppelen en verbreding van het blikveld. Procedures zijn lastiger, je zit met meer partijen om de tafel, ook al in de beginfase, en bij grotere projecten zijn de risico’s groter. Tot nu toe is dat niet altijd goed gegaan. De overheid is onbetrouwbaar, krijgen we vaak te horen. Het democratische proces is wel onvoorspelbaar, maar de overheid blijft toch altijd aanspreekpunt voor het eindresultaat. Om pps de komende tijd op gang te krijgen hebben we nu een paar successen nodig. Bij de marktpartijen is animo genoeg en uit de beste voorstellen zullen we zes tot tien selecteren en daar mee verder gaan.”

Maar pps is niet nieuw, grote projectontwikkelaars halen nu al eenderde van hun omzet uit pps-constructies.

“Op gemeenteniveau zijn al diverse projecten. Het overleg met private partijen bij de HSL loopt al. En je kunt makkelijk zeggen dat we te laat zijn begonnen bij de Betuwelijn. Maar het is niet zo dat wij bij Financien opeens het wiel opnieuw hebben uitgevonden en dat andere wielen nu kunnen ophouden met rijden. We concentreren ons nu op ‘laaghangend fruit’. Projecten die binnen handbereik zijn en rijp om te plukken. In het rapport staat een aantal voorbeelden daarvan maar dat wil niet zeggen dat dat de enige appels zijn die in de boom hangen. Een nieuw op te richten kenniscentrum – dat klinkt te centralistisch, daar verzinnen we nog iets anders voor – moet de kennis bundelen en de projecten gaan begeleiden.”

Wanneer komt dat centrum er?

“De streefdatum is 1 januari 1999 operationeel te zijn. Dat is optimistisch omdat het nog niet eenvoudig is een stuk of tien experts van binnen en buiten de overheid bij elkaar te sprokkelen die de kar gaan trekken. Daarnaast krijgen diverse departementen – nu wordt gedacht aan VROM, V en W, LNV en OCW – een eigen pps-unit. Tot die tijd zitten we niet stil. Projecten die nu op tafel komen, worden ook nu beoordeeld, al is dat dan door leden van de projectgroep. Iedereen met een goed plan is welkom.”

‘Om pps op gang te krijgen hebben we nu een paar successen nodig’

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels